Diefstal open motorboot uit haven; toerekenbaarheid ondernemer niet gebleken.

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Waterrecreatie    Categorie: HISWA-voorwaarden Huur en Verhuur Lig- en/of Bergplaatsen    Jaartal: 2014
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: WAT97.006

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil
 
De boot van de consument, een Norgrand polyester open motorboot, is gestolen vanuit de haven van ondernemer in het winterseizoen 1996/1997.

Standpunt van de consument
 
Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak:
In het voorjaar van 1996 heeft de consument bemerkt dat zijn Norgrand open motorboot was gestolen uit de haven van de ondernemer, alwaar de consument een ligplaats had gehuurd. De boot was niet aan de ketting gelegd en de consument was niet verzekerd tegen diefstal van de boot.
 
De consument acht de ondernemer tekort schieten in zijn verplichtingen ex artikel 8 en 9 van de algemene voorwaarden.
 
Zeer beeldend voor het gebrek aan toezicht vindt de consument het feit dat het niet de ondernemer, maar hij, de consument, is geweest die de diefstal heeft opgemerkt.
 
De consument heeft, alhoewel het zijn eerste jaar als bootbezitter was, van de ondernemer geen enkele handreiking gekregen bij het bedenken van wegen om de boot terug te krijgen, bijvoorbeeld door het informeren van sluiswachters.
 
Ter zitting gaf de consument aan dat de ondernemer hem, als leek in watersport, had moeten waarschuwen voor het risico van diefstal.
 
De consument heeft het als grievend ervaren dat de ondernemer de diefstal met amper twee woorden afdeed

Standpunt van de ondernemer
 
Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak:
De consument heeft de haven kunnen inspecteren alvorens hij er de boot stalde. De consument was derhalve bekend met het open karakter van de haven.
 
De ondernemer valt in redelijkheid geen enkel verwijt te maken. Diefstal zal vanaf het water hebben plaatsgevonden, hetgeen, naar algemeen bekend mag worden verondersteld, veel vaker voorkomt doch helaas niet altijd valt te voorkomen.
 
De ondernemer is vrijwel dag en nacht aanwezig. Zij woont naast de ingang en er is ook een hond aanwezig die aanslaat als personen de jachthaven betreden.
 
De ondernemer heeft nimmer aan de consument medegedeeld of een toezegging gedaan dat zij verzekerd zou zijn tegen diefstal. Het mag integendeel bekend worden verondersteld dat de eigenaren van boten er buitengewoon verstandig aan doen zich zelf tegen diefstal te verzekeren. De consument heeft dit kennelijk nagelaten.
 
De ondernemer gaat er van uit dat ontvreemding van de boot heeft plaats gevonden daags voordat de consument de vermissing bemerkte.
 
De ondernemer verhuurt ligplaatsen en het kan in redelijkheid niet zo zijn dat zij door de loutere verhuur gehouden wordt bij verdwijning of diefstal de aldaar gestalde objecten te vergoeden. De betreffende objecten liggen er voor rekening en risico van de eigenaar. De ondernemer heeft, gezien alle omstandigheden, op een normale en gebruikelijke wijze voldaan aan haar zorgplicht.
 
Ter zitting gaf de ondernemer aan dat de eigenares van de haven in de desbetreffende winter in een caravan op het haventerrein woonde, omdat er onderhoud aan haar woning werd verricht. Zodoende was er sprake van meer dan gemiddeld toezicht.

Beoordeling van het geschil
 
De Commissie heeft het volgende overwogen:
Ingevolge artikel zeven, tweede lid van de toepasselijke HISWA-voorwaarden is de ondernemer gehouden om voldoende toezicht te houden om de goede gang van zaken op het haventerrein en op de vaartuigen te handhaven.
 
Dit artikellid vrijwaart consumenten echter niet tegen het risico van diefstal. De Commissie neemt daarbij in acht dat een jachthaven een open karakter heeft, nu deze zowel over land als over water bereikbaar is, en dat zelfs meerdere nachtelijke controleronden niet zouden kunnen verhinderen dat diefstal zou plaats kunnen vinden. Er is ook niet gebleken dat de ondernemer via bijvoorbeeld reclame-uitingen bijzondere mededelingen heeft gedaan over het veilige karakter van de haven.
 
De Commissie kan begrip opbrengen voor het standpunt van de consument dat het hem griefde toen de ondernemer niet veel compassie heeft betoond toen de diefstal werd gemeld. Dit kan aan de beslissing van de Commissie als zodanig echter niet afdoen. Het is primair de taak van de consument zelf om zich te beschermen tegen (de gevolgen van ) diefstal van zijn boot, door zich te verzekeren en door de boot goed vast te leggen.
 
Op grond van het voorgaande is de Commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Beslissing
 
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
 
Aldus beslist door de Geschillencommissie Waterrecreatie op 3 september 1997.