Geen NVM voorwaarden van toepassing verklaard; commissie toch bevoegd

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Makelaardij    Categorie: Bevoegdheid    Jaartal: 2010
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: MAK09-0068

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft de vraag of de ondernemer recht heeft op een vergoeding bij teruggave van de opdracht.   Overeenkomstig het reglement van de commissie heeft de consument een bedrag van € 398,65 in depot gestort.   De consument heeft in maart 2009 de klacht voorgelegd aan de ondernemer.   Standpunt van de consument   De commissie ziet af van weergave van het standpunt van de consument.   De consument verlangt dat hij geen vergoeding aan de ondernemer verschuldigd is.   Standpunt van de ondernemer   Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.   Wij hebben de opdracht teruggegeven omdat de consument zonder overleg met ons de woning die wij in de verkoop hadden heeft verhuurd. De huurders vielen ons lastig.
Bij teruggave van de opdracht hebben wij recht op een vergoeding, volgens onze algemene voorwaarden.   Beoordeling van het geschil   De commissie heeft het volgende overwogen.   Tussen partijen is een schriftelijke overeenkomst gesloten. Bij die overeenkomst zijn niet expliciet de NVM-voorwaarden van toepassing verklaard. De commissie kan haar bevoegdheid uitsluitend ontlenen aan die voorwaarden. De ondernemer is echter NVM-lid; de consument heeft de klacht aanhangig gemaakt; de ondernemer beroept zich niet op de onbevoegdheid van de commissie; de zaak valt naar zijn aard binnen het kader van het soort zaken welke de commissie pleegt te behandelen. Mitsdien zal de commissie inhoudelijk van de zaak kennis nemen.   In de overeenkomst zijn wel de algemene voorwaarden van de ondernemer zelf van toepassing verklaard.   Op het punt van de eventueel verschuldigde vergoeding bij intrekking van de opdracht en vergelijkbare beëindigingen vertonen de overeenkomst en de voorwaarden een opvallend verschilpunt. In zo’n geval gaat de specifieke regel (de overeenkomst) voor op de algemene regel (de algemene voorwaarden). De algemene voorwaarden bepalen dat de consument een vergoeding van € 335,– verschuldigd is bij intrekking, opschorting of teruggaaf van de opdracht.
De overeenkomst echter bepaalt slechts dat een vergoeding verschuldigd is van € 335,– bij intrekking of opschorting. Teruggaaf van de opdracht wordt niet genoemd. Deze overeenkomst zet op dit onderdeel de algemene voorwaarden opzij. Er geldt dus geen contractuele bepaling op grond waarvan de consument enig bedrag bij teruggave van de opdracht verschuldigd zou zijn.

Overigens geldt inhoudelijk dat de ondernemer kennelijk rauwelijks de opdracht heeft teruggegeven, zonder eerst de consument de wacht aan te zeggen (bijvoorbeeld door deze aan te manen de huur te beëindigen of de huurders in toom te houden).   Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.   Beslissing   De consument is niets verschuldigd.   Met in achtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag als volgt verrekend.   Het depotbedrag ad € 398,65 wordt aan de consument uitbetaald. Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 75,– aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.