Ingreep zorgvuldig uitgevoerd: geen reden voor toekennen schadevergoeding

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Zelfstandige Klinieken    Categorie: (On) zorgvuldigheid    Jaartal: 2022
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: Ongegrond   Referentiecode: 107740/134114

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De cliënte heeft in 2017 een ooglidcorrectie laten uitvoeren door de zorgaanbieder. Deze ingreep is niet naar wens uitgevoerd, bij het rechteroog is een deuk zichtbaar. Ook de hersteloperatie heeft niet geleid tot het gewenste resultaat. Jaarlijks moeten fillers worden aangebracht om de schade te proberen te herstellen. De zorgaanbieder heeft deze fillers in 2019 en 2020 kosteloos aangebracht, maar nu moet de cliënte dit zelf gaan betalen. De cliënte is het hier niet mee eens en vordert een schadevergoeding.

De zorgaanbieder stelt dat de cliënt geïnformeerd is over de mogelijke risico’s en dat het gewenste resultaat nooit gegarandeerd kan worden. Dat de cliënte niet tevreden is met het resultaat, betekent niet dat de zorgaanbieder onzorgvuldig heeft gehandeld en ook niet dat de zorgaanbieder een verplichting heeft om de fillers jaarlijks te vergoeden.

Naar het oordeel van de commissie kan niet worden gesteld dat de zorgaanbieder ten aanzien van de ooglidcorrectie onzorgvuldig heeft gehandeld. De cliënte is voorafgaande aan de ingreep gewezen op de risico’s en eventuele complicaties en op het resultaat (waaronder asymmetrie) van en na de ingreep. Dat de zorgaanbieder uit coulance een aantal malen kosteloos fillers heeft aangebracht betekent niet dat de ingreep op onzorgvuldige wijze is uitgevoerd. De klacht is ongegrond.

De uitspraak

In het geschil tussen

[Cliënte], wonende te [woonplaats]

en

Mauritskliniek Den Haag B.V., gevestigd te ‘s-Gravenhage

(hierna te noemen: de zorgaanbieder).

Behandeling van het geschil
De Geschillencommissie Zelfstandige Klinieken (verder te noemen: de commissie) heeft kennisgenomen van de overgelegde stukken.

De behandeling heeft plaatsgevonden op 14 april 2022 te Utrecht.

Partijen hebben vooraf aan de commissie kenbaar gemaakt niet ter zitting aanwezig te zullen zijn en zijn dan ook niet voor de zitting opgeroepen.

Omdat de commissie zich onvoldoende geïnformeerd achtte, heeft zij de partijen verzocht gegevens uit het medisch dossier waaronder voor zover aanwezig foto’s van het resultaat aan te leveren.

De zorgaanbieder heeft op 10 mei 2022 deze gegevens overgelegd. Cliënte heeft op 12 mei 2022 foto’s opgestuurd. Cliënte heeft op 25 mei 2022 per e-mail een reactie gegeven op de brief van de zorgaanbieder. De zorgaanbieder heeft daarop vervolgens op 2 juni 2022 gereageerd.

Onderwerp van het geschil
Het geschil betreft het resultaat van een ooglidcorrectie.

Standpunt van de cliënt
Voor het standpunt van de cliënt verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Cliënte heeft in 2017 een ooglidcorrectie laten uitvoeren.

Cliënte is van mening dat deze ooglidcorrectie door de zorgaanbieder niet naar wens is uitgevoerd, bij het rechteroog is een zichtbare deuk. Ook de hersteloperatie heeft niet geleid tot het gewenste resultaat. Vervolgens is met fillers geprobeerd de schade te herstellen. Deze fillers moeten jaarlijks worden aangebracht. De zorgaanbieder heeft deze fillers in 2019 en 2020 kosteloos aangebracht maar nu verwacht de zorgaanbieder dat cliënte in het vervolg de kosten van het aanbrengen van de fillers zelf gaat betalen.

Cliënte is op 26 april 2021 voor een intake bij [naam] geweest. Hij constateerde dat de operatie niet naar behoren is uitgevoerd en dat deze klacht moet worden uitgezocht door de directie.
Ook bij [naam andere zorgaanbieder] heeft men geconcludeerd dat de operatie niet naar behoren is uitgevoerd. Cliënte stelt dat de zorgaanbieder aansprakelijk is voor de mislukte ooglidcorrectie.

Cliënte vordert van de zorgaanbieder een bedrag van € 10.000,– tot € 15.000,–, de totale kosten die zij in de toekomst moet maken voor het aanbrengen van de fillers (per jaar is rond € 1.600,– volgens de offerte van [naam andere zorgaanbieder]).

