Ongeoorloofde gedragingen door reiziger en schade aan appartement.

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Reizen    Categorie: Accommodatie    Jaartal: 2014
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: REI09-0708

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een op 4 januari 2009 via de internetsite met de reisorganisator tot stand gekomen overeenkomst. De reisorganisator heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een vliegreis voor drie personen naar Spanje, met verblijf in [naam appartement] te Blanes op basis van logies, van 2 tot en met 9 juli 2009, voor de som van € 1.151,75.   Standpunt van klager   Het standpunt van klager luidt samengevat en in hoofdzaak als volgt.   Klager en zijn reisgenoten zijn overhaast uit het appartement vertrokken omdat zij de transferbus naar het vliegveld hadden gemist en per taxi nog hun terugvlucht wilden halen. Op de luchthaven eiste de reisleider op verzoek van de accommodatieverschaffer, naast de reeds betaalde borgsom van € 60,– een aanvullend bedrag van € 500,–. De reisleider zegde toe dat klager dit bedrag zou terugkrijgen als zou blijken dat klager en zijn medereizigers het appartement niet hadden beschadigd. Klager heeft dit bedrag te goeder trouw betaald omdat de accommodatieverschaffer dreigde de politie in te schakelen en omdat hij zeker wist dat zijn reisgezelschap geen beschadigingen had aangebracht. De reisorganisator beweert na inspectie van de studio dat de koelkastdeur niet goed sloot en dat er deuken in het plafond zaten. Om die reden is noch de borgsom van € 60,–, noch het extra betaalde bedrag van € 500,– gerestitueerd. De reisorganisator stelt dat de bepaling van de borgsom een zaak tussen de accommodatieverschaffer en de gast is, maar geeft ook aan dat er accommodatiebeheerders zijn die niet eerlijk met de borg omgaan en dat de reisleiding dit scherp in de gaten houdt en tussen partijen bemiddelt. In dit geval heeft de reisorganisator zich echter klakkeloos bij het oordeel van de accommodatieverschaffer neergelegd en zonder meer aangenomen dat eventuele beschadigingen door het reisgezelschap van klager zijn veroorzaakt. Klager stelt dat zijn reisgezelschap geen enkele beschadiging heeft veroorzaakt, maar geeft wel toe dat het appartement vanwege het haastige vertrek niet schoon en opgeruimd was. Klager is van mening dat de reisorganisator het extra betaalde bedrag had moeten beheren en aan hem had moeten terugbetalen. Klager is voorts van mening dat de reisorganisator zichzelf tegenspreekt door enerzijds te stellen dat hij bemiddelt tussen de eerlijke eisen van de accommodatieverschaffer en hun cliënten, en anderzijds te stellen dat de hoogte en de restitutie van een borg uitsluitend een zaak is tussen de accommodatieverschaffer en de gast. Klager is bereid de vooraf vastgestelde borgsom van € 60,– te betalen als vergoeding voor extra schoonmaakkosten, maar eist de te goeder trouw aan de reisleider betaalde € 500, — terug. Dit bedrag is onverschuldigd betaald omdat er geen enkel bewijs is dat eventuele beschadigingen door zijn reisgezelschap zijn veroorzaakt, bijvoorbeeld in de vorm van de door de reisleider toegezegde foto’s. Als het juist is dat de accommodatieverschaffer beslist over de borgsom, betreft dat uitsluitend het bedrag van € 60,– dat vooraf is vastgesteld. Het extra bedrag van € 500,– is na intimidatie onder protest aan de reisorganisator afgedragen.   Ter zitting heeft de gemachtigde van klager benadrukt dat klager en zijn medereizigers het verlangde bedrag op de luchthaven onder protest aan de reisleiding hebben voldaan omdat zij als prioriteit zagen dat zij het vliegtuig wilden halen. De betaling mag niet worden gezien als schuldbekentenis. Voorts heeft de gemachtigde benadrukt dat het schadebedrag willekeurig is vastgesteld en dat zij de beschadigingen aan de koelkast en het plafond met de door de reisorganisator overgelegde foto’s niet acht aangetoond. De reisorganisator had zich kritischer moeten opstellen naar de accommodatieverschaffer.   