Commissie: Commissie
Categorie: Betaling
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
776931/905896
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument verstuurde een aangetekend pakket naar Spanje met een waarde van €500, maar ontving slechts een schadevergoeding van €62,55 nadat het pakket vermist raakte. Volgens haar had een medewerker van het servicepunt een verkeerde barcode aangebracht, waardoor het pakket slechts tot €50 verzekerd was. Ze stelde dat dit niet haar fout was.
De Geschillencommissie Post oordeelde dat het de verantwoordelijkheid van de verzender is om het verzendbewijs te controleren en de juiste verzekeringsoptie te kiezen. De consument erkende dat ze het verzendbewijs niet had gecontroleerd. Omdat het verzendbewijs geen hogere verzekerde waarde vermeldde, werd de klacht afgewezen. De commissie ging ervan uit dat de ondernemer de aangeboden schadevergoeding van €62,55 nakomt. De uitspraak is bindend.
De volledige uitspraak
BINDEND ADVIES
Geschillencommissie Post
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft een verloren gegaan, verzekerd pakket. De discussie gaat over de vraag voor welk bedrag het pakket verzekerd was.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De consument heeft aangetekend een pakket verstuurd naar Spanje. Dat pakket is niet aangekomen en zij heeft dat ook niet meer teruggekregen. De ondernemer geeft toe dat zij schade heeft geleden. Het pakket had een waarde van €500,– (ook duidelijk gemeld aan de medewerkster). Maar post medewerkster heeft verkeerde label/barcode erop gedaan, zodat het maar voor €50,– verzekerd zou zijn. De ondernemer zegt dat de consument moest controleren welke barcode er op het pakket ging.
Ook gaf de ondernemer het volgende aan: ” Onze medewerker kan niet weten op welk pakket welke zegel moet”. Dit lijkt voor de consument de omgekeerde wereld, daarom vroeg de consument het juist aan de medewerkster. De schade is € 500,–.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De ondernemer hanteert algemene voorwaarden en specifieke productvoorwaarden voor aangetekende verzendingen, die openbaar beschikbaar zijn op zijn website en bij zijn servicepunten. Bij het sluiten van de officiële postkantoren heeft de ondernemer ervoor gekozen de informatievoorziening aan de balies te beperken. Hierdoor is het de verantwoordelijkheid van de verzender om zich voorafgaand aan de verzending te informeren over de geldende voorwaarden en de bijbehorende verzekeringsopties.
De consument stelt dat zij haar zending verzekerd heeft verzonden voor een bedrag van € 500,– en dat de PostNL-medewerker een verkeerde barcode heeft aangebracht. Echter, het kiezen van de juiste verzekeringsoptie en het controleren van het verzendbewijs alvorens betaling ligt bij de verzender. De barcode en bijbehorende verzekeringsdekking worden duidelijk weergegeven op het verzendbewijs, dat direct na betaling aan de klant wordt verstrekt.
Geen nalatigheid of contractbreuk
PostNL-medewerkers kunnen klanten adviseren, maar zij zijn niet verantwoordelijk voor het bepalen van de juiste verzendopties of het controleren van verzekerde waarden. De consument had de mogelijkheid om direct na betaling haar verzendbewijs te controleren en, indien nodig, correcties te laten aanbrengen. In dit geval heeft zij de zending geaccepteerd met een verzekering tot € 50,–. Er is geen sprake van een contractbreuk of nalatigheid aan de zijde van de ondernemer.
Conformiteit schadevergoeding
Op basis van de Algemene Voorwaarden heeft de ondernemer de consument een schadevergoeding aangeboden van € 62,55, bestaande uit de verzekerde waarde van € 50,– plus de verzendkosten van € 12,55. Dit bedrag is conform de overeengekomen voorwaarden en de gekozen verzendoptie. Een hogere vergoeding valt buiten de aansprakelijkheid van de ondernemer.
Conclusie
Gezien het bovenstaande verzoekt de ondernemer de commissie om de claim van de consument af te wijzen. De ondernemer heeft gehandeld in overeenstemming met de geldende voorwaarden en procedures. De verantwoordelijkheid voor het kiezen en controleren van de juiste verzendoptie ligt bij de verzender, en de ondernemer kan niet aansprakelijk worden gehouden voor de door de consument gestelde schade.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Het gaat in deze zaak om een verloren gegaan pakket dat aangetekend verzonden was. Op het verzendbewijs staat geen verzekerd bedrag; bij aangetekende verzending is de verzekering € 50,–. De consument zegt dat zij tegen de medewerkster van het servicepunt gezegd heeft dat het pakket een waarde had van € 500,–. De consument erkende ter zitting dat zij het verzendbewijs na ontvangst zonder het te controleren opgeborgen heeft.
De commissie is van oordeel, in het midden latend in welke vorm de consument verzocht heeft om een verzekerde waarde van €500,– toe te passen, dat de klacht afgewezen moet worden. Immers na ontvangst van het verzendbewijs had de consument dienen te controleren of haar opdracht correct was uitgevoerd. Het door de consument verzochte verzekerde bedrag bleek in elk geval niet uit het verzendbewijs. Daarbij komt nog dat zij had kunnen onderkennen dat de gestelde fout gemaakt is, omdat op een verzekerde waarde van € 500,– een ander tarief van toepassing is. De door de consument geciteerde mededeling van een medewerkster toen de consument haar klacht bij de ondernemer indiende, is onjuist, maar verandert het hiervoor overwogene niet.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is. De commissie gaat ervan uit dat de ondernemer zijn tot betaling van € 62,55 nakomt.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Post, bestaande uit de heer mr. R.J. Paris, voorzitter, de heer drs. G.J.F.M. Klaas en mevrouw mr. M.T. Buiting, leden, op 28 maart 2025.
De uitspraak die de commissie heeft gedaan, is bindend voor beide partijen en vormt het sluitstuk van de procedure. De commissie kent geen mogelijkheid om tegen de uitspraak in beroep te gaan of deze te herzien. Ook niet in het geval van nieuwe feiten of argumenten. U kunt wel binnen 2 maanden na de verzenddatum van de uitspraak aan de burgerlijke rechter vragen de uitspraak te vernietigen. De andere partij heeft die mogelijkheid ook.
De rechter kan de uitspraak vernietigen als hij vindt dat de uitspraak onaanvaardbaar is; inhoudelijk of door de wijze van totstandkoming. Wanneer de uitspraak niet binnen 2 maanden door een van de partijen aan de burgerlijke rechter is voorgelegd door dagvaarding van de andere partij, kan de uitspraak niet meer ongedaan gemaakt worden.