Hond tijdens verblijf gebeten door andere hond; pension aansprakelijk

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een in oktober 2009 tussen partijen gesloten overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot de huisvesting en verzorging van een hond gedurende de vakantie van de consument. De overeenkomst is uitgevoerd in januari 2010.

De consument heeft op 3 februari 2010 de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

De consument heeft een bedrag van € 424,51 bij de commissie gedeponeerd.

Standpunt van de consument

Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.

Onze hond is gedurende zijn verblijf in het pension van de ondernemer gebeten door een andere hond met vrij ernstige gevolgen. Er was onmiddellijk diergeneeskundige hulp noodzakelijk de ondernemer is met het dier naar een veterinaire kliniek gegaan, waar de hond is behandeld. Dat heeft € 424,51 gekost. De ondernemer heeft dit bedrag aan ons doorberekend. Daar zijn wij het niet mee eens. De ondernemer is naar onze mening aansprakelijk voor het welzijn van de dieren die hij in bewaring neemt en hij dient dus gebeurtenissen als deze te vermijden. Nu onze hond is gebeten door een andere hond die in het pension logeerde, is de ondernemer tekort geschoten in zijn zorgplicht. Hij dient de kosten dus voor zijn eigen rekening te nemen.

De consument verlangt creditering van de hem in rekening gebrachte kosten van € 424,51.

Standpunt van de ondernemer

Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.

Wanneer wij een hond innemen overleggen wij altijd met de eigenaar over de mogelijkheid om het dier te laten verkeren in het gezelschap van andere honden (wat de meeste honden het prettigst vinden) of in afzondering. Het verblijf in een groep heeft uiteraard meer risico’s. Daar wijzen wij de eigenaar dan ook op, die vervolgens een keuze moet maken, omdat hij zijn dier het beste kent. De consument heeft ervoor gekozen zijn hond in een groep te laten verblijven. Wij doen uiteraard ons uiterste best om ervoor te zorgen dat er geen ongelukken gebeuren. Desondanks zijn gebeurtenissen als deze niet 100% te vermijden. De hond van de consument is nogal overheersend en zeer actief, waarvan andere honden niet altijd gediend zijn. In dit geval heeft dat geleid tot het bijtincident, dat wij helaas niet konden voorkomen. Omdat wij alle zorg hebben betracht die van ons kan worden verwacht, achten wij ons niet aansprakelijk voor de gevolgen. Wij hebben een aanzienlijke hoeveelheid tijd en energie aan het incident besteed en ook geld doordat wij de bijtwond hebben verzorgd en het dier naar de dierenarts hebben gebracht en weer opgehaald.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

In artikel 15 van de toepasselijke algemene voorwaarden bestemd voor dierenpensions die lid zijn van [de branchevereniging] is de aansprakelijkheid van de dierenpensionhouder geregeld. Kort samengevat komt dit erop neer dat de ondernemer tegenover de consument aansprakelijk is voor schade die het gevolg is van een tekortkoming die aan hem of aan personen in zijn dienst is toe te rekenen. De consument is op zijn beurt jegens de ondernemer aansprakelijk voor schade die is veroorzaakt door onaangepast of afwijkend gedrag van het gastdier. Volgens artikel 7:602 BW moet de bewaarnemer bij de bewaring de zorg van een goed bewaarder in acht nemen. Tegen de achtergrond van deze bepalingen is de commissie van oordeel dat de ondernemer jegens de consument is tekortgeschoten in zijn verplichting om als een goed bewaarder voor de hond van de consument te zorgen. Het ligt juist op het terrein van specialisten als de ondernemer te voorkomen dat incidenten met ernstige gevolgen als het onderhavige plaatsvinden, tenzij het voorkomen daarvan als gevolg van overmacht, waaronder in het algemeen is te verstaan een van buiten komend niet voorzienbaar onheil, niet mogelijk is. De ondernemer heeft aangevoerd dat de hond van de consument door zijn spontaan en mogelijk opdringerig gedrag afweermechanismen bij andere honden activeert, maar dat is onvoldoende om van overmacht te kunnen spreken, te minder nu de ondernemer de hond van de consument van eerdere logeerpartijen kent, zoals uit de stukken van het geschil is gebleken. Hierbij komt nog dat de ondernemer zich kan verzekeren tegen aansprakelijkheid voor de gevolgen van gebeurtenissen als de onderhavige en daarmee de schade voor een ieder kan beperken. Ter zitting bleek dat de ondernemer een dergelijke verzekering niet heeft afgesloten.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De ondernemer crediteert de consument voor de in rekening gebrachte kosten van de diergeneeskundige behandeling.

Het depotbedrag ad € 424,51 wordt aan de consument geretourneerd.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie als bijdrage in de behandelingskosten van het geschil een bedrag verschuldigd van € 50,--.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Gezelschapsdieren op 26 november 2010.

Commissie: Gezelschapsdieren

Referentienummer: 38253

Delen?

Was deze informatie duidelijk?

“Om de gehele uitspraak te printen: klik alle subkopjes open en print dan de pagina”
Terug naar boven