Ondernemer onderbouwt niet waarom consument verantwoordelijk zou zijn voor schade

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Recreatie    Categorie: Schade    Jaartal: 2024
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: gegrond   Referentiecode: 236763/245223

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De ondernemer heeft kosten in rekening gebracht bij de consument voor een kapotte watermeter en het water dat ten gevolge daarvan verloren is gegaan. De consument is het daar niet mee eens en geeft aan niet verantwoordelijk te zijn voor de geleden schade. De commissie oordeelt dat de consument inderdaad niet verantwoordelijk kan worden gehouden voor de schade, omdat de ondernemer in het geheel niet heeft onderbouwd dat de consument de schade zou hebben veroorzaakt. De klacht van de consument is gegrond.

De uitspraak

Behandeling van het geschil
Partijen zijn overeengekomen dit geschil bij bindend advies door de Geschillencommissie Recreatie (verder te noemen: de commissie) te laten beslechten.

De commissie heeft kennisgenomen van de overgelegde stukken.

De behandeling heeft plaatsgevonden op 15 februari 2024 te Den Haag.

Partijen zijn tijdig en behoorlijk opgeroepen ter zitting te verschijnen.

De consument heeft ter (digitale) zitting zijn standpunt toegelicht. De ondernemer heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om zijn standpunt ter zitting toe te lichten.

Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Het geschil betreft de kosten die de ondernemer bij de consument in rekening heeft gebracht voor een kapotte watermeter en het water dat ten gevolge van die kapotte meter verloren is gegaan.

De consument heeft een bedrag van € 118,– niet betaald en bij de commissie gedeponeerd.

Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De ondernemer brengt een groot bedrag in rekening voor een kapotte watermeter en de hierdoor weggelopen 120 kubieke meter water. De waterput ligt niet op mijn plaats, maar daarbuiten. Er zou een tegel op gevallen zijn. Ik heb de put in december afgesloten en daarna niet meer geopend.

Afgelopen maand kreeg ik een aanmaning om alsnog te betalen, nadat eerst mijn buren een rekening hadden gekregen, die overigens ook hebben geweigerd te betalen. Opvallend is dat het elke keer andere bedragen zijn die in rekening worden gebracht.

In de laatste e-mail staat ook duidelijk dat er geen bewijzen zijn dat ik of mijn buren deze schade veroorzaakt hebben. De put ligt op het openbare terrein van de camping en is voor iedereen toegankelijk. Mijn mening is dat ik niet verantwoordelijk ben voor de gestelde schade.

Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De waterput bevindt zich niet op openbaar terrein. Alle waterputten zijn gesitueerd op de jaarplaatsen.

Wij betreuren het erg dat op onze eerste verzoek om de zaak op te lossen in april 2023 geen enkele reactie is gekomen van de consument. Graag hadden wij toen met hem in gesprek gegaan om te zoeken naar een voor ons allen passende oplossing. Uiteraard staan wij daar nog steeds voor open, maar de consument geeft aan geen enkele verantwoordelijkheid in deze zaak te hebben. De hele rekening bij de andere gedupeerde klant wegleggen, vinden wij niet eerlijk; en ook niet dat wij alle kosten voor onze rekening moeten nemen.

Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.

De ondernemer heeft bij de consument kosten in rekening gebracht voor een kapotte watermeter en het water dat ten gevolge van die kapotte meter verloren is gegaan. De consument heeft betwist dat hij verantwoordelijk kan worden gehouden voor die kapotte watermeter en in het verlengde daarvan aangegeven dat de ondernemer op geen enkele wijze heeft aangetoond dat hij de schade aan de watermeter heeft veroorzaakt.

De commissie stelt vast dat de ondernemer de onderhavige kosten bij de consument in rekening heeft gebracht zonder daaraan een deugdelijke onderbouwing ten grondslag te leggen. Van de ondernemer had op zijn minst mogen worden verwacht dat hij aannemelijk had gemaakt dan wel had aangetoond dat de schade aan de watermeter is veroorzaakt door de consument.

Op grond van het voorgaande zal de commissie de klacht gegrond verklaren.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De commissie verklaart de klacht gegrond.

Overeenkomstig het reglement van de commissie dient de ondernemer een bedrag van € 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag als volgt verrekend.

Het depotbedrag komt aan de consument toe.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Recreatie, bestaande uit de heer mr. H.A. van Gameren, voorzitter, de heer P.W.M. Meijkamp, mevrouw mr. J.M. Huysman- Hartkamp, leden, op 15 februari 2024.