Ondernemer hoeft niet altijd te onderzoeken of auto voorgeschreven onderhoud heeft gehad. Ook eigen verantwoordelijkheid consument

  • Home >>
  • Voertuigen >>
De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Voertuigen    Categorie: Informatie    Jaartal: 2014
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: VOE07-0096

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit door de ondernemer (niet) uitgevoerde onderhoudswerkzaamheden aan de auto van de consument, een Ford Mondeo 1.8 TCDI.

Standpunt van de consument

Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.

De auto is in augustus 2000 nieuw aangeschaft (bij een ander bedrijf dan dat van de ondernemer) en vanaf die periode steeds in onderhoud geweest bij de ondernemer. De consument heeft daarbij, naar hij aanvoert steeds opdracht gegeven aan de ondernemer het noodzakelijke onderhoud uit te voeren.

Niettemin is op 16 december 2006 bij een kilometerstand van 151.100 de distributieriem gebroken met ernstige motorschade als gevolg. Gebleken is, aldus de consument, dat de ondernemer heeft verzuimd bij een kilometerstand van 105.000 de distributieriem te vervangen. Dit had wel moeten gebeuren. Het initiatief daartoe ligt ook bij de ondernemer die immers daarvoor verantwoordelijk is, en ook deskundig is. Dit geldt temeer nu het gaat om een officiële Ford dealer.

Ter zitting heeft de consument zijn standpunt gehandhaafd en afschriften overgelegd van onderhoudgegevens en van het onderhoudsboekje.

De consument verlangt het vervangen van de motor door een goede gebruikte motor zonder verdere kosten en vergoeding van bijkomende schade:

– sleepkosten € 193,37

– doorlopen van de wegenbelasting € 287,75

– doorlopen van de verzekering € 165,34

– kosten vervangend vervoer € 3.235,10

– brandstofkosten € 19,00

Standpunt van de ondernemer

Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak dat de consument de auto niet tijdig heeft aangeboden voor groot onderhoud, behoudens APK keuringen. Er is ook geen opdracht gegeven voor het vervangen van de distributieriem, aldus de ondernemer. De consument is zelf verantwoordelijk voor het op tijd laten uitvoeren van het onderhoud aan zijn auto. Aan de hand van de facturen had hij kunnen vast stellen dat de distributieriem niet was vernieuwd.

Ter zitting heeft de ondernemer nog een kopie overgelegd van een APK rapport van 18 augustus 2006 en verder het standpunt toegelicht. De ondernemer betwist dat er bij een kilometerstand van circa 110.000 een grote beurt is uitgevoerd, zoals de consument beweert. Daar zijn ook geen stukken van en geen factuur of andere bewijzen, aldus de ondernemer. De administratie is ook geen warboel, zoals de consument beweert.

Uit de stukken blijkt dat de auto onder meer op 30 juli 2004 bij een kilometerstand van 96.108 alleen een APK heeft ondergaan en de eerstvolgende keer dat de auto nadien terugkwam was op
18 augustus 2006 bij een kilometerstand van 120.388, opnieuw alleen voor een APK. Juist daartussenin had de consument de auto voor een grote beurt moeten aanbieden. Dat heeft hij niet gedaan en dat is de verantwoordelijkheid van de consument.

De ondernemer voert verder aan dat er verschillende voorstellen zijn gedaan – ook per aangetekende brief van 3 januari 2007 – doch die brief is nimmer afgehaald. Op bladzijde 17 van het onderhoudsboekje staat dat de distributieriem vervangen dient te worden bij een kilometerstand van 105.000 of na vijf jaar. Dat dient de consument zelf te bewaken, aldus de ondernemer.

Desgevraagd verklaarde de ondernemer dat er binnen het bedrijf geen bewakingssysteem omtrent het vervangen van de distributieriem bestaat, door – bijvoorbeeld – het aanbrengen van merktekens onder de motorkap, aan de hand waarvan kan worden vastgesteld of en zo ja wanneer een riem
is vernieuwd.

Deskundigenrapport

De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport, voorzover thans van belang, het volgende vastgesteld.

Distributieriem is gebroken als gevolg van vergevorderde slijtage, met ernstige motorschade als gevolg. De riem behoort te worden vervangen om de vijf jaar of bij kilometerstand 105.000 al naar gelang zich het eerste voordoet.

Wat het onderhoud betreft merkt de deskundige op dat op 30 juli 2004 bij kilometerstand 96.108 en 17 augustus 2005 bij kilometerstand 120.328 APK keuringen zijn uitgevoerd. In die tussenliggende periode had de distributieriem vervangen moeten worden bij kilometerstand 105.000.

