Commissie: Commissie
Categorie: Schadevergoeding
Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
233048/250532
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument kocht in juli 2022 een tweedehands camper en ervoer kort na ingebruikname diverse technische problemen, waaronder motorstoringen en een defecte airco. De motor viel regelmatig in de noodloop en stopte zelfs tijdens het rijden. In augustus 2023 liet de consument op eigen initiatief nieuwe injectoren plaatsen, waarmee het probleem werd opgelost. Hij eiste een vergoeding van €3.500 voor gemaakte en verwachte kosten, waarvan het totaal inmiddels €5.000 zou bedragen.
De ondernemer stelde dat hij al coulant was geweest door eerdere kosten te vergoeden, maar dat hij niet verantwoordelijk kon worden gehouden voor reparaties die buiten de garantieperiode vielen of door derden waren uitgevoerd zonder overleg. Omdat de consument de ondernemer niet de kans had gegeven om de gebreken zelf te beoordelen of te herstellen, kon niet worden vastgesteld of de reparaties noodzakelijk waren of voortkwamen uit een tekortkoming van de ondernemer.
De commissie oordeelde dat door het ontbreken van bewaard gebleven onderdelen en het inschakelen van externe garages zonder overleg, onvoldoende kon worden vastgesteld of de ondernemer zijn verplichtingen had geschonden. De klacht werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek tot vergoeding afgewezen.
De volledige uitspraak
BINDEND ADVIES
van de Geschillencommissie Voertuigen
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft een klacht over gebreken na aankoop en levering van een tweedehands camper.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
In Juli 2022 heeft de consument een tweedehands camper gekocht. Na de ingebruikname heeft de consument alleen maar problemen ervaren. De ondernemer heeft niets opgelost. De motor ging regelmatig in de noodloop of stopt gewoon, ook op de rijksweg. Uiteindelijk zijn er begin Augustus 2023 nieuwe injectoren ingezet en sindsdien is het probleem van de noodloop op gelost. De ondernemer wil deze en andere gemaakte kosten, waaronder problemen met de airco, niet vergoeden. Het voorstel van de consument was een vergoeding van € 2000,– maar omdat er naar verwachting meerdere kosten zullen ontstaan vraagt de consument nu een vergoeding van € 3500,–. Het totaal aan kosten bedraagt inmiddels € 5000,–.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het verweer op het volgende neer.
De ondernemer betreurt het dat de consument ongemak als gevolg van storingen heeft ervaren aan de camper. Dit kan helaas gebeuren en om die reden is de ondernemer erg coulant geweest met het vergoeden van nota’s die de consument de ondernemer toestuurde. Waar het normaal gesproken zo behoort te zijn dat de ondernemer leverancier van de camper in de gelegenheid moeten worden gesteld om reparaties zelf uit te voeren, heeft de consument meerdere malen deze geconfronteerd met facturen van andere bedrijven die reparaties hebben verricht en dus zonder dat de ondernemer de zaken op hun merites kon controleren. Ook is het zo dat de camper bij de ondernemer is teruggekomen en daarbij heeft de ondernemer door de defecte zaken te herstellen aan zijn garantieverplichtingen voldaan.
Echter de consument is ten onrechte van mening dat de ondernemer ook aansprakelijk is voor gebreken die na de garantieperiode zijn opgetreden. Als de garantieperiode immers ten einde is dan dient de consument de eventuele reparatiekosten zelf te dragen.
De ondernemer is nog steeds bereid om reparaties uit te voeren maar die dienen wel door de consument te worden betaald. Om pragmatische redenen stelt de ondernemer voor dat de consument nog een keer de camper bij ons aanbiedt en wij vervolgens een offerte uitbrengen voor de zaken die de consument gerepareerd wenst te hebben.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Uit hetgeen partijen over en weer hebben gesteld en ingebracht komt naar voren dat de consument verschillende werkzaamheden aan de camper door een derde heeft laten verrichten zonder de ondernemer daartoe in de gelegenheid te stellen en zonder dat deze heeft kunnen onderzoeken of en in hoeverre de werkzaamheden noodzakelijk waren. De vervangen (onder)delen zijn niet bewaard gebleven voor eventueel onderzoek door een door de commissie te benoemen deskundige.
De commissie kan dan ook thans niet dan wel onvoldoende meer vaststellen of en in hoeverre reparaties aan de camper noodzakelijk waren en of en in hoeverre de ondernemer daarbij aan zijn leveringsverplichtingen tekort is geschoten.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Hetgeen partijen voorts naar voren hebben gebracht behoeft geen bespreking nu dit niet tot een ander oordeel kan leiden.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie verklaart de klacht ongegrond en wijst het door de consument verlangde af.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. N. Schaar, voorzitter, de heer C.J. Bosboom, mevrouw mr. E.J.P.J.M. Kneepkens, leden, op 6 augustus 2024.