Gerekende kosten bij een reparatiebezoek.

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Zonwering    Categorie: Kosten    Jaartal: 2023
Soort uitspraak: bevoegdverklaring   Uitkomst: bevoegd   Referentiecode: 225457/237770

De uitspraak:

Waar gaat het geschil over?

Het geschil betreft de gerekende kosten bij een reparatiebezoek. De consument stelt dat de ondernemer geen werkzaamheden heeft uitgevoerd tijdens het bezoek, maar wel een factuur heeft gestuurd. De consument stelt dan ook dat er geen overeenkomst tot stand is gekomen tussen partijen en wenst dus ook niets te betalen. De ondernemer stelt daarentegen dat de monteur heeft gekeken wat er mis was met de garagedeur en dat materialen vervangen moeten worden. De factuur is daarvoor opgesteld. Er is dus wel sprake van een overeenkomst tussen partijen. De commissie oordeelt zichzelf voorlopig bevoegd om deze zaak te behandelen. Partijen is gevraagd voorafgaand aan de inhoudelijke behandeling van het geschil duidelijkheid te verschaffen over de van toepassing zijnde algemene voorwaarden: Romazovoorwaarden of andere algemene voorwaarden? De Romazovoorwaarden bepalen dat de Geschillencommissie Zonwering bevoegd is kennis te nemen van een geschil.

De uitspraak

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit op of omstreeks 19 september 2022 door de ondernemer uitgevoerde
werkzaamheden, betreffende het onderzoeken en waar mogelijk verhelpen van een storing aan de
automatische garagedeur van de consument. Daarvoor heeft de ondernemer aan de consument € 127,05
in rekening gebracht.
De werkzaamheden vonden plaats op of omstreeks 19 september 2022.
Het geschil betreft in dit stadium de vraag of tussen partijen een overeenkomst tot stand is gekomen en wat
dan de inhoud van die overeenkomst is.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt
het standpunt op het volgende neer.

De ondernemer heeft geen werkzaamheden uitgevoerd, alleen een offerte uitgebracht. Die is niet door de
consument geaccepteerd.
De ondernemer heeft toch een factuur gestuurd. De ondernemer had ook geen voorrijkosten mogen
rekenen, omdat dit van tevoren niet gezegd is. Bovendien stond dit niet in de algemene voorwaarden.

De consument heeft onder protest betaald bij de deurwaarder.
De consument verlangt terugbetaling van het betaalde bedrag.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern
komt het standpunt op het volgende neer.

De consument heeft contact opgenomen vanwege een storing aan de garagedeur. Daarop is een monteur
van de ondernemer naar de consument geweest, waarbij de motor geheel is nagekeken. De monteur kon
de storing niet verhelpen, er was een rail en een tandriem gebroken. Die moesten vervangen worden.
Daarvoor is een offerte afgegeven. In de verstrekte offerte zijn ook de kosten van de werkzaamheden op 19 september 2022 opgenomen.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

Op 19 september 2022 is een monteur van de ondernemer bij de consument geweest. Volgens de
ondernemer is de monteur naar de consument gegaan naar aanleiding van een storingsmelding. De
consument heeft niet ontkend dat sprake is geweest van een storingsmelding aan de ondernemer.
De commissie is van oordeel dat de door die melding van de storing door de consument aan de
ondernemer en de kennelijk gemaakte afspraak dat een monteur de situatie ter plaatse zou bekijken
voldoende aannemelijk is geworden dat op dat punt tussen partijen een overeenkomst tot stand is
gekomen. Een telefonische storingsmelding kan immers niet worden gezien als een vrijblijvende uitnodiging
om een consument te bezoeken, zodat dat daarvoor kosten in rekening gebracht kunnen worden.
De commissie gaat er daarbij vanuit dat de inhoud van de overeenkomst geweest is het onderzoeken van
de storing en het waar mogelijk verhelpen daarvan.

Uit hetgeen partijen hebben gesteld, blijkt dat de monteur ter plaatse is geweest en dat daarbij de storing
beoordeeld is. Omdat de storing niet meteen verholpen kon worden en dus kennelijk meer materiaal en
arbeid noodzakelijk was, is door de ondernemer een offerte uitgebracht. Die offerte is vervolgens niet door
de consument geaccepteerd.

Dat neemt niet weg dat er, zoals aangegeven, wel degelijk opdracht is gegeven voor beoordeling van de
storing en het waar mogelijk verhelpen daarvan. Het niet accepteren van de offerte voor
vervolgwerkzaamheden doet daar niet aan af.

Voor zover de commissie heeft kunnen beoordelen is de opdracht tot onderzoeken en waar mogelijk
verhelpen van de storing niet schriftelijk gegeven, dan wel schriftelijk is bevestigd. Daarbij is de commissie
ook niet gebleken dat op de overeenkomst enige set algemene voorwaarden van toepassing is verklaard.
Dat was eenvoudig mogelijk geweest door het bijvoorbeeld per e-mail versturen van een
opdrachtbevestiging met daarbij gevoegd de algemene voorwaarden, dan wel het voor aanvang van het
werk laten tekenen van een opdracht bon, ook weer vergezeld van de toepasselijke algemene
voorwaarden.

De consument heeft wel verschillende sets algemene voorwaarden overgelegd, waarbij de consument
kennelijk de toepasselijkheid ervan als uitgangspunt neemt. De ondernemer heeft vervolgens
toepasselijkheid van algemene voorwaarden niet weersproken. Bovendien verwijst de ondernemer op zijn
website naar verschillende algemene voorwaarden, waaronder ook de Romazovoorwaarden.

De bevoegdheid van de commissie om bindend te adviseren in geschillen is gebaseerd op een daartoe
strekkende, tussen partijen gemaakte afspraak, meestal opgenomen in toepasselijk verklaarde algemene
voorwaarden. Niet is gebleken dat algemene voorwaarden tussen partijen van toepassing zijn verklaard.
Voor de commissie is echter onduidelijk of hetzij tussen partijen eerder overeenkomsten zijn gesloten
waarbij de toepasselijkheid van algemene voorwaarden uitdrukkelijk afgesproken is, hetzij partijen
uitdrukkelijk de toepasselijkheid van algemene voorwaarden en bevoegdheid van de commissie besproken
hebben.

Op grond van het voorgaande acht de commissie zich voorlopig bevoegd om het geschil te behandelen.
Daarbij is echter ruimte om alsnog te oordelen dat de commissie onbevoegd is.

Partijen dienen zich, voor zoveel nodig, nog uitdrukkelijk akkoord te verklaren met toepasselijkheid van de
Romazovoorwaarden.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De commissie verklaart zich voorlopig bevoegd het geschil te behandelen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Zonwering, bestaande uit mr. F.H.C.M. van Schaijk, voorzitter,
W.J.M. van den Berg en mr. M.J. Boon, leden, op 6 december 2023.
F.H.C.M. van Schaijk