Oordeel over contractverlenging in energiegeschil

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Energie    Categorie: Algemene voorwaarden / Beëindiging overeenkomst / Tarief    Jaartal: 2024
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: Ongegrond   Referentiecode: 233501/237024

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument beroept zich erop dat in het geëindigde jaarcontract bepaald is dat de overeenkomst
verlengd wordt voor onbepaalde tijd tegen variabele tarieven. De commissie oordeelt op basis van (de
bevestiging van) het gesloten jaarcontract en de toepasselijke Algemene Voorwaarden dat sprake is van
beëindiging van het jaarcontract. Het woord “verlenging” is verwarrend en onjuist gebruikt.

De uitspraak

Beoordeling

De consument had een jaarcontract tegen een vaste prijs tot en met 7 oktober 2023. Volgens de
contractvoorwaarden is de overeenkomst daarna automatisch verlengd naar een contract voor onbepaalde
tijd tegen variabele tarieven. De consument betoogt dat, nu er sprake is van verlenging, de overige
bepalingen uit het jaarcontract ook na 7 oktober 2023 van toepassing blijven, met name de bepaling over
de afrekening van de terug leveringsvergoeding. De ondernemer betoogt dat met ingang van genoemde
datum een nieuwe overeenkomst is gesloten, waarin een andere terug leveringsvergoeding bepaald is dan
in het jaarcontract.

De commissie overweegt dat voornoemd jaarcontract digitaal tussen partijen gesloten is. Partijen zijn het
erover eens dat daarin ook Algemene Voorwaarden (AV) overeengekomen zijn. Dat een jaarcontract tussen
partijen gesloten is, is aan de consument op 7 september 2022 bevestigd. In die bevestiging staat als
einddatum van het contract 7 oktober 2023. De consument heeft op de bevestiging niet gereageerd. De
toepasselijke AV vermelden in artikel 21.6 dat het jaarcontract, behoudens andere afspraak die niet
gemaakt is, omgezet wordt naar een contract voor onbepaalde tijd met variabele tarieven. Daarmee staat
naar het oordeel van de commissie voldoende vast dat het jaarcontract op 7 oktober 2023 geëindigd is en
dat voor de periode na 7 oktober 2023 tussen partijen een nieuwe overeenkomst van toepassing is. De
commissie erkent dat de vermelding van “verlenging” in de contractvoorwaarden (artikel 3.3) verwarrend
werkt. De ondernemer doet er goed aan dat woord te vermijden en voortaan te spreken over “omzetting”,
gelijk hij doet in de AV.

De consument heeft nog naar een soortgelijke klacht verwezen (227936/230804). De commissie komt
daarin, zij het op andere gronden, tot eenzelfde oordeel.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten
verschuldigd.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. R.J. Paris, voorzitter, de
heer R.A. Timmer, mevrouw J.M.A. van Haren, leden, op 29 februari 2024.