Standpunt van de zorgaanbieder
Voor het standpunt van de zorgaanbieder verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Cliëntes verzoek tot schadevergoeding lijkt erop te zijn gebaseerd dat uit het feit, dat geen sprake zou zijn van het door cliënte gewenste resultaat zou voortvloeien dat zij recht heeft op schadevergoeding: in alle klaagschriften schrijft zij immers: “Ooglid correctie niet naar wens uitgevoerd”. Voor zover cliënte het standpunt inneemt dat de zorgaanbieder jegens haar een resultaatsverbintenis had voor wat betreft haar behandeling, dient dat als een onjuiste gedachte te worden verworpen. Niet alleen heeft reeds in zijn algemeenheid te gelden dat een medische behandeling zelden of nooit kan worden geduid als een resultaatsverbintenis, in casu is door de zorgaanbieder juist aan cliënte voorgehouden dat aan de bij haar te verrichten medische ingreep risico’s verbonden waren. Dat cliënte daarvoor gewaarschuwd is, blijkt uit het door haar ondertekende informed consent-formulier, waarin het volgende is opgenomen:

“Verklaart na overleg met de behandelende arts, aangaande de behandeling het volgende: 2. Volledig op de hoogte te zijn gebracht door de behandelende arts van: (…) b. de risico’s en complicaties die aan een dergelijke behandeling verbonden kunnen zijn, namelijk (…..) asymmetrisch of teleurstellend resultaat (….) (…) 3.Te hebben begrepen dat het eindresultaat niet vooraf te garanderen is. (…)”

De zorgaanbieder betwist dat uit het enkele feit dat cliënte niet tevreden is met het gewenste resultaat, een juridische verplichting volgt om schadevergoeding te betalen. Er kan slechts sprake zijn van een verplichting tot schadevergoeding als zou komen vast te staan dat de zorgaanbieder jegens cliënte in strijd heeft gehandeld met de zorgvuldigheid die van een redelijk handelend en redelijk bekwaam vakgenoot onder gelijke omstandigheden mocht worden verwacht en zo niet, of ten gevolge van het alsdan vastgestelde onzorgvuldig handelen schade is ontstaan die cliënte anders niet zou hebben geleden en die in redelijkheid aan de dan vastgestelde onzorgvuldigheid kan worden toegerekend. Cliënte heeft geen stellingen ingenomen die, indien die stellingen juist zouden zijn, zouden kunnen leiden tot de conclusie dat de zorgaanbieder jegens cliënte onzorgvuldig heeft gehandeld, laat staan dat die stellingen (met stukken) onderbouwd zijn. De zorgaanbieder betwist dat onzorgvuldig zou zijn gehandeld. Dat het heeft kunnen gebeuren dat het resultaat in cliëntes visie minder was dan vooraf gehoopt, is geen gevolg van onzorgvuldig handelen.

De zorgaanbieder verzoekt de commissie de klacht en het verzoek tot schadevergoeding af te wijzen.

Beoordeling van het geschil
De commissie overweegt het volgende.

Voor de aansprakelijkheid van de zorgaanbieder is vereist dat voldoende aannemelijk is dat de zorgaanbieder tekort is geschoten in het nakomen van de behandelingsovereenkomst. De aanwezigheid van een fout of een nalaten is een vereiste voor aansprakelijkheid van de zorgaanbieder. De tekortkoming moet aan de zorgaanbieder kunnen worden verweten en cliënte moet door deze tekortkoming schade zijn toegebracht (causaal verband).

Cliënte heeft gesteld dat zij totaal geen symmetrie meer heeft in haar gezicht en een deukje bij haar rechteroog.

Op basis van de aangeleverde stukken is de commissie van oordeel dat de operatie lege artis is uitgevoerd.

Naar het oordeel van de commissie kan niet worden gesteld dat de zorgaanbieder ten aanzien van de ooglidcorrectie onzorgvuldig heeft gehandeld. Uit de overgelegde stukken is voldoende gebleken dat cliënte voorafgaande aan de ingreep is gewezen op de risico’s en eventuele complicaties en op het resultaat (waaronder asymmetrie) van en na de ingreep. De enkele omstandigheid dat de zorgaanbieder uit coulance een aantal malen kosteloos fillers heeft aangebracht betekent, naar het oordeel van de commissie, niet dat de correctie op onzorgvuldige wijze is uitgevoerd.

Daarbij merkt de commissie op dat, voorzover er sprake is van een asymmetrie, deze marginaal is, zoals blijkt uit de overgelegde foto’s van het resultaat en het door cliënte overgelegde verslag van [naam], werkzaam bij [naam andere zorgaanbieder], naar aanleiding van een consult op 16 september 2021. In dit verslag staat het volgende vermeld:

“Er zit inderdaad wat asymmetrie tussen links en rechts. Enkele mm huidsurplus beiderzijds. Ietwat vocht ophoping onder ogen. Beleid: Uitgelegd dat ik geen deuk zie rechts. Ik zie wel wat asymmetrie maar die is niet geheel weg te krijgen ben ik bang. Omdat er huidsurplus is in beide onderste oogleden en vochtophoping, ben ik beperkt in traangoot opvullen.”

Het vorenstaande leidt de commissie tot de slotsom dat de klacht ongegrond is.

Vordering tot schadevergoeding:

Voor aanspraak op een schadevergoeding is ten minste vereist dat de zorgaanbieder in enig opzicht toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van de behandelingsovereenkomst en dat er een causaal verband is tussen deze tekortkoming en de schade die is geleden. Nu hiervan niet is gebleken dient de vordering tot schadevergoeding te worden afgewezen.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De commissie verklaart de klacht ongegrond en wijst het verzoek tot schadevergoeding af.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de zorgaanbieder aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Zelfstandige Klinieken, bestaande uit mevrouw mr. P.W.M. de Wolf MSM, voorzitter, de heer dr. J.F.A. van der Werff, de heer mr. R.P. Gerzon, leden, in aanwezigheid van mevrouw mr. W. Hartong van Ark, secretaris, op 14 april 2022.