Klager verlangt restitutie van € 500,–.   Standpunt van de reisorganisator   Het standpunt van de reisorganisator luidt samengevat en in hoofdzaak als volgt.   Klager heeft als gebruikelijk een borg betaald (€ 60,–). Dit bedrag heeft klager aan het eind van de vakantie niet terug gekregen. Voorts heeft klager een extra bedrag van € 500,– moeten betalen, omdat er onzorgvuldig met het appartement is omgegaan. De reisorganisator ziet geen reden voor restitutie van deze € 500,–. De procedure rond de borg is vermeld in de algemene voorwaarden, in de reisinformatie op de website en in de reisbescheiden die aan de gasten wordt meegegeven. De reisorganisator bestrijdt dat hij zich achter deze voorwaarden verschuilt, maar stelt juist voor klager onderzoek te hebben gedaan naar de staat van het appartement en de kwestie van het extra betaalde schadebedrag. De reisorganisator verwijst naar artikel 15 van de ANVR Reisvoorwaarden waar is vermeld dat de reiziger aansprakelijk is voor schade veroorzaakt door zijn ongeoorloofde gedragingen, te beoordelen naar de maatstaf van het gedrag van een correcte reiziger. Eventuele kosten komen voor rekening van de reiziger, indien en voor zover de oorzaak van hinder en last hem kunnen worden toegerekend.   Normaliter worden appartementen gecontroleerd op het moment van uitchecken. Dit om te bepalen of men de borg terugkrijgt. Vervolgens kan er worden uitgecheckt. In geval van ontevredenheid hierover wordt de reisleiding ingeschakeld. De reisleiding kan op dat moment naast de controle van de accommodatieverschaffer een eigen controle uitvoeren. Als de reisleiding concludeert dat de borginhouding niet terecht is, kan de reisleiding bemiddelen. Dit biedt echter geen garantie, maar uit ervaring blijkt dat bemiddeling meestal toereikend is. In dit geval is het anders gegaan. Klager is niet uitgecheckt. De controle is door de accommodatieverschaffer uitgevoerd en op dat moment is de reisleiding telefonisch benaderd met de eis dat klager een schadebedrag diende te betalen. Het is de eigen verantwoordelijkheid van klager dat hij er niet bij kon zijn. De reisleiding was op dat moment op de luchthaven voor de begeleiding van alle gasten en heeft deze boodschap aan klager overgebracht, waarna klager zijn sleutel heeft overhandigd en het bedrag heeft voldaan. In een kort tijdsbeslag is het appartement door de reisleiding gecontroleerd. Van de staat van het appartement is door de reisleiding een rapport opgemaakt en zijn foto’s gemaakt. Uit de foto’s en de toelichting blijkt wel degelijk dat de wijze waarop het appartement is bewoond niet acceptabel is geweest. Klager betwist dat is aangetoond dat de schade door hem is veroorzaakt. De reisorganisator brengt daartegenin dat klager zelf nalatig is geweest en niet kan aantonen dat de schade niet door hem is veroorzaakt. Wanneer klager van mening is dat de gebreken er al waren had hij deze moeten melden. De reisorganisator is van mening dat de foto’s en de toelichting van de reisleiding voldoende licht op de zaak werpen. Klager en zijn reisgezelschap zijn zelf verantwoordelijk voor de consequenties van hun gedrag en de accommodatieverschaffer had, gezien de staat waarin het appartement is achtergelaten, voldoende aanleiding om extra kosten in rekening te brengen. De reisorganisator begrijpt dat het borgbedrag van € 60,– niet toereikend was en acht de in rekening gebrachte extra kosten van € 500, — redelijk. Het schadebedrag heeft niet alleen betrekking op de beschadigingen aan de koelkast en het plafond, maar ook op de algehele bevuiling van het appartement en de ingezette mankracht om het appartement op te knappen. Het was onmogelijk om het appartement na een normale schoonmaak weer aan andere gasten te verhuren. Al deze aspecten zijn opgenomen in het schadebedrag.   