Werkzaamheden aan tuin niet afgerond

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Groen    Categorie: (non)conformiteit    Jaartal: 2022
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: gegrond   Referentiecode: 116264/129119

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument klaagt over de uitgevoerde werkzaamheden door de ondernemer. Nadat de consument haar klachten kenbaar had gemaakt heeft de ondernemer de overeenkomst eenzijdig beëindigd. De ondernemer geeft aan bereid te zijn om de zaak af te wikkelen door middel van een schikking. De klacht is gegrond, aangezien de ondernemer het bedongen werk niet werk afgemaakt.

De uitspraak

Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een op 3 april 2021 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het uitvoeren van hovenierswerkzaamheden tegen de daarvoor door de consument te betalen prijs van € 14.267,58.

De werkzaamheden zijn gedeeltelijk uitgevoerd, maar op 9 juni 2021 gestaakt.

Het geschil betreft de vraag welk bedrag tussen partijen verrekend zou moeten worden.

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

De consument heeft een bedrag van € 3.840,– niet betaald en bij de commissie gedeponeerd.

Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De ondernemer is na het geven van de opdracht van start gegaan met de werkzaamheden. Al snel bleek dat de werkzaamheden niet conform de overeenkomst werden uitgevoerd. De consument had dus klachten over het werk. De consument heeft geprobeerd dit bespreekbaar te maken met de ondernemer.

De ondernemer heeft vervolgens op 9 juni 2021 eenzijdig de overeenkomst beëindigd. De consument heeft verzocht het werk toch nog af te maken, maar dat wilde de ondernemer niet.

De klachten over het werk zijn, beknopt weergegeven (en niet beperkt tot):
– Ten aanzien van de schutting: Niet goed geverfd, kier over de gehele breedte van de schutting, bovenste bevestigingsbalk begint kromt te staan;
– Overeengekomen dat de schutting voorzien zou zijn van hardhoutenpalen (dit is nu niet het geval);
– Schutting sluit aan de achterkant niet aan bij de schutting van de buren;
– Geplaatste korfjes zijn te kort;
– Metalen palen verwijderd (niet conform afspraak);
– Terrastegels niet goed geplaatst. Moeten opnieuw worden gelegd.
– Te veel uren in rekening gebracht, terwijl niet alle uren zijn gewerkt;
– Betonpoeren geplaatst waarbij de stelplaten niet zijn bijgeleverd. Wel in rekening gebracht;
– Overkapping niet geleverd, terwijl betonpoeren al geplaatst zijn;

Omdat de ondernemer de overeenkomst heeft beëindigd, is de consument genoodzaakt het werk door een ander af te laten maken. De consument maakt aanspraak op de daaraan verbonden meerkosten, die door een deskundige kunnen worden begroot.

De consument is het op een aantal punten niet eens met de deskundige. Volgens de consument wordt hij met de berekening van de deskundige ernstig benadeeld, omdat zaken die voor rekening van de ondernemer zouden moeten komen nu voor rekening van de consument zijn.

Ter zitting heeft de consument verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

Het lijkt wel alsof de deskundige niet echt op de hoogte was van de plaatselijke situatie en de gebreken, die de consument heeft aangekaart niet begrepen heeft. De consument is het niet eens met de insteek van de deskundige en met hetgeen hij gerapporteerd heeft.

De door de consument gevraagde kosten zijn alleszins redelijk en de vermelde prijzen in de offertes zijn marktconform. De consument kan zich niet onttrekken aan de indruk dat de ondernemer een verkeerde calculatie gemaakt heeft, die hij uiteindelijk niet meer gestand kon doen. Dat zou de werkelijke reden van het staken van de werkzaamheden geweest kunnen zijn.

De prijzen zijn sinds de ondernemer het werk gestaakt heeft zeer aanzienlijk gestegen, waar de consument niet de dupe van mag worden.

Het hovenierswerk is grotendeels door de ondernemer afgerond, het gaat in hoofdzaak over de overkapping en het tegelwerk. Ook ligt er geen worteldoek onder het kunstgras.

De consument verlangt verrekening van de volledige door de consument te maken extra kosten met hetgeen de consument al betaald heeft.

Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De ondernemer heeft zich uitgebreid tegen de punten van kritiek van de consument verweerd en per punt zijn mening gegeven.
De ondernemer is bereid tot een financiële verrekening, ter hoogte van het door de deskundige genoemde bedrag.

Ter zitting heeft de ondernemer verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

De ondernemer kan zich vinden in de opstelling van de deskundige. Hij is bereid het door de deskundige genoemde bedrag te betalen.

Wat de ondernemer geleverd heeft, is technisch in orde, de deskundige heeft daar ook geen opmerkingen over.

In het gesprek dat tussen partijen heeft plaatsgevonden bleek dat de consument geen vertrouwen meer had in de ondernemer. De ondernemer heeft daar uitdrukkelijk naar gevraagd en kreeg dat ook zo meegedeeld. Ook de ondernemer zelf had er geen vertrouwen in dat de facturen nog betaald zouden worden. Als het vertrouwen over en weer weg is, is er geen basis om nog door te gaan.

Deskundigenrapport
De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport, voorzover thans van belang, het volgende vastgesteld.

De ondernemer heeft te kennen gegeven het werk niet af te maken om dringende redenen.

Er is een overzicht gemaakt van het tot dan uitgevoerde werk en er is een voorstel gedaan aan de consument om te komen tot een eindafrekening. De consument gaat met dit voorstel niet akkoord. De consument vraagt om een kostenopstelling.

