Koopovereenkomst elektrische fiets ontbonden

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Tweewielers    Categorie: Ontbinding overeenkomst    Jaartal: 2023
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: gegrond   Referentiecode: 214377/222983

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

Het geschil begint met aankoop van een elektrische fiets met gebreken. Het is de ondernemer niet gelukt de reparaties deugdelijk en tijdig uit te voeren. De consument verzocht de ondernemer na ongeveer 4 weken om aan hem een leenfiets ter beschikking te stellen. De ondernemer meldt nu geen leenfiets ter beschikking te kunnen stellen. Daarnaast heeft de ondernemer de fiets niet binnen een redelijke termijn gerepareerd. De consument heeft de ondernemer formeel in gebreke gesteld en hem in de gelegenheid gesteld om de fiets te repareren. De ondernemer heeft de reparatie niet binnen de gestelde termijn uitgevoerd. Bij brief heeft de consument op die grond de overeenkomst ontbonden en terugbetaling van het verzocht. De ondernemer is tekortgeschoten in de nakoming van de op hem rustende verplichtingen uit de reparatieovereenkomst. De commissie bepaalt dat de koopovereenkomst wordt ontbonden. Dit betekent dat de consument de fiets met alle papieren en toebehoren teruglevert aan de ondernemer, de ondernemer betaalt het gehele aankoopbedrag terug aan de consument.

 

Volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een op 9 juni 2021 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een nieuwe elektrische fiets van het merk Giant, type Prime E+, tegen een door de consument te betalen prijs van € 3.150,–. De overeenkomst is op 9 juni 2021 uitgevoerd. De consument heeft de klacht op 23 februari 2023 voorgelegd aan de ondernemer.

Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer. Nadat het display kapot was en ook de trapondersteuning uitviel, bracht de consument de fiets ter reparatie naar een servicepartner van de ondernemer te Nijmegen. Daarna informeerde de consument meermaals naar de status van de reparatie, waarop het antwoord steeds was dat er een onderdeel in bestelling was, waarvan de levering op zich liet wachten, maar wel binnenkort was te verwachten.
De consument verzocht de ondernemer na ongeveer 4 weken om aan hem een leenfiets ter beschikking te stellen. Het Nijmeegse filiaal van de ondernemer liet echter weten geen leenfiets ter beschikking te kunnen stellen. De ondernemer heeft derhalve de consument geen redelijk alternatief geboden voor de periode dat hij zijn fiets mist. De ondernemer heeft de fiets niet binnen een redelijke termijn gerepareerd. De consument heeft de ondernemer formeel in gebreke gesteld en hem tot 6 juni 2023 in de gelegenheid gesteld om de fiets te repareren. De ondernemer heeft de reparatie niet binnen de gestelde termijn uitgevoerd. Bij brief van 6 juni 2023 heeft de consument op die grond de overeenkomst ontbonden en terugbetaling van het aankoopbedrag van € 3.150,– verzocht. Ter zitting heeft de consument voor zover van belang nog het volgende naar voren gebracht. De consument wil ontbinden, conform het voorstel van de ondernemer om de koopsom en het klachtengeld terug te betalen. De consument neemt geen genoegen met een afschrijving omdat hij anderhalf jaar geen gebruik van de fiets heeft kunnen maken en evenmin een leenfiets ter beschikking heeft gekregen. De consument heeft wel recht op passend vervoer. De fiets is nog steeds niet gemaakt. Nu blijkt ook de motor defect te zijn.

Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer. Op 9 juni 2021 is de fiets vanuit de showroom afgeleverd aan de consument. Na telefonisch contact met de consument heeft de ondernemer op 23 februari 2023 een reparatieopdracht aangemaakt. De klacht betrof het uitvallen van het display en daarmee ook van de ondersteuning. Op 1 juni 2023 bleek, nadat lang op de onderdelen van de fabrikant was gewacht, dat ook de motor defect was. De motor is besteld en medio juli 2023 beschikbaar gekomen om te worden ingebouwd. Het voorzien van de consument van een leenfiets is geen wettelijke verplichting voor de ondernemer. De ondernemer beschikt niet over een grote vloot van leenfietsen. Het is een aandachtspunt dat vanaf de aankoop geen onderhoud is uitgevoerd aan de fiets. Op 27 juli 2023 heeft de ondernemer een aantal opties aan de consument voorgelegd, die gelden tot en met de uitspraak van de commissie: • De fiets wordt volledig hersteld, de kosten van de commissie worden vergoed, alsmede een extra bedrag van € 350,–; • De ondernemer neemt de fiets retour zonder afschrijving en de consument ontvangt het aankoopbedrag retour; • De ondernemer neemt de fiets retour met afschrijving van 25% en vergoedt de consument de kosten van de commissie. De reparatie heeft langer geduurd dan gepland, maar de ondernemer heeft alles in het werk gesteld om de reparatieduur te verkorten.

Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen. In het onderhavige geschil klaagt de consument over een aantal gebreken van zijn nieuw, bij de ondernemer aangeschafte, elektrische fiets en over de lange reparatieduur. Hij heeft de ondernemer in gebreke gesteld en de ondernemer heeft de gestelde termijn laten verstrijken, zonder de reparatie uit te voeren. Ook klaagt de consument erover dat aan hem geen leenfiets ter beschikking is gesteld gedurende de duur van de reparatie, waartoe de ondernemer volgens hem wel gehouden was. De ondernemer voert verweer en geeft daarin aan de consument diverse redelijke voorstellen heeft gedaan om tot een oplossing van het geschil van partijen te komen. Voorts is de ondernemer van mening dat hij geen leenfiets ter beschikking hoefde te stellen. Voor wat betreft het ter beschikking stellen van een leenfiets overweegt de commissie als volgt. De consument die zijn fiets ter reparatie bij een BOVAG-lid aanbiedt en waarmee een reparatieovereenkomst wordt gesloten heeft zowel recht op 3 maanden reparatiegarantie als op passend vervoer tijdens de reparatieduur. Dit hoeft niet per se het hetzelfde type fiets te zijn als werd aangeboden. Zulks blijkt weliswaar – niet met zoveel woorden – uit de toepasselijke BOVAG-voorwaarden, maar wordt op de site van de BOVAG met zoveel woorden vermeld. De ondernemer heeft zich daaraan als BOVAG-lid te houden en de consument mag erop vertrouwen dat de ondernemer die verplichting nakomt, te meer in geval van een reparatie die veel langer duurt dan mocht worden verwacht. Aldus is de ondernemer tekortgeschoten in de nakoming van de op hem rustende verplichting uit de reparatieovereenkomst. Voor wat betreft de verzochte ontbinding overweegt de commissie als volgt. Geruime tijd na het aanbieden van de fiets ter reparatie, heeft de consument toen de reparatie uitbleef, de ondernemer in gebreke gesteld en hem een termijn gesteld om alsnog na te komen. De ondernemer heeft zich niet gehouden aan deze termijn en is daarmee in verzuim geraakt. Het stond de consument dan ook vrij om gelet op de voortdurende tekortkoming van de consument om binnen een redelijke termijn tot herstel over te gaan, om de ontbinding van de koopovereenkomst te verzoeken. Gelet op de ernst van de tekortkoming zal de commissie de ontbinding dan ook uitspreken. De commissie zal de ondernemer veroordelen tot vergoeding van het gehele aankoopbedrag. Termen om een gebruiksvergoeding ten laste van de consument te bepalen zijn niet aanwezig, met name nu de ondernemer ten onrechte geen leenfiets ter beschikking heeft gesteld en de consument, onweersproken door de ondernemer heeft gesteld, dat hij weinig kilometers met de fiets heeft gereden. Op grond van het bovenstaande is de klacht van de consument gegrond. Derhalve wordt beslist als volgt.

Beslissing
De koopovereenkomst van 6 juni 2021 wordt ontbonden verklaard. Dit betekent dat de consument de fiets met alle papieren en toebehoren teruglevert aan de ondernemer, de ondernemer bevestigt de teruglevering aan de consument. Nu de fiets zich reeds bij de ondernemer bevindt dient de juridische levering aldaar plaats te vinden, zonder dat feitelijke afgifte aan de orde is. De ondernemer betaalt bij de levering aan de consument een bedrag van € 3.150,–. Een en ander dient binnen 1 maand na de verzenddatum van dit bindend advies plaats te vinden. Bovendien dient de ondernemer het door de consument betaalde klachtgeld aan hem te vergoeden en zal aan hem overeenkomstig het reglement van de commissie een bijdrage in de behandelingskosten in rekening worden gebracht.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Tweewielers, bestaande uit de heer mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, J.M.A. van Haren en P.G. Nieuwenhuijse, leden, op 21 september 2023