Ter zitting heeft de reisorganisator nog gesteld dat klager en zijn medereizigers op de luchthaven hebben erkend dat zij het appartement in een slechte staat hebben achtergelaten en dat zij zonder protest het verlangde bedrag hebben betaald. Voorts heeft de reisorganisator nog gesteld dat de accommodatieverschaffer stelt dat zijn schade nog hoger is dan het reeds in rekening gebrachte bedrag, met name omdat de koelkast moest worden vervangen. De accommodatieverschaffer heeft deze hogere kosten aan de reisorganisator in rekening gebracht.   Beoordeling van het geschil   De commissie heeft het volgende overwogen.   Tussen partijen is een reisovereenkomst van kracht waarop de ANVR Reisvoorwaarden van toepassing zijn en tevens de overige voorwaarden die de reisorganisator aan de reiziger kenbaar heeft gemaakt. Betreffende de vaststelling en de restitutie van de borg heeft de reisorganisator kenbaar gemaakt dat dit een zaak is tussen de gast en de accommodatieverschaffer, waarop de reisorganisator geen invloed heeft. De reisorganisator heeft derhalve de aansprakelijkheid voor geschillen daarover tussen de reiziger en de accommodatieverschaffer uitgesloten. Voorts bepalen de ANVR Reisvoorwaarden (artikel 15) dat de reiziger aansprakelijk is voor schade veroorzaakt door zijn eigen ongeoorloofde gedragingen.   De commissie stelt vast dat niet in geschil is dat klager geen aanspraak kan maken op restitutie van de borg ten bedrage van € 60,–. Het geschil spitst zich toe op het daarbovenop in rekening gebrachte bedrag van € 500,–. Klager erkent het appartement vies en niet opgeruimd te hebben achtergelaten, maar ontkent dat eventuele defecten aan de koelkast en het plafond door hem en zijn reisgenoten zijn veroorzaakt en vindt daarom inhouding van het borgbedrag als vergoeding voor extra schoonmaakkosten voldoende. De reisorganisator heeft het appartement geïnspecteerd, heeft vastgesteld dat de staat van het appartement en de inboedel niet acceptabel was, acht daarvoor een schadevergoeding van € 500,– redelijk en heeft op grond daarvan de op de luchthaven van klager ontvangen som van € 500,– aan de accommodatieverschaffer afgedragen. Ter illustratie van de schade heeft de reisorganisator foto’s en een verslag van de inspectie door de reisleiding overgelegd.   De commissie is van oordeel dat de foto’s en het verslag van de reisleiding voldoende aantonen dat de wijze waarop het appartement is bewoond niet acceptabel is en dat sprake is van ongeoorloofde gedragingen en van schade. Voorts is de commissie met de reisorganisator van oordeel dat klager zelf nalatig is geweest door eventuele reeds aanwezige gebreken niet te melden en door vervolgens ook niet op de gebruikelijke wijze uit te checken. Door zo te handelen heeft klager niet alleen zichzelf de mogelijkheid ontnomen om aan te tonen dat hij de schade aan de koelkast en het plafond niet heeft veroorzaakt, maar had ook de reisorganisator geen argumenten om de aansprakelijkheid van klager voor de geconstateerde schade te weerspreken. Nu ook de reisorganisator, op grond van eigen onderzoek, van oordeel was dat het geclaimde schadebedrag van € 500,– redelijk was, had de reisorganisator geen reden om het bij hem berustende bedrag niet aan de accommodatieverschaffer over te dragen.   Gelet op het voorgaande en alle gebleken feiten en omstandigheden in aanmerking nemende is de commissie van oordeel dat de reisorganisator geen verwijt treft. De reisorganisator heeft in redelijkheid bemiddeld tussen klager en zijn reisgenoten enerzijds en de accommodatieverschaffer anderzijds.   De commissie is van oordeel dat de klacht ongegrond is en beslist derhalve als volgt.   Beslissing   Het door klager verlangde wordt afgewezen.   Aldus beslist door de Geschillencommissie Reizen op 25 januari 2010.