een diamant kan door een harde stoot beschadigen. De ondernemer had de consument hierop moeten wijzen bij aankoop, maar is niet verantwoordelijk voor schade. Schade wordt door beide partijen gedragen

  • Home >>
  • Sieraden en Uurwerken >>
De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Sieraden en Uurwerken    Categorie: Beschadiging    Jaartal: 2016
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: 97737

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft de vervangingskosten/reparatiekosten van een gebroken diamant in een solitair ring die bij de ondernemer is gekocht op 27 juli 2013 voor een prijs van € 2.585,–.

De consument heeft de klacht op 20 juni 2015 schriftelijk voorgelegd aan de ondernemer.

Standpunt van de consument

Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.

Op 21 juni 2015 heb ik de ring met diamant ter reparatie aangeboden bij de ondernemer. De diamant in de ring is gebroken. Volgens de ondernemer is de breuk van de diamant niet het gevolg van de kwaliteit van de ring zodat dat niet onder de garantie valt. De schade zou door gebruik zijn ontstaan. De ring zou kunnen worden gerepareerd voor een prijs van € 379,–; voor die prijs wordt er een nieuwe diamant in de ring geplaatst. Ik ga niet akkoord met dat voorstel. Ik vind dat de ondernemer de steen kosteloos dient te vervangen. Bij de aankoop van de ring mocht ik verwachten dat een diamant van deze grote en kwaliteit levenslang meegaat. Ik ben van mening dat deze problemen niet hadden mogen ontstaan, gelet op de ouderdom, de aanschafprijs en de aard van de schade (breuk in de steen). Het is algemeen bekend dat een diamant niet slijt en niet breekt. Er is sprake van non-conformiteit. Gelet op de aard van de zaak (diamant is de hardste steensoort) en de mededelingen die de ondernemer over de zaak had moeten doen (de ondernemer had moeten melden dat een diamant ook bij normaal gebruik zou kunnen breken) ben ik van mening dat de geleverde diamant niet de eigenschappen bezit die ik als koper op grond van de koopovereenkomst mocht verwachten. Zou een diamant door normaal gebruik kunnen breken dan had de ondernemer dit bij de aankoop van de ring moeten melden. Het is essentieel om te weten dat een diamant door normaal gebruik kapot kan gaan; dat is ons nooit verteld. Daarnaast heb ik (subsidiair) het vermoeden dat de schade al eerder is ontstaan, namelijk tijdens het verkleinen van de ring in maart 2015. Kort daarna is namelijk de diamant gebroken. Verder heb ik tot nog toe geen schaderapport of foto’s van de beschadigde diamant kunnen zien. Ik heb ook het vermoeden dat de schade niet zorgvuldig is beoordeeld.

Ter zitting heeft de consument verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

Ik heb de ring destijds cadeau gekregen, het was/is mijn trouwring. Ik ben bekend met de ondernemer en heb daar eerder aankopen gedaan. De ring met diamant is mijn derde of vierde aankoop. Er is mij uitsluitend een algemene voorlichting gegeven, inhoudende dat ik langs kon komen om de ring te laten nakijken en voor het reinigen. Dat de diamant bij normaal gebruik zou kunnen breken is mij nooit verteld. Ik heb geen voorlichtingsfolder of iets dergelijks meegekregen, uitsluitend een certificaat. In juni bemerkte ik dat de steen/diamant wat loszat, bij toeval kwam ik daarachter. Ik zag dat een klein stukje van de diamant was afgebroken. Dat is ook bevestigd door de ondernemer. Zij gaven aan dat ik geen garantie kreeg, hetgeen verrassend was voor mij. Ik heb de ring dagelijks gedragen, ik weet niet of en zo ja wanneer de schade zou kunnen zijn ontstaan. Ik droeg de ring ook met het afwassen. Ik vind dat de schade niet had mogen ontstaan. Ik had nog nooit gehoord dat een diamant kon breken bij normaal gebruik. Diamant is toch het hardste materiaal/mineraal.

De consument verlangt dat de ondernemer de diamant kosteloos zal vervangen voor een diamant van dezelfde kwaliteit en gewicht.

Standpunt van de ondernemer

Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.

