Operatie hangend ooglid goed uitgevoerd, voorlichting had beter gekund

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Zelfstandige Klinieken    Categorie: (On) zorgvuldigheid    Jaartal: 2022
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: ten dele gegrond   Referentiecode: 126553/130806

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over

De cliënte is door de zorgaanbieder geopereerd aan haar hangend linker ooglid, ze heeft vooraf duidelijk gevraagd of het ooglid helemaal omhoog te laten trekken. Er was weinig bespreekbaar voor en tijdens de operatie, er is niet gemeten of afgetekend en de cliënte is niet tevreden met het resultaat. Uit een second opinion is gebleken dat het ooglid wel hoger geplaatst had kunnen worden. De cliënte eist een hersteloperatie en een schadevergoeding. De zorgaanbieder stelt dat er bij de ingreep gestreefd is naar symmetrie. De overtollige huid is niet weggehaald omdat nog niet duidelijk was of het noodzakelijk zou zijn en hoeveel huid weggehaald moest worden. Het weghalen van de huid is een cosmetische ingreep die niet door de zorgverzekeraar vergoed wordt. De commissie oordeelt dat de operatie goed is uitgevoerd en dat de wens dan van cliënte, om haar ooglid helemaal op te trekken, niet reëel was. Wel vindt de commissie dat de zorgaanbieder tekort is geschoten in de voorlichting van de cliënte. Haar verwachtingen waren anders en dit had besproken moeten worden. De klacht is ten dele gegrond.

Volledige uitspraak

in het geschil tussen

[naam cliënte], wonende te [woonplaats]

en

Stichting Oogkliniek Drechtsteden, gevestigd te Papendrecht
(hierna te noemen: de zorgaanbieder).

Behandeling van het geschil
De Geschillencommissie Zelfstandige Klinieken (verder te noemen: de commissie) heeft kennisgenomen van de overgelegde stukken.

De behandeling heeft plaatsgevonden op 14 februari 2022 te Den Haag.

Beide partijen hebben hun standpunten nader toegelicht.
De zorgaanbieder werd ter zitting vertegenwoordigd door [naam vertegenwoordigers].

Onderwerp van het geschil
Het geschil betreft een ooglidcorrectie.

Standpunt van cliënte
Voor het standpunt van cliënte verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

In januari 2021 is cliënte geopereerd aan een hangend linker ooglid. Op het spreekuur heeft cliënte duidelijk verzocht om het linker ooglid helemaal omhoog te trekken en te kennen gegeven in de toekomst ook haar rechter ooglid helemaal omhoog te willen laten trekken. Er was weinig tot geen communicatie voor- en tijdens de operatie, over wat er gedaan zou worden en wat cliënte kon verwachten.
Cliënte is niet tevreden met het resultaat. Haar ooglid is niet helemaal opgetrokken en het ziet er niet natuurlijk uit.

Er is vooraf niet gemeten of afgetekend en er lag een doek/kleed over het rechter oog tijdens de operatie zodat tijdens de operatie niet naar de symmetrie is gekeken.
Ook de overtollige huid bij het linker ooglid is niet weggehaald. De zorgaanbieder zei in eerste instantie dat de huid wel weg zou trekken en later dat daarvoor een nieuwe operatie nodig was. Het ooglid kon niet meer hoger geplaatst worden.

Cliënte heeft een second opinion aangevraagd in een andere kliniek. Daar heeft een groot aantal artsen naar haar ogen gekeken en kreeg zij te horen dat het linker ooglid wel hoger geplaatst kan worden en dat het normaal is dat tijdens deze operatie ook de overtollige huid wordt verwijderd.

Cliënte vordert van de zorgaanbieder de kosten van deze hersteloperatie, inclusief het verwijderen van de overtollige huid, omdat de zorgverzekering deze operatie niet opnieuw vergoedt, en daarnaast een vergoeding voor geleden emotionele schade en de op te nemen vakantiedagen, in totaal een bedrag van
€ 4500,–.

Standpunt van de zorgaanbieder
Voor het standpunt van de zorgaanbieder verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Cliënte heeft een medisch noodzakelijke ptosiscorrectie ondergaan, die door de zorgverzekeraar is vergoed. De operatie is ongecompliceerd verlopen. Bij de ingreep is gestreefd naar symmetrie. De pupil is vrij en de oogleden zijn vrijwel symmetrisch. De overtollige huid is niet gelijktijdig met de ptosiscorrectie weggehaald omdat op dat moment niet duidelijk was of het noodzakelijk zou zijn om de overtollige huid weg te halen en ook niet duidelijk was hoeveel er weggehaald diende te worden. Het ooglid moet het oog nog wel kunnen afsluiten. Het weghalen van de huid is een cosmetische ingreep die niet door een zorgverzekeraar wordt vergoed. De zorgaanbieder heeft naar aanleiding van de klacht van cliënte aangeboden de overtollige huid weg te halen. Dit heeft zij afgewezen.

