Defecte printplaat condensdroger: behoefde consument niet te verwachten

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Elektro    Categorie: Ondeugdelijke levering / (non-)conformiteit    Jaartal: 2013
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: ELE08-0081

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een op 18 april 2006 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst, waarbij de ondernemer zich heeft verplicht tot het leveren van een wasdroger [merk], tegen een daarvoor door de consument te betalen prijs van € 354,70. De levering heeft kort nadien plaatsgevonden.   De consument heeft op 26 juli 2008 de klacht schriftelijk voorgelegd aan de ondernemer.   Standpunt van de consument   Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.   Op 18 april 2006 kocht ik in een filiaal van de ondernemer de wasdroger. Op 25 juli 2008 werkte de bedieningsfunctie van het apparaat niet meer; het apparaat gaat niet meer aan. Nadat ik het probleem bij de ondernemer heb aangekaart is er een monteur van de leverancier langs geweest en die heeft geconstateerd dat de printplaat van het apparaat defect is en dat die vervangen moet worden. Na correspondentie met de ondernemer (en uiteindelijk met het hoofdkantoor van de ondernemer) is mij een voorstel gedaan dat als de rekening voor herstel ongeveer € 200,– bedraagt ik daarvan € 110,– vergoed zou krijgen, uitgaande van een economische levensduur van een droger van 6 jaar. Ik heb vervolgens nog telefonisch contact gehad met de leverancier en die gaf aan dat de economische levensduur van deze wasdroger 8 tot 10 jaar is. De wasdroger heeft niet de eigenschappen die nodig zijn voor normaal gebruik en dat is in strijd met artikel 7:17 BW. Ik ben van mening dat de problemen niet hadden mogen ontstaan, gelet op de ouderdom en de aanschafprijs van de condensdroger.   Ter zitting heeft de consument verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.   Het voorstel dat de ondernemer heeft gedaan nadat ik de klacht bij de commissie heb ingediend, te weten dat ik een nieuwe machine kan krijgen voor € 75,–, is mooi. Ik vind het jammer dat zij dat voorstel niet eerder hebben gedaan. De ondernemer is pas over de brug gekomen toen ik het geschil bij de commissie aanhangig had gemaakt. Ik kan nog steeds met dat voorstel akkoord gaan, maar dan wil ik ook dat het door mij betaalde klachtengeld van € 50,– wordt geretourneerd, alsmede een bedrag van € 30,– dat ik heb aangewend voor het aangetekend versturen van mijn brieven aan de ondernemer.   De consument verlangt een kosteloze reparatie of vervanging van het apparaat.   Standpunt van de ondernemer   Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.   De ondernemer betreurt de ervaringen van de consument met zijn wasdroger. De wasdroger is op 18 april 2006 gekocht en daar zat een fabrieksgarantie van twee jaar op. Die was dus verstreken op het moment van het defect. Wij wensen de consument een tegemoetkoming te doen die berekend is aan de hand van de tabel die [de branche-organisatie] heeft opgesteld. [De wasmachine] is een A-merk, zodat daarvoor een afschrijvingstermijn van acht jaar geldt. De machine is ongeveer twee jaar en acht maanden oud, zodat onze tegemoetkoming uit zou komen op ongeveer 70%. Een omruiling of kosteloos herstel kunnen wij helaas niet bieden. Whirlpool heeft aangegeven de machine voor € 200,– te kunnen herstellen, waarvan wij 70% voor onze rekening nemen. De machine kan voor de consument derhalve voor ongeveer € 60,– hersteld worden (exclusief voorrijdkosten). Dat is voor een machine van deze leeftijd geen onredelijke prijs. Als alternatief heeft [de fabrikant] een omruilvoorstel gedaan. Ook hierin willen wij een tegemoetkoming doen op basis van de voornoemde prijsdeling. Deze nieuwe machine kan dus voor ongeveer € 75,– geleverd worden. Een verkoper heeft een langere aansprakelijkheid dan de geldende fabrieksgarantie. Die aansprakelijkheid van de verkoper is gedurende de economische levensduur van het product. Dat betekent echter niet dat er buiten de fabrieksgarantie en binnen de economische levensduur kosteloos hersteld moet worden. Niet alle problemen aan een product maken het ondeugdelijk. Normale slijtage of slijtage vanwege (intensief) gebruik maken een product niet ondeugdelijk want dat hoort er nu eenmaal bij als een product gebruikt wordt. Het is dan ook redelijk om een deel van de reparatiekosten aan de consument door te berekenen. Daarvoor hanteren wij de economische levensduur van de wasdroger (acht jaar) en de leeftijd ervan (twee jaar en negen maanden). Wij zijn van mening zeer redelijke voorstellen gedaan te hebben in deze zaak, voorstellen die ook voor de gang van de consument naar de commissie gedaan zijn. Wij achten ons dan ook niet aansprakelijk voor het betalen van het klachtengeld.   