De deskundige heeft een overzicht gemaakt van het uitgevoerde werk, met daarbij verrekening van de kosten voor herstelwerken, c.q. levering verkeerde materialen voortvloeiend uit het reeds aangelegde werk.

De deskundige kan geen meerkosten berekenen van de overkapping die inmiddels geplaatst is door derden. Dit is toe te schrijven aan de summiere specificatie van de overkapping in de offerte van de ondernemer. De nu geplaatste overkapping door derden heeft een zeer hoog kwaliteitsniveau.

De schutting op de erfgrens van de buren is goed geplaatst, en een keer geverfd, zoals gebruikelijk is. De staanders van douglas hout zijn conform de aanbieding in de offerte. De open ruimte te zien vanaf het brandpad tussen de geplaatste schutting op de erfgrens en de oude schutting van de buren moeten de buren zelf dichtmaken, c.q. als de ondernemer dit moet doen is het meerwerk.

De schutting aan de straatzijde: of de bestaande ijzeren paaltjes los of stevig genoeg vast stonden om hieraan de nieuwe schutting vast te zetten is niet meer te controleren. De nieuwe ijzeren paaltjes zijn stevig verankerd in de bestaande muur. De schanskorfjes zijn 80 cm. hoog in plaats van 120 cm. hoog. Het plaatsen van de planken is door derden gebeurd.

Op enkele plaatsen is de aangelegde bestrating verzakt (tegels aansluitend tegen terras bij woonkamer), c.q. is het afschot verkeerd (bij de overkapping).

Volgens de deskundige is de omvang van de klachten opvallend.

Herstel of reparatie is technisch mogelijk. Het restant van het werk, waaronder het plaatsen van de overkapping en schutting straatzijde, is inmiddels uitgevoerd door derden. Alleen het herstellen van verzakt, c.q. niet onder afschot gelegde tegelverharding, moet nog uitgevoerd worden.

De deskundige heeft een financieel overzicht opgesteld. Daaruit blijkt dat de ondernemer € 2.208,32 aan de consument zou moeten terugbetalen.

De kosten voor het leveren en plaatsen van de overkapping door de ondernemer zijn in de offerte begroot op (€ 2.770,– + € 960,–) x 21% = totaal € 4.513,–. De consument heeft de kosten voor de aanleg van de overkapping door derden toegevoegd aan het dossier.

Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.

De consument is het niet eens met de bevindingen van de door de commissie ingeschakelde deskundige en met zijn op die bevindingen gebaseerde berekening. De consument heeft tegenover het deskundigenrapport geen eigen deskundigenrapport gezet.

De commissie heeft geen reden om te twijfelen aan de deskundigheid of de onafhankelijkheid van de door de commissie ingeschakelde deskundige.

Tussen partijen staat vast dat de ondernemer het werk niet heeft afgemaakt. Voor de commissie is daarbij in dit geval niet van belang wat daar de reden van is. De ondernemer heeft het werk in zijn geheel aangenomen en had dit dan ook in zijn geheel moeten afmaken.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.

De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft berekend wat de waarde is van het door de ondernemer uitgevoerde werk. Daarbij is de overkapping buiten de beoordeling gelaten.

Volgens de deskundige resulteert de berekening van het uitgevoerde werk, de aftrek van hetgeen niet is uitgevoerd of hersteld moest worden, een en ander in mindering gebracht op het door de consument aan de ondernemer betaalde bedrag in een terugbetaling door de ondernemer van € 2.208,32.

Volgens de consument was het echte hovenierswerk nagenoeg afgerond. Wat nog gedaan moest worden, inclusief de herstelwerkzaamheden die nog uitgevoerd zouden moeten, zijn door de deskundige meegenomen in zijn berekening. Enkel de overkapping is daarbuiten gelaten. Die overkapping was echter nog niet aan de consument in rekening gebracht.

De commissie is er niet van overtuigd dat de uiteindelijk geplaatste overkapping in opzet en uitvoering gelijk is aan de overkapping die tussen partijen was afgesproken. De commissie vindt het prijsverschil tussen de overkapping die de ondernemer had aangeboden en de overkapping die uiteindelijk gerealiseerd is niet in verhouding staan tot het totale bedrag van de overeenkomst.

Wel is aannemelijk dat de materiaalkosten na het moment waarop de ondernemer het werk gestaakt heeft in prijs zijn gestegen. De commissie vindt dat daar wel rekening mee gehouden moet worden. De commissie neemt daarbij de door de ondernemer op € 2.770,– begrote materiaalkosten als uitgangspunt.

De commissie bepaalt dat de consument, met inachtneming van de redelijkheid en billijkheid, een op € 3.500,– bepaalde vergoeding toekomt, waarin inbegrepen is het aan de consument terug te betalen bedrag van € 2.208,32.

Het door de consument in depot gestorte bedrag zal aan de consument worden terugbetaald.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De ondernemer betaalt aan de consument een vergoeding van € 3.500,–. Betaling dient plaats te vinden binnen een maand na de verzenddatum van dit bindend advies.

Indien betaling niet tijdig plaatsvindt, betaalt de ondernemer bovendien de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de verzenddatum van het bindend advies.

De commissie wijst het meer of anders verlangde af.

Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Met in achtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag als volgt verrekend.

Het depotbedrag ad € 3.840,– wordt terugbetaald aan de consument.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Groen, bestaande uit mr. F.H.C.M. van Schaijk, voorzitter, R. Ruijs en mr. C.R.J.M. den Hartog-Kaaij, leden, op 11 april 2022.