Beoordeling van het geschil
Vooropgesteld wordt dat voor aansprakelijkheid van de zorgaanbieder vereist is dat voldoende aannemelijk wordt dat de zorgaanbieder tekort is geschoten in het nakomen van de behandelingsovereenkomst. De aanwezigheid van een fout of een nalaten is een vereiste voor aansprakelijkheid van de zorgaanbieder.
De tekortkoming moet aan de zorgaanbieder kunnen worden verweten en cliënte moet door deze tekortkoming schade zijn toegebracht (causaal verband).

Ter zitting heeft de commissie vastgesteld dat cliënte de wens had dat haar ooglid helemaal zou worden opgetrokken, ook als dit tot een asymmetrisch resultaat zou leiden ten opzichte van haar rechter ooglid.
Haar idee was dat het rechteroog daarna aan de beurt zou komen.
De zorgaanbieder heeft gesteld dat hij een ingreep heeft uitgevoerd waarbij het ooglid vanuit de binnenkant is opgetrokken. Dit geeft het mooiste resultaat en er zijn geen littekens van de hechtingen zichtbaar.

De commissie is van oordeel dat de operatie lege artis is uitgevoerd. Haar is ambtshalve bekend dat het niet gebruikelijk is om tijdens deze ingreep de overtollige huid boven het ooglid weg te halen vanwege het risico dat het oog niet meer gesloten kan worden als te veel huid wordt weggehaald.
De wens van cliënte haar ooglid helemaal op te trekken is niet reëel. Een oogarts dient, vanuit de professionele standaard die hij moet aanhouden, bij deze ingreep altijd te streven naar een zo groot mogelijke symmetrie met het andere oog. Het is van algemene bekendheid dat het hoger optrekken van het ene ooglid zal leiden tot het meer gaan hangen van het andere ooglid. Dit geeft weer vervolgklachten.
Gelet op het vorenstaande is de commissie van oordeel dat de klacht voor zover deze ziet op het resultaat van de ingreep niet gegrond is.

Wel is de commissie van oordeel dat de zorgaanbieder is tekortgeschoten in de voorlichting aan cliënte.
Het lijkt erop dat de cliënte andere verwachtingen had van het resultaat van de ingreep en van de wijze waarop de ingreep is uitgevoerd. Hoewel ter zitting de zorgaanbieder heeft gesteld dat er van te voren wel met cliënte over de ingreep is gesproken, blijkt dat niet uit het medisch dossier.

Vordering tot schadevergoeding:
Voor aanspraak op een schadevergoeding is ten minste vereist dat de zorgaanbieder in enig opzicht toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van de behandelingsovereenkomst en dat er een causaal verband is tussen deze tekortkoming en de schade die is geleden.

De zorgaanbieder is tekort geschoten voor wat betreft de voorlichting aan cliënte. De commissie is echter van oordeel dat het causaal verband ontbreekt tussen de schade die cliënte heeft gevorderd en deze tekortkoming. Daarbij merkt de commissie op dat de ptosiscorrectie, die lege artis is uitgevoerd, is vergoed door de zorgverzekeraar en dat de zorgaanbieder coulance halve heeft aangeboden de overtollige huid boven het ooglid te verwijderen, welk aanbod door cliënte is afgeslagen.
De commissie wijst de vordering tot schadevergoeding af.

Daar de klacht gedeeltelijk gegrond wordt verklaard, zal de commissie, onder verwijzing naar artikel 22 van het reglement, de zorgaanbieder veroordelen tot vergoeding aan cliënte van het door haar betaalde klachtengeld, zijnde een bedrag van € 52,50.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De commissie:

– oordeelt dat de zorgaanbieder is tekortgeschoten in de uitvoering van de behandelingsovereenkomst waar het gaat om voorlichting aan cliënte;

– wijst het anders of meer gevorderde af;

– veroordeelt de zorgaanbieder tot vergoeding van het klachtengeld van € 52,50 dat cliënte voor de behandeling van het geschil aan de commissie heeft voldaan. Betaling dient binnen één maand na verzenddatum van deze uitspraak te geschieden.

– Overeenkomstig het reglement van de commissie is de zorgaanbieder aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Zelfstandige Klinieken, bestaande uit
mevrouw mr. A.D.R.M. Boumans, voorzitter, de heer dr. R.J. van Geest, de heer mr. R.P. Gerzon, leden, in aanwezigheid van mevrouw mr. W. Hartong van Ark, secretaris, op 14 februari 2022.