Commissie: Commissie
Categorie: Betaling
Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
489468/541952
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument klaagde dat hij door de ondernemer onterecht werd verplicht om €20 per pakket bij te betalen, omdat de afmetingen en het gewicht van zijn brievenbuspakketjes volgens de ondernemer niet overeenkwamen met de opgegeven gegevens. De consument stelde dat de metingen onjuist waren en dat hij geen adequate reactie kreeg op zijn bezwaar.
De ondernemer erkende in de procedure een fout en bevestigde dat op 16 september 2024 een bedrag van €27,50 was terugbetaald aan de consument. De Geschillencommissie Post oordeelde dat hiermee aan de vordering was voldaan. De eis tot excuses werd afgewezen, omdat deze niet juridisch afdwingbaar is. De klacht werd als gegrond aangemerkt, omdat de oplossing pas tijdens de procedure werd bereikt.
De ondernemer moet het klachtengeld van €27,50 aan de consument vergoeden. Verdere vorderingen werden afgewezen.
De volledige uitspraak
BINDEND ADVIES
van de Geschillencommissie Post
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft bijbetaling door de consument omdat de grootte en gewicht van de verzonden pakketten anders was dan waarvoor betaald is.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De ondernemer pleegt fraude door de consument te willen laten betalen voor een groter pakket dan hij heeft aangeleverd. Dit gaat om brievenbus pakketjes waarvan de ondernemer zegt dat het pakket zwaarder en groter is dan de consument heeft aangegeven bij het kopen van het verzendbiljet.
De ondernemer doet iets fout bij zijn meting. Hij wil dat de consument 20 euro per pakket bijbetaalt. De consument krijgt geen reactie op zijn bezwaren. Bij een klachtmelding krijgt hij een voicemail dat hij een bezwaar mag indienen. De service medewerker zegt dat hij niets kan doen en dat de consument moet betalen.
De consument verlangt dat de ondernemer zijn beschuldiging terugdraait, gewoon reageert en excuses aanbiedt en zorgt dat dit niet meer gebeurt.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De ondernemer heeft het volgende aan de commissie bericht: “Graag wil ik u laten weten dat ik heb onderzocht of de betaling heeft plaatsgevonden. Uit dit onderzoek blijkt dat een bedrag van €27,50 op 16 september 2024 door [ondernemer] is overgemaakt.”
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
De commissie leidt uit de reactie van de ondernemer af dat hij erkent een fout gemaakt te hebben en dat hij het kennelijk door de consument te veel betaalde heeft gerestitueerd. Daarmee is aan de vordering van de consument voldaan. Excuses, die de consument ook gevorderd heeft, kunnen niet toegewezen worden. Het gaat om een gemoedsbeweging die niet afdwingbaar is. De vordering wordt dan ook afgewezen. De consument heeft nog aan de orde gesteld dat het ervaren probleem niet definitief verholpen is, maar de commissie kan daarover niet oordelen nu daartoe te weinig gegevens zijn verstrekt en geen van beide partijen ter zitting verschenen zijn om een toelichting te geven. Omdat het geschil eerst in de loop van deze procedure opgelost is, wordt de klacht als gegrond aangemerkt. In die situatie dient de ondernemer aan de consument het klachtengeld te vergoeden.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De vordering wordt afgewezen, doch de ondernemer dient overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 27,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Post, bestaande uit de heer mr. R.J. Paris, voorzitter, de heer drs. G.J.F.M. Klaas en de heer H.W. Zuur, leden, op 13 december 2024.