Van de betreffende ring is de diamant gebroken. Er is geconcludeerd dat de breuk van de diamant niet het gevolg is van de kwaliteit van de ring en dus niet onder garantie valt. De ring kan worden gerepareerd voor een serviceprijs van € 379,–. Voor deze prijs wordt er een nieuwe diamant in de ring geplaatst en wordt de rest van de ring zo goed als nieuw gemaakt. De betreffende diamant die in de ring wordt geplaatst, heeft normaal een waarde van € 1.000,–; voor de consument wordt dus echt een serviceprijs berekend. Er is geconcludeerd dat de diamant is gebroken door gebruik. Een diamant is inderdaad de hardste steen ter wereld, maar de plaats van bijvoorbeeld een hardere aanraking, kan alsnog voor een breuk zorgen in de steen. De diamant heeft aan insluitselkwaliteit SI, hetgeen inhoudt dat de steen voldoet aan imperfecties en bijvoorbeeld meer kwetsbaar is dan een VS of VVS.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

De vraag in deze zaak is of de consument terecht aanspraak kan maken op een kosteloze vervanging van de gebroken diamant in de ring. De commissie is van oordeel dat dat in principe niet het geval is. Anders dan de consument veronderstelt kan ook een diamant breken. Hoewel diamant het hardste mineraal is en in dat opzicht buitengemeen duurzaam is, kan er bij een (harde) stoot in de richting van een kristalvlak toch een stukje afspringen/afbreken. Door het dagelijks dragen en daarbij stoten (zoals ook bij afwassen het geval kan zijn) kan er toch een stukje afbreken. Dat staat verder ook los van de kwaliteit/zuiverheid van de diamant, zoals in deze zaak een SI insluitsel. Dat de reparatie/verkleining van de ring in maart 2015 in causaal verband zou staan tot de schade acht de commissie evenmin aannemelijk. De geconstateerde breuk (die ter zitting ook door een commissielid is waargenomen) heeft niet(s) met de kwaliteit van de diamant te maken zodat in dat verband de consument ook geen beroep toekomt op een eventuele garantiebepaling/voorwaarde, nog afgezien van het feit dat op basis van de toepasselijke algemene voorwaarden (artikel 10) de garantie zich alleen uitstrekt over een termijn van zes maanden na aankoop. Aldus zou een schade zoals zich in deze zaak heeft voorgedaan in principe voor rekening en risico komen van de consument zelf. Desalniettemin is de commissie van oordeel dat in deze zaak de ondernemer tekort is geschoten in zijn informatie-/mededelingsplicht jegens de consument ten tijde van de aankoop. Immers, uit niets is gebleken dat de ondernemer de consument (dan wel haar partner) heeft geïnformeerd over het feit dat ook diamanten (bij gebruik) kunnen breken. Het had van de ondernemer verwacht mogen worden dat hij de consument bij de aankoop van een diamant zulke (basale en essentiële) informatie over de diamant had verstrekt; de ondernemer had dat mondeling en bij voorkeur schriftelijk (middels een brochure of iets dergelijks over de diamant) aan de consument kunnen laten weten, hetgeen overigens gangbaar is in de branche van de ondernemer. Dat dat niet is gebeurd, hetgeen ook niet door de ondernemer is gesteld, valt hem in dat opzicht euvel te duiden. In het licht van de omstandigheden van het geval acht de commissie het dan ook redelijk en billijk dat beide partijen de helft van de becijferde vervangingskosten van € 379,– voor hun rekening nemen, derhalve een ieder voor een bedrag van € 189,50.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht (deels) gegrond is, zodat de ondernemer eveneens gehouden is om het door de consument betaalde klachtengeld te vergoeden.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

Indien en voor zover de consument de opdracht tot vervanging van de diamant aan de ondernemer zal verstrekken, dan dient zij daarvoor het bedrag van € 189,50 aan de ondernemer te betalen (waarbij de ondernemer ter zake die vervangingskosten hetzelfde bedrag voor zijn rekening neemt).

Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van
€ 77,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie als bijdrage in de behandelingskosten van het geschil een bedrag verschuldigd van € 75,–

De commissie wijst het meer of anders verlangde af.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Sieraden en Uurwerken op 15 januari 2016.