De reparatie was niet in opdracht doch wel noodzakelijk. Aanleiding de kosten te matigen.

  • Home >>
  • Voertuigen >>
De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Voertuigen    Categorie: Orderbevestiging    Jaartal: 2014
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: VOE97-0051

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil
  Het geschil vloeit voort uit een op 12 november 1996 tussen partijen tot stand gekomen reparatie-overeenkomst. De onderne­mer heeft zich daar­bij ver­plicht tot reparatiewerk­zaamheden tegen de daarvoor door de consument te beta­len prijs van f 969,65. De reparatie is geschied om­streeks 12 tot en met 14 november 1996.   De consument heeft op 14 en 15 november 1996 de klacht voorge­legd aan de onderne­mer.   De consument heeft in verband met dit geschil een bedrag van f 144,42 niet betaald. Dit bedrag is overeenkomstig het Regle­ment bij de Commissie gedeponeerd.   Standpunt van de consument
  Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak:   De ondernemer heeft zonder opdracht en overleg en kennisgeving een algehele achterremvervanging uitgevoerd. Vanaf het begin is overeengekomen dat ik zelf de reparaties zou uitvoeren. Ik heb ook zelf reparaties uitgevoerd. Er is geen ‘cart blanche’ en ‘APK klaarmaken’ afgesproken.   De consument verlangt: auto in oude staat terugbrengen en vergoeding van f 500,– (gederfd gebruik gedurende 2 maanden).   Standpunt van de ondernemer
  Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak:   Omdat we met de consument overeengekomen zijn dat de auto APK klaar­gemaakt zou worden, hebben we nieuwe remcilinders (oude waren lek) en remschoenen gemonteerd. De auto is hierna goed­gekeurd. Omdat de consument zelf dan wel zijn ‘deskundige’ de remmen niet APK waardig had gemaakt en omdat vervanging in elk geval noodzakelijk was voor een APK goedkeuring, hebben wij de reparatie uitgevoerd.
  Beoordeling van het geschil
  De Commissie heeft het volgende overwogen:   Als enerzijds gesteld en anderzijds niet althans onvoldoende weersproken gaat de Commissie bij haar beoordeling uit van de navolgende feiten en omstandigheden. De consument heeft zijn auto, Renault Traffic, bij de ondernemer aangeboden voor een APK-keuring waarbij overeengekomen is dat de consument eventu­eel noodzakelijke reparaties zelf zou uitvoeren c.q. laten uitvoeren. Partijen hebben overeenkomstig deze afspraken gehandeld met dien verstande dat de auto meerdere keren ter keuring is aangeboden waarbij de ondernemer steeds tekortko­mingen heeft geconstateerd. In aanvulling op de oorspronkelij­ke opdracht aan de ondernemer heeft de consument de ondernemer nog opdracht gegeven om: – de vloerbalkjes nader te richten c.q. lassen; – de claxon controleren; – de ruitensproeier controleren c.q. plaatsen. Partijen twisten omtrent de kosten van vervanging van de remcilinders, remschoenen en borgmoeren (materiaalkosten) en het daarbijbehorende arbeidsloon. De consument betwist de verschuldigdheid omdat hij tot laatstgenoemde reparatie geen opdracht heeft gegeven en de ondernemer evenmin overleg heeft gevoerd. De ondernemer heeft de consument voor alle werkzaam­heden en materialen f 969,65 (zie specificatie) in rekening gebracht. De Commissie is van oordeel dat de consument in elk geval de kosten van de wel door hem opgedragen werkzaamheden en bijgeleverde materialen is verschuldigd. Nu de consument de noodzakelijkheid van de reparatie van de remmen niet heeft betwist, dient te worden vastgesteld dat de ondernemer de reparatie op zichzelf terecht heeft uitgevoerd. De consument heeft hiertoe de ondernemer evenwel niet uitdrukkelijk opdracht gegeven (zie brief ondernemer 28.7.97, pg. 2): ….om de zoveelste ‘loze’ keu­ring te voorkomen, hebben we besloten om de remreparatie maar uit te voeren).   Onder deze omstandigheden acht de Commissie termen aanwezig de kosten van reparatie aan de rem op basis van redelijkheid en billijk­heid zodanig te matigen dat de ondernemer gehouden is de consument te crediteren voor een bedrag van f 246,75 (inclu­sief BTW).   Op grond van voorgaande is de Commissie van oordeel dat de klacht ten dele gegrond is en dat als volgt dient te worden beslist.   Nu de klacht van de consument ten dele gegrond is acht de Commissie termen aanwezig het door de ondernemer verschuldigde klachtengeld te matigen als nader te melden.   Beslissing
  De ondernemer betaalt aan de consument een vergoeding van f 102,33. Betaling dient plaats te vinden binnen een maand na de verzenddatum van dit bindend advies. Indien betaling niet tijdig plaatsvindt, betaalt de ondernemer bovendien de wette­lijke rente over dit bedrag..    Aldus beslist door de Geschillencommissie Auto op 3 september 1997.