Ontvangsttheorie; bewijs aanmelding is risico verzender

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Energie    Categorie: Administratieve problemen    Jaartal: 2012
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: OPN05-0177

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft de administratieve verwerking van de verhuizing c.q. aanmelding van de consument.

De consument heeft een bedrag van € 916,45 niet betaald en bij de commissie gedeponeerd.

De consument heeft in januari 2005 de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Standpunt van de consument

Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.

In juni 2003 heb ik mijn huidige woning betrokken. Ik heb mij aangemeld door een meterstandenkaartje in te sturen. Ik heb toen geen bevestiging ontvangen. Daarna heb ik in die zomer nog enkele malen naar de ondernemer gebeld.
Toen in november 2004 er een meterstandenkaartje kwam dat nog steeds op de naam van de vorige bewoner stond, heb ik weer contact opgenomen. Ik zou een welkomstpakket toegestuurd krijgen. Dat kwam niet; in plaats daarvan kreeg ik twee termijnnota´s van € 35,– die ik heb betaald, en in januari 2005 een herinnering van € 916,45. Waar die op is gebaseerd is niet duidelijk.

Ter zitting heeft de consument verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

De aanmelding heb ik gedaan via een speciaal daartoe bestemd formulier, dat ik heb ingestuurd aan de ondernemer. Ik heb nooit een schriftelijk contract gekregen. Ik heb de correctienota zelf veel later gekregen, pas na de herinnering.

De voorzitter hield mij voor, dat ik toch wel argwaan had kunnen krijgen toen ik maanden achtereen geen termijnnota´s kreeg. Dat is wel een beetje waar. Toch vind ik dat de ondernemer zo slordig heeft gewerkt, dat er wat van de rekening af zou moeten.

De consument verlangt aanpassing van de rekening.

Standpunt van de ondernemer

Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.

Wij hebben geen aanmelding van de consument ontvangen. Naar aanleiding van de contacten eind 2004, hebben wij twee termijnnota´s plus een verbruiksnota voor de voorgaande anderhalf jaar toegestuurd. Die heeft betrekking op de periode juni 2003 tot november 2004.
Omdat er in de communicatie het nodige is misgegaan – zo had de correctienota niet zonder begeleidende brief verstuurd dienen te worden – hebben wij ons bereid € 35,– aan kosten af te boeken, het klachtgeld van € 25,– te vergoeden en een vergoeding van € 50,– te betalen.

Ter zitting heeft de ondernemer verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

Het kan goed zijn dat er destijds geen contract is verzonden. Voor juli 2005 gebeurde dat niet altijd.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

De commissie heeft geen reden om eraan te twijfelen, dat de consument de aanmelding correct heeft ingezonden. Voorts is naar ervaringsmaatstaven de kans, dat een verzonden stuk niet aankomt, erg klein. Daar staat tegenover, dat volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad bij betwisting van ontvangst, de verzender dient aan te tonen dat de brief bij de geadresseerde is aangekomen, en dat bewijs ligt er niet. De mogelijkheid blijft dus bestaan dat de ondernemer de aanmelding niet heeft ontvangen, en dat komt volgens de wet en jurisprudentie voor risico van de verzender.

Voorts geldt, dat de consument kon begrijpen dat er iets mis was, toen zij maanden achtereen geen voorschotnota´s kreeg.
Hier tegenover staat, dat de ondernemer aanmerkelijk tekort is geschoten in de communicatie en afwikkeling, toen eenmaal duidelijk was dat de consument wel energie af wenste te nemen. De ondernemer is daaraan echter voldoende tegemoet gekomen door haar aanbod, dat zij gestand dient te doen. De klacht is gegrond nu dit aanbod is gedaan na de klacht.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
De ondernemer is gehouden te handelen overeenkomstig zijn aanbod, tot vergoeding van een bedrag groot € 50,–. Een en ander wordt verrekend met het depot.

Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 25,– aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie als bijdrage in de behandelingskosten van het geschil een bedrag verschuldigd van € 25,–.

Met in achtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag als volgt verrekend.
Het depotbedrag wordt uitgekeerd aan de ondernemer, onder aftrek van € 100,00. Aan de consument wordt uitbetaald € 75,00 en aan de commissie verblijft € 25,00 behandelingskosten.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie en Water op 3 augustus 2005.