Consument toont aan dat buskaart wel gekocht is; boete is onterecht

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Openbaar Vervoer    Categorie: Kosten    Jaartal: 2023
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: gegrond   Referentiecode: 212907/221907

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

Dit geschil vloeit voort uit een vervoersovereenkomst tussen consument en ondernemer. Hierbij heeft ondernemer zich verplicht een buskaartje aan consument te leveren. Consument heeft in een bus van ondernemer een buskaartje gekocht. Op het moment van controle kon consument het kaartje niet vinden en kreeg een boete. Consument kon wel aantonen via een Apple Pay afschrift dat het kaartje gekocht is en wil het geld van de boete terugkrijgen van ondernemer. Ondernemer heeft wat consument heeft gesteld niet weersproken. De commissie verklaart de klacht gegrond.

De uitspraak

Behandeling van het geschil
Partijen zijn overeengekomen dit geschil bij bindend advies door de Geschillencommissie Openbaar Vervoer (verder te noemen: de commissie) te laten beslechten.
De commissie heeft kennisgenomen van de overgelegde stukken.
De behandeling heeft plaatsgevonden op 14 november 2023 te Utrecht.
De commissie heeft de behandeling van het geschil op basis van de stukken, zonder mondelinge behandeling, afgedaan.

Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft de vraag of de controleur van de ondernemer terecht de consument heeft beboet vanwege het niet beschikken over een geldig vervoersbewijs.

Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern en voor zover van belang voor een uitspraak in deze komt het standpunt op het volgende neer.
De consument heeft in Almere Centrum in een bus van de ondernemer direct na het instappen een kaartje gekocht. Even later is hij gecontroleerd en kon toen zijn kaartje niet vinden en kreeg ook geen tijd om te zoeken. Er werd meteen een boete van € 55,– uitgeschreven. Met een afschrift van Apple Pay heeft hij aangetoond wel degelijk een vervoersbewijs te hebben gekocht en wil de ten onrechte betaalde boete terugontvangen.

Standpunt van de ondernemer
De ondernemer heeft na daartoe in de gelegenheid te zijn gesteld, geen verweer gevoerd.

Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Naar het oordeel van de commissie heeft de consument met een Apple pay afschrift en het kaartje aangetoond een vervoersbewijs te hebben gekocht voor het traject waarvoor hij is gecontroleerd. De ondernemer heeft hetgeen de consument daarover stelt geen verweer gevoerd en derhalve niet weersproken.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is en zal bepalen dat de ondernemer binnen twee weken na verzending van deze uitspraak aan de consument een bedrag van € 55,– moet betalen.
Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De commissie verklaart de klacht gegrond en bepaalt dat de ondernemer binnen twee weken na verzending van deze uitspraak aan de consument een bedrag van € 55,– moet betalen.
Bepaalt voorts dat de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie ter zake van het klachtengeld een bedrag van € 27,50 aan de consument moet betalen binnen twee weken na verzending van deze uitspraak.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Openbaar Vervoer, bestaande uit de heer mr. N. Schaar, voorzitter, de heer mr. P. Vonk, de heer mr. M.A. Keulen, leden, op 14 november 2023.