In de schriftelijke overeenkomst wordt de mogelijkheid geboden maximale bedragen in te vullen die door de ondernemer als kosten voor rekening van de consument mogen worden gemaakt. Dit is echter niet gebeurd.

  • Home >>
  • Makelaardij >>
De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Makelaardij    Categorie: Factuur    Jaartal: 2009
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: MAK07-0030

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil   Het geschil betreft het verwijt van de consument aan de ondernemer dat deze in strijd met de overeenkomst kosten in rekening brengt na het intrekken van de opdracht.   De consument heeft een bedrag van € 285,46 niet betaald en bij de commissie in depot gestort.   Standpunt van de consument   Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.   Op 26 mei 2006 hebben wij de makelaar in de arm genomen. Wij hebben een bemiddelingsovereenkomst afgesloten waarin niets is ingevuld terzake van kosten. De makelaar heeft nooit meegedeeld dat de publiciteitskosten in rekening zouden worden gebracht. Wij hebben de intrekkingkosten betaald maar zijn verder niets verschuldigd.   Standpunt van de ondernemer   Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt. De ondernemer heeft gesteld dat advertenties zijn geplaatst overeenkomstig het beleid en in samenspraak met de consument. Volgens de ondernemer kan bij een succesvolle verkoop door hem worden bezien welke kosten worden doorberekend en welke niet of in mindere mate.   Beoordeling van het geschil   De commissie stelt vast dat in de schriftelijk tussen partijen overeengekomen bemiddelingsovereenkomst zoals neergelegd in een voorbedrukt model, de bepaling die in artikel 1 sub c de mogelijkheid biedt maximale bedragen in te vullen die door de ondernemer als kosten voor rekening van de consument mogen worden gemaakt, niet is ingevuld. In art. 4 daarentegen is wél ingevuld dat bij intrekking € 475,– verschuldigd is. Hieruit leidt de commissie af dat voorshands als vaststaand moet worden aangenomen dat geen publiciteitskosten naast de intrekkingkosten zijn overeengekomen. De ondernemer heeft ook niets ter staving van zijn afwijkende stellingname ingebracht. De klacht is mitsdien gegrond.   Derhalve wordt als volgt beslist.   Beslissing   De commissie verklaart de klacht gegrond.   De consument is niets verschuldigd aan de ondernemer.   Het in depot gestorte bedrag van € 285,46 wordt aan de consument overgemaakt.   Aldus beslist door de Geschillencommissie Makelaardij op 5 september 2007.