Directeur expertisebureau wel NIVRE-geregistreerd, maar het bureau niet

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Tuchtcommissie NIVRE    Categorie: (Niet) Ontvankelijkheid    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bevoegdverklaringontvankelijkverklaring   Uitkomst: ontvankelijk   Referentiecode: 722118/866363

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De klacht van de beklaagde tegen de NIVRE-expert betreft de ontevredenheid over een rapportage van het expertisebureau, dat door de verzekeraar van de beklaagde was ingeschakeld om verstoringen in het elektriciteitssysteem van zijn woning te onderzoeken. De beklaagde diende de klacht in bij de Tuchtcommissie NIVRE, omdat op de website van het expertisebureau werd verwezen naar het NIVRE. Hoewel het expertisebureau en de behandelend expert niet bij het NIVRE waren geregistreerd, was de NIVRE-expert, als directeur en mede-eigenaar, wel NIVRE-geregistreerd.

De commissie moest eerst beoordelen of zij bevoegd was om de klacht in behandeling te nemen en of de beklaagde ontvankelijk was in zijn klacht. De NIVRE-expert stelde dat hij niet de behandelend expert was en dat het expertisebureau niet bij het NIVRE was geregistreerd. De beklaagde voerde aan dat de NIVRE-expert als directeur en mede-eigenaar verantwoordelijk was voor de communicatie en de verwijzingen naar het NIVRE op de website.

De commissie oordeelde dat de klacht voldoende gericht was tegen de NIVRE-expert in persoon en dat de beklaagde ontvankelijk was in zijn klacht. De commissie verklaarde zich bevoegd om inhoudelijk kennis te nemen van de klacht en nodigde partijen uit voor een mondelinge behandeling.

Volledige uitspraak:

Onderwerp van de klacht

De verzekeraar van klager heeft, teneinde de oorzaak voor de verstoringen in het elektriciteitssysteem in de woning van klager te kunnen achterhalen en daaromtrent te rapporteren, expertisebureau ingeschakeld. Klager is over de inhoud van de rapportage van het expertisebureau ontevreden. Nu op de website van het expertisebureau wordt verwezen naar het NIVRE, was klager in de veronderstelling aldaar een klacht over dit expertisebureau in te kunnen dienen. Het expertisebureau en de expert die het schadeonderzoek heeft uitgevoerd, bleken in tegenstelling tot de reclame-uiting op de website van het expertisebureau geen NIVRE Kamerbureau en/of NIVRE-geregistreerde, de directeur en mede-eigenaar van het expertisebureau, oftewel beklaagde, wel.

De inhoud van de klacht heeft betrekking op handelen in strijd met de NIVRE gedragsregels, in het bijzonder met artikel 7 dat handelt over regels ten aanzien van integriteit.

Beoordeling van de klacht

Uit de stukken leidt de commissie af dat volgens beklaagde zij eerst dient te beoordelen of de beklaagde tegen wie een klacht is neergelegd bij de Tuchtcommissie NIVRE een beklaagde is in de zin van artikel 1 van het reglement NIVRE. Beklaagde stelt immers dat hij niet de behandelend expert is in het betreffende dossier en dat de behandelend expert niet is ingeschreven bij het NIVRE. Evenmin is het kantoor dat de expertiseopdracht van de verzekeraar van klager heeft ontvangen ingeschreven bij het NIVRE.

Nu de commissie op grond van artikel 3 lid 1 van haar reglement enkel bevoegd is kennis te nemen van een klacht wanneer deze het handelen of nalaten van een beklaagde betreft ten tijde van diens NIVRE-registratie, betreft dit verweer in feite de vraag of deze klacht wel is gericht tegen een NIVRE-geregistreerde, oftewel of de klacht tot het werkterrein van de Tuchtcommissie NIVRE behoort.

De klacht dient immers gericht te zijn tegen een NIVRE-geregistreerde persoon en dient diens handelen te betreffen en niet het handelen van een niet-geregistreerde collega of door een bedrijf (uitgezonderd een NIVRE Kamerbureau). Om die reden dient de commissie eerst ambtshalve te bepalen of zij op grond van de voor haar bekende stukken bevoegd is kennis te nemen van deze klacht.

Klager heeft naar aanleiding van het voornoemde verweer het volgende aangevoerd. Beklaagde is directeur en mede-eigenaar en verantwoordelijk voor communicatie, zowel intern als extern. Hij is NIVRE gecertificeerd en vertegenwoordigt het expertisebureau als eigenaar. Klager heeft, zo schrijft hij in een bericht van 10 december 2024 aan de commissie, in het Vragenformulier de NIVRE-expert ingevuld. Als partner van het expertisebureau heeft klager zijn klachtuiting per brief daarom ook gericht aan hem. Klager ziet beklaagde als partner van het expertisebureau als een van de belanghebbenden voor het goede reilen en zeilen binnen de organisatie. Daarmee is hij tevens verantwoordelijk voor onjuiste uitingen en verwijzingen op de website naar het NIVRE en kan hij als beklaagde optreden in onderhavige procedure. De commissie is op grond hiervan bevoegd om van dit geschil kennis te nemen.

De commissie oordeelt op de thans voorhanden zijnde stukken dat voldoende is komen vast te staan dat de klacht van klager is (ook) gericht tegen de beklaagde in persoon. In de klachtomschrijving op het vragenformulier, waarmee de klacht is ingediend bij de Tuchtcommissie NIVRE, is te lezen dat de klacht is ook gericht is tegen [naam], tegen het door hem overschrijden van de NIVRE gedragsregels.

Niet alleen maakt de commissie uit het voorgaande op dat op grond van de aanwezige stukken de klacht bij de Tuchtcommissie is ingediend tegen beklaagde in persoon, maar ook dat klager daarvóór op 26 augustus 2024 reeds in de eerste klachtbrief aan het expertisebureau zowel tegen de expert als tegen de beklaagde in persoon heeft gericht, aldus is de klacht daadwerkelijk aan hem is gericht en tegen hem is ingediend.

Nu op grond van de voornoemde feiten voldoende duidelijk is geworden dat klager zijn klachtschrift heeft ingediend tegen beklaagde in persoon, acht de commissie klager ontvankelijk in zijn klacht op grond van artikel 5 van het reglement.

Partijen zullen door het secretariaat van de commissie worden uitgenodigd voor de mondelinge behandeling van deze klacht door de commissie. Beklaagde is op grond van artikel 9 lid 2 van het reglement van de commissie verplicht in persoon ter zitting te verschijnen.

Op grond van hetgeen hiervoor is overwogen, beslist de commissie als volgt.

Beslissing

De commissie

–        verklaart zich bevoegd inhoudelijk kennis te nemen van de klacht van klager;

–        verklaart klager ontvankelijk in zijn klacht.

Aldus beslist door de Tuchtcommissie NIVRE, bestaande de heer mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, de heer mr. H.M. van Velsen, mevrouw J.M.A. van Haren, leden, in aanwezigheid van mevrouw mr. J.M. Bouter-Bijsterveld, secretaris, op 20 maart 2025.

Opslaan als PDF