Waterverbruik consument wijkt sterf af van historisch waterverbruik

  • Home >>
  • Water >>
De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Water    Categorie: (non)conformiteit / Kosten    Jaartal: 2022
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: Ongegrond   Referentiecode: 165277/176461

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

In het onderhavige geschil klaagt de consument over het door de ondernemer op de jaarnota in rekening gebrachte waterverbruik, dat sterk afwijkt van het historische waterverbruik van de consument. Aanvankelijk vermoedde de consument dat sprake was van lekkage, maar naar onderzoek bleek daarvan geen sprake te zijn. Het hoge verbruik is niet te verklaren. De ijking van de meter heeft plaatsgevonden, maar heeft niets opgeleverd. De meter vertoonde geen afwijkingen. De ondernemer beroept zich op het uitgangspunt ‘meter is meter’. De commissie volgt het standpunt van de ondernemer. Er is weliswaar sprake van een aanzienlijk en veel groter jaarverbruik dan in de vorige jaren, maar objectieve aanwijzingen dat sprake is van een defecte meter zijn niet voorhanden. Een enkel vermoeden van de consument vormt geen bewijs. De klacht is ongegrond.

De beslissing

Onderwerp van het geschil
Het geschil betreft het door de ondernemer op de jaarnota van 12 maart 2022 in rekening gebrachte verbruik van water en het daarvoor in rekening gebrachte bedrag van € 575,21.

De consument heeft de klacht aan de ondernemer voorgelegd.

De consument heeft het bedrag van € 575,21 bij de commissie in depot gestort.

Standpunt van de consument
Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.

Op 22 december 2021 zocht de consument contact met klantenservice van de ondernemer omdat er veel water in de kruipruimte van haar woning stond. Tijdens dat gesprek bleek dat de consument de afgelopen periode 700.000 liter water had verbruikt. In de jaren daarvoor was sprake van een 85-90 m3 op jaarbasis.

Op advies van de ondernemer heeft de consument via haar verzekeraar een lekdetectiebedrijf ingeschakeld voor onderzoek. Dat vond op 24 december 2021 plaats. Van lekkage bleek geen sprake te zijn; er was geen drukverlies. Ook de CV was prima.

Navraag bij de buren leerde dat ook zij kampten met wateroverlast in de kruipruimte. Het bleek hoog grondwater te zijn. Er is sprake geweest van een samenloop van omstandigheden: een hoog grondwaterpeil, overvloedige regen en een niet te verklaren hoog waterverbruik.

De consument vermoedde dat de meter niet goed functioneerde en heeft deze door de ondernemer laten ijken. Uit het onderzoek bleek dat de meter juist functioneerde. Op 13 januari 2022 is de meter gewisseld en het verbruik is weer op het normale peil.

De consument kan de enorme hoeveelheid water niet anders verklaren dan als een gevolg van een foutieve registratie.

De consument verlangt dat aan haar een gemiddeld verbruik op basis van de afgelopen jaren in rekening wordt gebracht.

Ter zitting heeft de consument in hoofdzaak nog het volgende aangevoerd.

De consument heeft zowel een bedrag in depot gestort als het bedrag van de openstaande factuur aan de ondernemer voldaan.

De vervangen meter was verouderd. We hebben de kraan niet 12 dagen laten openstaan. De consument begrijpt dat zij een lastig verhaal heeft, nu de ijking niets heeft opgeleverd. Er moet iets niet goed zijn met de meter. Recht hebben en recht krijgen is een probleem. Een zwembad aan water is verdwenen. Mogelijk is een cijfertje van het telwerk versprongen. De consument wil geen nieuw onderzoek naar de meter.

Standpunt van de ondernemer
Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.

De consument heeft de afrekening volledig voldaan. Dat geldt ook voor de betaling van de factuur van de ijking van de watermeter.

De mogelijkheid van lekkage werd met de consument besproken omdat de meterstand veel hoger was dan verwacht. Vandaar het advies om een installateur in te schakelen. De ondernemer kent ook een lekvergoeding.

Op 24 december 2021 kreeg de ondernemer bericht van de consument dat de installateur geen lekkage had kunnen vaststellen. De consument verzocht om een ijking. Die heeft plaatsgevonden bij [bedrijf], die daarvan een rapport heeft gestuurd. De meter functioneerde naar behoren.

In verband met de ijking is de watermeter op 13 januari 2022 gewisseld.

Op grond van de Algemene Voorwaarden (AV) van de ondernemer geschiedt de vaststelling van de omvang van de levering aan de hand van de registratie daarvan door de meter. Die hoofdregel leidt uitzondering als de meter niet juist heeft gefunctioneerd of bij het opnemen of verwerken van de meterstand een fout is gemaakt. Daarvan is echter niet gebleken.

Er moet een andere omstandigheid zijn geweest die het hoge verbruik heeft veroorzaakt. Het is echter niet aan de ondernemer of de commissie om daarvoor een verklaring te geven. Het uitgangspunt is ‘meter is meter’.

Er is weliswaar sprake van een afwijkend verbruik, maar niet van een onmogelijk verbruik. Het totale verbruik kan in 12 dagen worden bereikt.

Ter zitting heeft de ondernemer verder nog in hoofdzaak het volgende aangevoerd.

De vervangen meter is in 2004/4 geplaatst. De grootschalige vervanging van de meters in het woongebied van de consument is vanwege de leeftijd van de meter(s).

Een oude meter meet doorgaans een lager verbruik. Het lag niet aan de meter en naar de oorzaak is het gissen. De ondernemer kent wel een lekregeling maar er is geen lekkage. Er is geen andere regeling of mogelijkheid om de consument tegemoet te komen. De ondernemer moet willekeur voorkomen.

Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.

In het onderhavige geschil klaagt de consument over het door de ondernemer op de jaarnota van 12 maart 2022 in rekening gebrachte waterverbruik, dat sterk afwijkt van het historische waterverbruik van de consument. Aanvankelijk vermoedde de consument dat sprake was van lekkage, maar naar onderzoek bleek daarvan geen sprake te zijn. Het hoge verbruik is niet te verklaren.

De ijking van de meter heeft plaatsgevonden, maar heeft niets opgeleverd. De meter vertoonde geen afwijkingen.

De ondernemer beroept zich op het uitgangspunt ‘meter is meter’.

De commissie volgt het standpunt van de ondernemer.

Er is weliswaar sprake van een aanzienlijk en veel groter jaarverbruik dan in de vorige jaren, maar objectieve aanwijzingen dat sprake is van een defecte meter zijn niet voorhanden. Een enkel vermoeden van de consument dat een cijfertje van het telwerk is versprongen vormt geen enkel bewijs. Ook niet in combinatie met het hoge verbruik, dat qua omvang niet onmogelijk is. Daarbij komt dat de consument heeft aangegeven geen nader onderzoek naar de meter te willen doen.

Voorts is het zo dat nu moet worden aangenomen dat het verbruik door de consument is geconsumeerd, te weten dat het water door de meter naar de binnenleiding is gestroomd, van de ondernemer geen verklaring van het verbruik wordt verlangd. De ondernemer heeft geen weet van de privésituatie van de consument en heeft daarop ook geen invloed.

Op grond van het bovenstaande is de klacht van de consument ongegrond.

Wel dient het depotbedrag aan de consument te worden teruggestort, nu de consument het openstaande bedrag ook aan de ondernemer heeft voldaan.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Overeenkomstig het reglement van de commissie dient de ondernemer een bijdrage in de behandelingskosten te voldoen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Water, bestaande uit
mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, drs. L. van Rootselaar en mr. P. Dekker-Stam, leden, op 6 september 2022.