Commissie: Geestelijke Gezondheidszorg
Categorie: (Niet) Ontvankelijkheid
Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Niet-ontvankelijkverklaring
Uitkomst: niet-ontvankelijk
Referentiecode:
1273714/1310967
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De uitspraak gaat over een cliënt die klaagt dat zorgaanbieder CrisisCare B.V. geen gesprek met hem wilde voeren en zelfs zou hebben gedreigd met een aangifte van stalking. De commissie moest eerst beoordelen of de cliënt deze klacht überhaupt mocht indienen. Uit de stukken blijkt dat de cliënt deze klacht nog niet eerder officieel bij de zorgaanbieder zelf had gemeld. Volgens de regels moet een klacht altijd eerst daar worden ingediend voordat de Geschillencommissie deze kan behandelen. De zorgaanbieder gaf bovendien aan dat er geen gesprek is geweigerd, maar dat zij duidelijke grenzen moesten stellen omdat de cliënt langdurig veel en dwingend contact zocht met meerdere medewerkers, wat onveiligheid veroorzaakte. De commissie concludeert dat het hier gaat om een nieuwe klacht die nooit via de normale klachtenprocedure is ingediend. Er zijn geen redenen om hiervan af te wijken. Daarom verklaart de commissie de cliënt niet‑ontvankelijk, wat betekent dat de zaak niet inhoudelijk wordt behandeld. De klacht is dus niet toegewezen.
De volledige uitspraak
in het geschil tussen
[Naam], wonende te [woonplaats] (hierna te noemen: de cliënt)en
CRISISCARE B.V., gevestigd te Amsterdam
(hierna te noemen: de zorgaanbieder).
Behandeling van het geschil
Uit de stukken blijkt dat eerst dient te worden vastgesteld of de cliënt in zijn klacht ontvankelijk is.
De Geschillencommissie Geestelijke Gezondheidszorg (verder te noemen: de commissie) heeft kennisgenomen van de overgelegde stukken.
De behandeling heeft plaatsgevonden op 16 januari 2026 te Den Haag.
Partijen zijn niet voor de zitting opgeroepen.
Onderwerp van het geschil
Het geschil betreft de klacht dat de zorgaanbieder heeft geweigerd met de cliënt in gesprek te gaan. Allereerst dient de commissie te beoordelen of de cliënt ontvankelijk is in zijn geschil.
Standpunt van de cliënt
Voor het standpunt van de cliënt verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De cliënt verwijt de zorgaanbieder het negeren en weigeren van verzoeken tot een gesprek. Ook heeft de zorgaanbieder gedreigd met aangifte van stalking. De directie van de zorgaanbieder lost de problemen niet op, maar schuift ze af. De klachtenfunctionaris van de zorgaanbieder is partijdig en bleek geen oplossing te bieden.
Door de gang van zaken met de zorgaanbieder heeft de cliënt een slechte reputatie gekregen en hij kan daardoor geen andere zorgverlening vinden.
Standpunt van de zorgaanbieder
Voor het standpunt van de zorgaanbieder verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De klacht over het weigeren van een gesprek en dreigen met aangifte is niet eerder aan de zorgaanbieder voorgelegd.
Voor wat betreft dit klachtonderdeel beroept de zorgaanbieder zich dan ook op niet-ontvankelijkheid van de cliënt.
Ten aanzien van het overige merkt de zorgaanbieder op dat de cliënt na afronding van de behandeling herhaalde, veelvuldige en indringende pogingen heeft gedaan om persoonlijk contact met zijn vrouwelijke oud-behandelaar af te afdwingen. Dit is door de zorgaanbieder als ernstig grensoverschrijdend ervaren. De cliënt is hier uitdrukkelijk op aangesproken en ontmoedigd, omdat dit gedrag bij de betrokken behandelaar gevoelens van onveiligheid en grote onrust veroorzaakte.
Tijdens en nadat de cliënt hierin werd begrensd, heeft hij zijn gerichtheid opgerekt naar andere functionarissen binnen de organisatie, onder wie de regiebehandelaar en directieleden. Ook jegens hen is vervolgens sprake geweest van een aanhoudend patroon van dwingende, intimiderende en excessieve
e-mailcorrespondentie, ondanks herhaalde verzoeken om hiermee te stoppen en communicatie te beperken tot de formele klachtenprocedure.
Het is feitelijk onjuist dat de directie een gesprek heeft geweigerd; onder andere in de communicatie van
3 oktober 2025 zijn de communicatielijnen en het klachtenreglement helder toegelicht aan de cliënt. Hierin is duidelijk gemaakt op welke wijze en onder welke voorwaarden contact mogelijk is en dat het klachtenreglement te allen tijde wordt gevolgd.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
In het bericht van 3 januari 2026 aan de commissie heeft de cliënt bevestigd dat de klachten van de cliënt zien op drie zaken: “Er zijn 3 zaken; 1. Klacht [naam], on hold, gaat eerst via het tuchtcollege. 2. Klachten over de organisatie, die stapelen zich op, daarom ook on hold. 3. Het geschil over wel of geen gesprek n.a.v. een klacht aan mijn adres. Want ik heb o.a. de vraag; wie is strafbaar, ik of mevrouw [naam]?”
Uit dit bericht maakt de commissie op dat het onderhavige geschil slechts ziet op het kennelijk weigeren van een gesprek door de directie van de zorgaanbieder.
Dit betreft een nieuwe klacht, niet betreffende de zorgverlening zelf, die niet eerder bij de zorgaanbieder is ingediend. Op grond van artikel 6, lid 1, sub a, van het Reglement Geschillencommissie Geestelijke Gezondheidszorg verklaart de commissie de cliënt dan ook niet-ontvankelijk in deze klacht. De commissie is niet gebleken van omstandigheden die maken dat redelijkerwijs niet van de cliënt verwacht kon worden dat hij de klacht eerst bij de zorgaanbieder zou indienen.
Op grond van het voorgaande zal de commissie de cliënt niet-ontvankelijk verklaren in zijn klacht.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De cliënt wordt in de klacht niet-ontvankelijk verklaard.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Geestelijke Gezondheidszorg, bestaande uit de heer mr.
H.A. van Gameren, voorzitter, de heer drs. T. Knap, mevrouw mr. H.E.L. Loeffen, leden, in aanwezigheid van mevrouw mr. S.M.E. Balfoort, secretaris, op 16 januari 2026.