ONEERLIJKE HANDELSPRAKTIJKEN LAND-BOUW- EN VOEDSELVOORZIENINGSKETEN

Deze commissie behandelt geschillen tussen een landbouwproducent of een bedrijf dat landbouw- en voedingsproducten verkoopt (de leverancier) en een bedrijf dat landbouw- en voedingsproducten koopt (de afnemer). Het geschil gaat over de vraag of er sprake is van een oneerlijke handelspraktijk, zoals genoemd in de Wet Oneerlijke Handelspraktijken Landbouw- en Voedselvoorzieningsketen. Elke afnemer is wettelijk verplicht  aan de procedure mee te werken. 

Welke klachten behandelt de commissie Oneerlijke Handelspraktijken Landbouw- en Voedselvoorzieningsketen?

In artikel 2 tot en met 4 van de Wet Oneerlijke Handelspraktijken Landbouw- en Voedselvoorzieningsketen (de Wet) staat precies over welke handelspraktijken u een klacht kunt indienen. Vereenvoudigd weergegeven kunt u een klacht indienen over:

- Late betalingen aan leveranciers (na 30 dagen voor bederfelijke producten en na 60 dagen voor niet-bederfelijke producten);
- Last-minute annuleringen door afnemers;
- Eenzijdige wijzigingen of wijzigingen met terugwerkende kracht in contracten en voorwaarden;
- Het dwingen van de leverancier om te betalen voor de verspilling van producten
- Het weigeren van schriftelijke contracten;
- De leverancier laten betalen voor zaken die geen verband houden met de verkoop van de producten;
- De leverancier laten betalen voor bederf en verlies als de producten al in eigendom zijn van de afnemer;
- De leverancier laten betalen voor onderzoek naar klachten van klanten;
- Het verkrijgen/gebruiken en/of openbaar maken van bedrijfsgevoelige informatie van de leverancier;
- (Dreigen met) vergeldingsacties.

En als dat vooraf niet duidelijk in het contact is vastgelegd, kunt ook een klacht indienen over:

- Het verwijderen en/of retourneren van onverkochte producten aan de leverancier zonder betaling voor die producten;
- Het vragen van vergoedingen voor de kosten voor opslag, opname in het assortiment, etc;
- Het vragen van vergoedingen voor de kosten van promotie zoals marketing, reclame of uitstalling in winkels;
- Het vragen van vergoedingen voor de kortingen op de producten uit promotieacties;
- Het vragen van vergoedingen voor de kosten van het personeel voor de inrichting van de ruimten waar de producten van de leverancier worden gebruikt.

De in de Wet genoemde handelspraktijken worden alleen als onrechtmatig gezien in handelsrelaties tussen een ‘kleinere’ leverancier en een ‘grotere’ afnemer:

Leverancier met een omzet van:

En heeft bescherming tegen een afnemer met een omzet van:

Minder dan 2 miljoen euro

meer dan 2 miljoen euro

Tussen de 2 miljoen en 10 miljoen euro

meer dan 10 miljoen euro

Tussen de 10 miljoen en 50 miljoen euro

meer dan 50 miljoen euro

Tussen de 50 miljoen en 150 miljoen euro

meer dan 150 miljoen euro

Tussen de 150 miljoen en 350 miljoen euro

meer dan 350 miljoen euro

Ten hoogste 350 miljoen euro

de afnemer is een overheidsinstantie

De Commissie kan op dit moment uw klacht alleen behandelen als de overeenkomst met uw afnemer is gesloten op of na 15 april 2021. Per 15 april 2022 moeten ook alle bestaande contracten voldoen aan de Wet en kunt u daarover ook een geschil indienen.

Anoniem klagen

Een leverancier kan (bijvoorbeeld wegens vrees voor de gevolgen in de individuele relatie met de afnemer), als het geschil zich daarvoor leent, het geschil door een gemachtigde aan de geschillencommissie laten voorleggen zonder dat de identiteit van de leverancier daarbij bekend wordt gemaakt. De leverancier wil bijvoorbeeld weten of een bepaling in een standaardcontract een oneerlijke handelspraktijk is. De (voorzitter van de) commissie zal daarvoor moeten vaststellen of de zij voldoende geïnformeerd is om over het geschil een uitspraak te kunnen doen.

Omdat de leverancier anoniem blijft, kan de commissie in zo’n geval geen bindende uitspraak doen. Hoewel niet-bindend geeft deze uitspraak wel aan hoe de commissie over de handelspraktijk denkt.

Afnemer met een klacht

Een afnemer (koper) van landbouw- en voedingsproducten kan ook zelf het initiatief nemen om een geschil met de leverancier aan de Commissie voor te leggen. Bijvoorbeeld omdat hij er met de leverancier niet uit komt, maar het geschil wel graag opgelost ziet. In dat geval zullen wij de leverancier vragen daaraan mee te werken. Er is voor de leverancier namelijk geen wettelijke plicht om dat te doen.

Kosten

Het klachtengeld bedraagt: € 250,-- (exclusief BTW).

Procedure

Bekijk alle informatie over hoe u een klacht bij ons kunt indienen en onze procedure op de pagina Procesinformatie.

De uitspraak van de commissie is bindend voor partijen, tenzij één van hen - binnen drie maanden nadat de uitspraak aan partijen werd verzonden - het geschil bij de rechter aanhangig heeft gemaakt. Bij een anoniem ingediende klacht is de uitspraak nooit bindend voor partijen.

ACM

De Autoriteit Consument & Markt (ACM) handhaaft de wet vanaf 1 november 2021. Als afnemers zich niet aan de regels houden, kunnen (voedsel)leveranciers dat melden bij de ACM, ook anoniem. De ACM onderzoekt of sprake is van een oneerlijke handelspraktijk die door de wet is verboden. Bij sprake van een overtreding, kan de ACM de afnemer een boete opleggen. U kunt bij zowel De Geschillencommissie als de ACM melding maken over dezelfde overtreding van uw afnemer. Deze procedures staan los van elkaar.

Meer informatie