Verder merkt de deskundige onder meer op:

Iets over APK; deel van de keuring maakt uit de zogeheten roetmeting. Dit is best een controle die in bepaalde gevallen een risico met zich mee brengt. Toerentallen van deze auto moeten rond 5.220 per minuut zijn. En dan onbelast! Tot driemaal toe moet een dergelijke meting verricht worden. Iets over de risico’s. Het moge duidelijk zijn dat de motor behoorlijk wat voor zijn kiezen krijgt. Om die redenen controleert men in eerste instantie of de distributieriem vervangen is, bij twijfel zal men daadwerkelijk controle hier op uit moeten oefenen […]. In voorkomende twijfelgevallen is er een standaardformulier wat ondertekend dient te worden door de consument. Hier staat expliciet in omschreven dat de consument akkoord gaat met de roetmeting ­zoals hem verteld is door het autobedrijf – en het bedrijf niet garant staat voor eventuele motorische schade die zou kunnen voorkomen. Uiteraard als een motor in goede staat is, zal er in 99,9% van de gevallen niets gebeuren. […] het ware beter geweest dat de desbetreffende APK keurmeester controle had uitgeoefend op het vervangen van de riem […]

Het herstel zal volgens de deskundige – afhankelijk van de manier waarop dat plaatsvinden – tussen de € 2.500,– en € 6.000,– gaan bedragen.

De consument heeft nog schriftelijk commentaar gegeven op het rapport van de deskundige en benadrukt dat de auto steeds tijdig is aangeboden bij de ondernemer voor onderhoud. Kennelijk heeft de ondernemer verzuimd om bij de 110.000 kilometerbeurt een factuur te sturen, aldus de consument. De auto heeft op 17 augustus 2005 een APK keuring ondergaan en was toen vijf jaar oud, dus zou de ondernemer de consument hebben moeten attenderen op de noodzaak tot het vervangen van de distributieriem. Dit heeft de ondernemer echter niet gedaan.

Beoordeling van het geschil
 
De commissie heeft het volgende overwogen.

Uit de overgelegde stukken – waaronder facturen – en het verhandelde ter zitting blijkt het volgende omtrent het uitgevoerde onderhoud.

Factuurdatum; kilometerstand; aard van de werkzaamheden; kosten:

7 augustus 2000; 0; de auto is verkocht en afgeleverd; 0

10 april 2001; ?; onderhoudsbeurt, inclusief olie en filters; f 46,00

19 april 2001; ?; montage koplampsproeier; f 220,15

10 oktober 2001; 30.857; 30.000 kilometerbeurt; f 385,66

3 juni 2002; ?; grote onderhoudsbeurt; € 255,01

17 december 2002; 59863; onderhoudsbeurt; € 175,00

14 juli 2003; 76.005; 75.000 kilometerbeurt; € 538,91

8 juni 2004; ?; 90.000 kilometerbeurt; € 335,85

2 augustus 2004; 96.108; APK en roetmeten; € 344,00

23 augustus 2005; 120.388; APK en roetmeten; € 81,00

14 maart 2006; 129.802; gloeibougies en olie vervangen; € 286,20

6 september 2006; ?; remmen achter vervangen; € 165,01

27 juni 2006; ?; grote onderhoudsbeurt en APK; € 299,00

Uit het onderhoudschema, zoals genoemd in het onderhoudsboekje, blijkt dat om de 15.000 kilometer een grote onderhoudsbeurt dient te worden uitgevoerd, naast het extra aanbevolen onderhoud. In dit geval is dat het voorschrift dat bij een kilometerstand van 105.000 of na vijf jaar – wat zich het eerste voordoet – de distributieriem vervangen dient te worden. 
 
Uit het facturenoverzicht blijkt dat niet steeds en niet steeds op tijd het reguliere onderhoud is uitgevoerd. In beginsel is het aan de consument om zijn auto op de gebruikelijke en voorgeschreven tijden aan te bieden voor onderhoud. Daarbij zal de consument ook dienen aan te geven welke werkzaamheden hij uitgevoerd wenst te hebben. Het is immers de consument die opdracht geeft. Vanzelfsprekend zal dat in de praktijk vaak in samenspraak gebeuren met de ondernemer.
 
Naar de commissie meent is niet aannemelijk geworden dat de auto bij een kilometerstand van circa 110.000 een grote beurt heeft ondergaan, waarbij de ondernemer zou hebben verzuimd daarvoor een factuur te zenden, zoals de consument aanvoert. De consument beroept zich daarbij op een vermelding in de onderhoudsgegevens waarin – zonder datumvermelding – is vermeld “APK Km. std 110.000”. Op grond van de verdere stukken, waaronder de facturen en APK rapporten, is genoegzaam gebleken dat die APK keuringen hebben plaatsgevonden bij een andere kilometerstand. De vermelding van 110.000 op de onderhoudsgegevens houdt de commissie op een verschrijving. Verdere aanwijzingen dat er bij circa 110.000 kilometer een grote beurt heeft plaatsgevonden zijn er niet.
 
Vast staat wel dat de auto in augustus 2005 – vijf jaar na de aanschaf – bij de ondernemer is geweest voor een APK keuring. Verder staat vast dat de auto bij kilometerstanden van meer dan 110.000 meerdere malen voor onderhoud bij de ondernemer is geweest.
 
