Consument kan niet (voldoende) aantonen dat schade veroorzaakt is door fout van de ondernemer

  • Home >>
  • Wonen >>
De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Wonen    Categorie: Bewijs    Jaartal: 2013
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: WON-200823

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil   Het geschil vloeit voort uit een op 29 april 1999 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren en plaatsen van een keuken met apparatuur tegen de daarvoor door de consument te betalen prijs van ƒ 24.084,–. De levering is geschied op of omstreeks 21 juni 1999.   De consument heeft op 25 januari 2000 de klacht voorgelegd aan de ondernemer.   Standpunt van de consument   Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak:   Wij hebben sinds wij in ons huis wonen altijd een gemid­deld stroomverbruik gehad van 3500 KW/H per jaar. In 1999, het jaar waarin onze nieuwe keuken met inductie­kookplaat is geplaatst, hebben wij bijna drie keer zoveel stroom verbruikt. Bij het doormeten van onze elektrische apparaten hebben wij geen afwijking kunnen constateren. De inductiekookplaat konden wij niet doormeten vanwege de speciale stekker, die er aan zit. Na het uitschakelen van de kookplaat ging de elektriciteitsmeter beduidend lang­zamer lopen. Het bleek dat het apparaat, ook als het niet in gebruik was, 40 KW/H per dag gebruikte. Er is een monteur van de leverancier geweest om de kook­plaat te controleren. Hij heeft de stekker losgemaakt, iets van de draad gesneden en een klem geplaatst om het apparaat door te meten. Vervolgens heeft hij de stekker weer in elkaar gezet. Na het vertrek van de monteur hebben wij geen verhoogd stroomgebruik meer gehad. Wij zijn van mening dat de stekker van de kookplaat niet goed aangesloten was. Wij zitten met een schadepost van ƒ 1.817,36 te betalen aan het energiebedrijf. Bovendien is het maandelijks door ons te betalen voorschot met ƒ 123,02 verhoogd. Wij stellen de ondernemer aansprakelijk voor de door ons geleden schade daar hij de stekker van de inductiekook­plaat niet goed heeft aangesloten.   Standpunt van de ondernemer   Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak:   De leverancier heeft op ons verzoek een monteur naar de consument gestuurd. Uit het servicerapport blijkt dat wij de inductiekookplaat juist hebben aangesloten. De monteur van de leverancier vermoedt dat de installatie in het huis van de consument niet goed functioneert. Naar onze mening zijn wij niet aansprakelijk voor de hoge energie­kosten van de consument.   Deskundigenrapport   De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport, voor zover thans van belang, het volgende vastgesteld:   De oorzaak van de klacht is door mij moeilijk te contro­leren. Aan de hand van de energierekeningen van de consu­ment stel ik vast dat de energienota’s van voor de in­stallatie een regelmatig beeld gaven. Na de installatie van de keuken ontstond er een enorm hoog energieverbruik. Na het bezoek van de monteur zijn de energienota’s weer normaal.   Beoordeling van het geschil   De commissie heeft het volgende overwogen:   Evenals de deskundige heeft de commissie aan de hand van de stukken kunnen constateren dat er over de periode 1999 een hoog energieverbruik in de woning van de consument is geweest. Aan de hand van de ter zitting overgelegde energienota over 2000 blijkt dat het energiegebruik thans weer min of meer overeenkomt met het gebruik over de jaren van voor 1999. Dat het tijdelijk verhoogde gebruik voortkomt uit een verkeerde aansluiting van de inductie­kookplaat en derhalve veroorzaakt is door een aan de ondernemer toe te rekenen tekortkoming is niet afdoende gebleken. Meer dan een vermoeden heeft de consument niet staande kunnen houden. De commissie constateert dat de service­monteur van de leverancier heeft vastgesteld dat de induc­tiekookplaat goed was aangesloten. Een technische fout in het toestel zelf is evenmin aan het licht gekomen. Dit doet het thans weer normale energieverbruik ook niet vermoeden. Bovendien heeft de consument verklaard dat het toestel steeds naar behoren heeft gefunctioneerd. Om met succes de ondernemer aansprakelijk te kunnen stellen voor de door hem geleden schade dient de consu­ment aan te tonen dat de schade is veroorzaakt door een door de ondernemer gemaakte fout. De consument heeft dit naar het oordeel van de commissie niet, althans onvoldoende, kunnen doen.   Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is en dat als volgt dient te worden beslist.   Beslissing   Het door de consument verlangde wordt afgewezen.   Aldus beslist door de Geschillencommissie Wonen, op 24 januari 2001.