Auto had volgens BOVAG garantievoorwaarden een onderhoudsbeurt moeten krijgen

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Voertuigen    Categorie: (On)deugdelijke levering/reparatie/onderhoud    Jaartal: 2013
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: VOE07-0373

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een op 28 november 2006 tussen partijen totstandgekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een gebruikte [merknaam] [type] tegen de daarvoor door de consument te betalen prijs van € 18.950,–. De overeenkomst is uitgevoerd op of omstreeks 28 november 2006.   Standpunt van de consument   Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.   De ondernemer komt verplichtingen voortvloeiend uit BOVAG garantie niet na. Dit geldt tevens voor de servicewerkzaamheden zoals vermeld op de website. Het betreft: onderhoudsbeurt, vervangen distributieriem.   De ondernemer heeft de auto verkocht met een voor 95% versleten distributieriem die volgens de dealer bij 75.000 kilometer/vijf jaar oud moet worden vervangen. Deze werkzaamheden hadden bij de afleverbeurt moeten worden uitgevoerd. Deze beurt is niet door de ondernemer uitgevoerd. Bij verkoop is van beide geen melding gedaan.   Standpunt van de ondernemer   Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.   Wij hebben in eerste instantie afgesproken dat de auto geleverd zou worden met onze huisgarantie van drie maanden op motor en versnellingsbak. Alles in afwachting van de ANWB aankoopkeuring. De dag dat de consument de auto kwam ophalen, besliste hij op dat moment om zes maanden BOVAG garantie te nemen. Het klopt dat de auto dan een onderhoudsbeurt dient te krijgen bij afleveren. Echter deze auto had onlangs een kleine onderhoudsbeurt gehad bij de [merknaam] dealer, dus was het voor de consument geen probleem, want het gereden aantal kilometers was heel gering. De APK-keuring loopt tot september 2007. Ik heb wel degelijk aangegeven hoe het onderhoudsverhaal en APK in elkaar zitten bij deze auto. De consument was op de hoogte dat de auto daarom ook geen onderhoudsbeurt zou krijgen. Ook niet in de toekomst. En omdat de auto ANWB gekeurd was en er geen enkele aanmerking was, was het voor de consument geen enkel probleem en heeft hij de auto gekocht en direct meegenomen. Het feit dat de consument nu stelt dat wij onze verplichtingen niet nakomen met betrekking tot de onderhoudsbeurt betreuren wij ten zeerste temeer omdat wij hier uitgebreid over gesproken hebben.   Wij vervangen de distributieriem indien de importeur dit voorschrijft binnen 5.000 kilometer voor een benzinemotor. De distributieriem dient volgens de importeur bij 120.000 kilometer of na vijf jaar vervangen te worden. Op het moment dat de consument de auto aanschafte, was de kilometerstand 70.812 kilometer en was de auto nog geen vijf jaar oud. Daarbij komt nog dat de auto onlangs een onderhoudsbeurt had gekregen bij de [merknaam] dealer en dus op het moment van afleveren geen onderhoudsbeurt nodig had.   Beoordeling van het geschil   De commissie heeft het volgende overwogen.   Bij aflevering had de auto conform de toepasselijke BOVAG voorwaarden een onderhoudsbeurt moeten hebben gehad. Nu de auto tegen de vijf jaar oud was had – daarbij – de distributieriem met toebehoren moeten worden vervangen, zulks gelet op het onderhoudsschema van [merknaam] (5 jaar/120.000 km). Gezien de betrekkelijk halsstarrige houding van de ondernemer heeft de consument er goed aan gedaan de riem c.a. te doen vervangen – kosten: € 1.356,84, zulks uit hoofde van het treffen van schadebeperkende maatregelen met toebehoren.   Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.   Derhalve wordt als volgt beslist.   Beslissing   De ondernemer betaalt aan de consument een vergoeding van € 1.356,84. Betaling dient plaats te vinden binnen een maand na de verzenddatum van dit bindend advies.   Indien betaling niet tijdig plaatsvindt, betaalt de ondernemer bovendien de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de verzenddatum van het bindend advies.   De commissie wijst het meer of anders verlangde af.   Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 112,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.   Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie als bijdrage in de behandelingskosten van het geschil een bedrag verschuldigd van € 330,–.   Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, op 25 juli 2007.