Dat woning meer dan zes maanden te koop heeft gestaan is de ondernemer niet te verwijten. Ook niet omdat het tuinhuis enige tijd ten onrechte is aangeduid als schuur.

  • Home >>
  • Makelaardij >>
De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Makelaardij    Categorie: Bemiddeling    Jaartal: 2009
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: MAK07-0025

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft de kwaliteit van de dienstverlening door de ondernemer in de bemiddeling bij verkoop. Tevens verwijt de consument de ondernemer onjuist gedrag bij de aankoop door de consument van een woning.
Door de consument is een bedrag van € 1.700,51 niet betaald en in depot gestort bij de commissie.
                      
Standpunt van de consument

Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.

De bemiddeling bij verkoop schoot tekort doordat er geen belangstelling was tijdens meer dan een half jaar. Bovendien bleef de ondernemer het tuinhuis in advertenties aanduiden als schuur.
Bij de aankoop schoot de ondernemer, optredend voor de verkoper, ook tekort.
Het gekochte pand bleek deels te staan op grond van de buren.
Bovendien bleek in weerwil van een mededeling de aankoop van een belendend stuk grond niet mogelijk.
 
Standpunt van de ondernemer

Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.

De kwaliteit van de inspanningen bij verkoopbemiddeling was wel voldoende. Het klopt dat het tuinhuis aanvankelijk als schuur is aangemerkt. Er is discussie mogelijk over de juiste aanduiding maar uiteindelijk is de wens van de consument gevolgd. Dat het een half jaar te koop stond lag niet aan gebrek aan inzet van mij. Er was verdenking van aanwezigheid van asbest en daar moest ik dus melding van maken.
De buurman van het aangekochte perceel heeft mij gezegd dat aankoop tot de mogelijkheden behoorde. Mij kan niet verweten worden indien later toch geen bereidheid bestaat.
Voor het tekenen van de koop wist de consument al dat een deel van het huis op een ander perceel stond. De verkoper en de eigenaar van dat deel van de ondergrond hebben zich dat altijd gerealiseerd maar hebben daar nooit een punt van gemaakt.
De consument wilde dit geregeld hebben voor het transport. De eigenaar was bereid tot verkoop van het betreffende stuk ondergrond. Uit coulance heb ik toen de koopsom voldaan maar. De kosten van overdracht behoren dan voor rekening van de consument te komen.
 
Beoordeling van het geschil

Het enkele feit dat de in verkoop genomen woning meer dan zes maanden te koop heeft gestaan is de ondernemer niet te verwijten, ook niet in combinatie met het gegeven dat het tuinhuis wellicht enige tijd ten onrechte is aangeduid als schuur. Niet aannemelijk is gemaakt dat de ondernemer zich onvoldoende zou hebben ingespannen.
Die klacht is daarom ongegrond. De ondernemer heeft aanspraak op courtage zodat het bedrag in depot hem toekomt.
Voor wat betreft de aankoop van de woning heeft te gelden dat hier geen sprake is van een overeenkomst tussen consument en ondernemer. De ondernemer trad hier immers op voor de verkopende partij van wie de consument kocht. Nu de commissie op grond van artikel 3 van het reglement uitsluitend bevoegd is te beslissen in geschillen tussen consument en ondernemer voorzover betrekking hebbend op overeenkomsten met betrekking tot door de ondernemer te leveren of geleverde diensten is zij voor wat betreft dit onderdeel van de klacht onbevoegd.
 
Beslissing

De commissie verklaart de klacht met betrekking tot de dienstverlening bij aankoop ongegrond en bepaalt dat het in depot gestorte bedrag van € 1.700,51 wordt overgemaakt aan de ondernemer.

De commissie verklaart zich voor het overige onbevoegd.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Makelaardij op 5 oktober 2007.