Deskundigenrapport   De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport, voor zover thans van belang, het volgende vastgesteld.   “Tijdens het huisbezoek heb ik het volgende vastgesteld: Ad 1)Over de storing en de oorzaak: de oorzaak is een defecte printplaat waardoor het apparaat niet meer in kan schakelen. Conclusie: de elektronica op de print is spontaan stukgegaan. Ad 3) (Inruilvoorstel en huidige waarde). Bij een levensduur van acht jaar (96 maanden) is de waardevermindering per maand € 3,69. De huidige waarde bedraagt dan € 354,–  (27 x € 3,69) = € 254,37. De waardevermindering van het apparaat € 99,63. Volgens het vaktechnisch oordeel van de deskundige is het apparaat in zijn geheel niet bruikbaar. Herstel is mogelijk door het vervangen van de defecte print dan wel het vervangen van het gehele apparaat. De totale herstelkosten worden door de deskundige begroot op € 119,38”.   Beoordeling van het geschil   De commissie heeft het volgende overwogen.   Vaststaat dat de condensdroger een defect heeft, te weten een defecte printplaat waardoor het apparaat niet meer in kan schakelen. De commissie is van oordeel dat de consument niet behoefde te verwachten dat zo’n defect zich binnen een termijn van ruim twee jaar zich zou voordoen, waardoor de printplaat (dan wel het gehele apparaat) dient te worden vervangen. De consument mocht zonder meer uitgaan van een langere levensduur van de printplaat dan thans het geval is geweest. Zoals partijen zelf aangeven bedraagt de economische levensduur van de condensdroger in ieder geval acht jaar. Aldus staat vast dat het toestel niet de eigenschappen bezit die de consument op grond van de koopovereenkomst mocht verwachten zodat het toestel niet aan de overeenkomst heeft beantwoord. Derhalve was en is de ondernemer gehouden tot herstel dan wel vervanging op grond van artikel 7:21 BW. Gelet op het feit dat de consument toch ruim twee jaar van het apparaat gebruik heeft kunnen maken kan de consument niet verlangen dat hem kosteloos een vervangend toestel zal worden aangeboden; er dient een reductie plaats te vinden als vergoeding voor het gebruik dat de consument van het toestel heeft gemaakt. De commissie acht het aanbod dat de ondernemer in dat opzicht heeft gedaan, voor het eerst bij brief van 4 februari 2009 en dus nadat het geschil bij de commissie aanhangig is gemaakt, redelijk. Dat voorstel houdt in dat aan de consument een nieuwe condensdroger zal worden geleverd voor een door de consument te betalen prijs van € 75,–. De ondernemer is gehouden te handelen overeenkomstig dat aanbod, waarop de consument ter zitting aangaf mee in te stemmen. Het klachtengeld dat de consument heeft betaald komt voor rekening van de ondernemer, omdat het hiervoor genoemde voorstel van de ondernemer pas gedaan is nadat de consument de klacht bij de commissie aanhangig heeft gemaakt. De door de consument gestelde gemaakte kosten ten bedrage van € 30,– voor het versturen van aangetekende brieven acht de commissie onvoldoende aannemelijk gemaakt zodat die niet voor vergoeding in aanmerking komen.   Op grond van het voorgaande is de commissie dan ook van oordeel dat de klacht gegrond is.   Derhalve wordt als volgt beslist.   Beslissing   De ondernemer neemt de condensdroger van de consument terug en levert aan de consument een nieuwe (zelfde condensdroger en als deze niet meer leverbaar is een vergelijkbare) condensdroger voor een door de consument aan de ondernemer te betalen prijs van € 75,–. De ondernemer brengt de consument ter zake geen verdere kosten in rekening. Eén en ander dient te geschieden binnen een termijn van één maand na de verzenddatum van dit bindend advies.   Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 50,– aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.   Het door de consument meer of anders verlangde wordt afgewezen.   Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie als bijdrage in de behandelingskosten van het geschil een bedrag van € 50,– verschuldigd.   Aldus beslist door de Geschillencommissie Elektro op 7 juli 2009.