In essentie komt het dan ook aan op de vraag of de ondernemer gehouden is steeds te controleren of de auto het voorgeschreven onderhoud heeft ondergaan. In zijn algemeenheid kan dat van de ondernemer niet worden gevergd, nu die doorgaans vele auto’s in onderhoud zal hebben, van verschillende types en al dan niet op basis van meer of minder incidenteel bezoek. Wel kan worden vastgesteld dat in dit geval, wat het onderhoud betreft, sprake is van een bestendige relatie tussen consument en ondernemer. Er zijn geen andere dealers aan te pas gekomen dan de ondernemer. Naar het oordeel van de commissie ligt er dan ook een gedeelde verantwoordelijkheid. Van de consument mag worden verwacht dat hij op tijd de auto aanbiedt voor onderhoud; van de ondernemer dat die – de geschiedenis van de auto en het belang van goed onderhoud kennende – zo mogelijk en waarnodig de consument zal attenderen op de noodzaak van herstel. Zeker bij een relatief gevoelig onderdeel als de distributieriem, waarbij per definitie grote schade ontstaat als het fout gaat, is adequaat advies van de zijde van de ondernemer op zijn plaats. 
 
Dat zou in augustus 2005 – na vijf jaar gebruik – ook op zijn plaats zijn geweest. Dat heeft echter niet plaats gevonden en in die zin kan dat de ondernemer worden toegerekend. Met de deskundige is de commissie van oordeel dat het beter ware geweest indien de desbetreffende APK keurmeester controle had uitgeoefend op het vervangen van de riem.
 
Aan de andere kant kan worden gezegd dat de consument bij die gelegenheid en ook bij de gelegenheid daarvóór op 30 juli 2004 (kilometerstand 96.108) kennelijk alleen opdracht heeft gegeven voor een APK keuring. Wat daarbij is besproken is niet meer vast te stellen. Evenwel heeft de consument aan de facturen kunnen zien dat bij die gelegenheden alleen een APK keuring had plaatsgevonden (en twee banden, maar die spelen hier geen rol) en geen groot onderhoud, zoals in het schema op bladzijde 11 van het onderhoudsboekje is vermeld. In die zin ligt er ook bij de consument een tekortkoming.
 
De ondernemer heeft bij brief van 3 januari 2007 onder meer het voorstel gedaan de auto te repareren voor een bedrag ten laste van de consument van € 1.500,–. De commissie acht dit voorstel passend bij de – in dit geval – gedeelde verantwoordelijkheid omtrent het uit te voeren onderhoud. 
De commissie neemt dit voorstel dan ook over als passend en geboden. De commissie gaat daarbij ervan uit dat de ondernemer zal zorgen voor herstel van de motor dan wel vervanging van de motor – naar normen van goed vakmanschap, zodanig dat de consument zoveel mogelijk in de positie zal worden gebracht van vóór het defect raken van de motor. Dat brengt mee dat naast het bedrag van
€ 1.500,– inclusief BTW alleen de materiaalkosten voor een nieuwe distributieriem en spanrol mogen worden doorbelast, nu de kosten hiervan ook voor rekening van de consument zouden zijn gekomen indien het onderhoud volgens schema zou zijn uitgevoerd.
 
Omtrent de gevorderde bijkomende kosten overweegt de commissie als volgt. De doorlopende wegenbelasting en verzekeringskosten hadden ter besparing kunnen worden geschorst. Dat heeft de consument niet gedaan, zodat hij niet heeft voldaan aan zijn schadebeperkingplicht. De kosten voor vervangend vervoer zijn blijkens de factuur ten laste gebracht van Singulus Mastering B.V. en niet is gebleken of aannemelijk gemaakt dat de consument die kosten zelf draagt of heeft gedragen. Die vordering wordt derhalve afgewezen. De commissie acht het, in het licht van hetgeen is opgemerkt over de gedeelde verantwoordelijkheid, redelijk dat de sleepkosten worden verdeeld, zodat de ondernemer een bedrag van € 96,86 dient te vergoeden. De gevorderde brandstofkosten zijn niet (voldoende) onderbouwd en worden ook afgewezen.
 
De commissie acht het tenslotte redelijk dat de consument zijn eigen kosten draagt voor de behandeling van zijn zaak, nu zijn klacht weliswaar gedeeltelijk gegrond is, maar de beslissing van de commissie – op hoofdlijnen – overeenstemt met het eerdere aanbod van de ondernemer.  
Derhalve wordt als volgt beslist.

– De ondernemer zorgt voor deugdelijk herstel van de auto – naar keuze – herstel van de motor dan wel vervanging van de motor, naar normen van goed vakmanschap, zodanig dat de consument zoveel mogelijk in de positie zal worden gebracht van vóór het defect raken van de motor.
 
– Dit herstel zal dienen plaats te vinden uiterlijk binnen twee weken na verzending van dit bindend advies.

– De ondernemer brengt de consument niet meer kosten in rekening dan € 1.500,– inclusief BTW en –  voor zover de distributieriem met toebehoren bij het herstel wordt vernieuwd – de materiaalkosten voor een nieuwe distributieriem en spanrol, naar de officiële prijs van Ford.

– De ondernemer betaald de consument een bedrag van € 96,86 aan sleepkosten; betaling dient plaats te vinden binnen een maand na de verzenddatum van dit bindend advies.

De commissie wijst het meer of anders verlangde af.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen op 6 juni 2007.