Klacht over belangenverstrengeling makelaar ongegrond, courtage van € 5.084 toegekend

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Makelaardij    Categorie: Kwaliteit dienstverlening    Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 235633/243329

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument diende een klacht in tegen de makelaar die hun woning had verkocht. Volgens de consument had de makelaar ook de kopers van hun woning als klant, wat zou wijzen op belangenverstrengeling. Daarnaast vonden zij dat de makelaar onprofessioneel had gehandeld, onder andere door slechte communicatie, een matige verkooptekst en een onvolledig biedingslogboek. De consument wilde daarom geen courtage betalen. De makelaar ontkende de beschuldigingen en gaf aan pas na de verkoop door de kopers benaderd te zijn. De commissie stelde vast dat de woning met instemming van de consument is verkocht en dat er geen bewijs is voor belangenverstrengeling of andere ernstige tekortkomingen. Daarom is de klacht ongegrond verklaard en wordt het eerder gestorte bedrag van € 5.084 aan de makelaar uitgekeerd.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

Het geschil ziet op de kwaliteit van de verrichte dienstverlening. De consument heeft de in rekening gebrachte factuur van € 5.084, — onbetaald gelaten. Dit bedrag is bij de commissie in depot gestort.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De makelaar heeft onze belangen niet voldoende behartigd. Er was sprake van belangenverstrengeling. Onze verkoopmakelaar had de kopers van ons huis als opdrachtgever voor de verkoop van hun huis. Dit bleek pas achteraf. In de week dat de kopers hun huis verkoop klaar aan het maken waren, was de makelaar ook voor ons met ze aan het onderhandelen over de lijst van zaken. Op een later moment, toen het huis op Funda kwam, zagen wij dat zij onze makelaar als makelaar hadden. Wij vermoeden dat dit ten tijde van onderhandeling over de koop van het huis en de lijst van goederen ook al zo was. Voorts werden de biedingen niet goed bijgehouden in het logboek. Hierdoor was het proces niet transparant. Ook de advisering werd niet schriftelijk vastgelegd. Er was voorafgaand aan de biedingen geen strategisch overleg. Ook de aangeleverde tekst van de makelaar voor de verkoop op Funda was heel slecht, zowel in commercieel opzicht als taal technisch. We hebben zelf een tekst geschreven. Toen we de makelaar met ons ongenoegen confronteerde, reageerde hij fel en op agressieve toon. We hebben hem daarna schriftelijk laten weten dat wij een klacht hadden, maar hier is niet op gereageerd. De courtage is echt niet passend voor deze dienstverlening. Dit voldoet in onze ogen niet aan de erecode en regels van een NVM-makelaar. Wij verzoeken de commissie vast te stellen dat wij de courtage niet hoeven te voldoen.

Standpunt van de makelaar

Voor het standpunt van de makelaar verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Ik vind dit een schaamteloze klacht. Nadat de onderhandelingen waren afgerond, hebben de kopers mij gevraagd of ik nu ook hun huis zou willen verkopen. Omdat de zaak met de thans klagende consument was afgerond beschouwde ik dit als ethisch verantwoord. Op geen enkele wijze heb ik de belangen van de consument geschaad. De koopster is bereid te verklaren dat zij mij heeft benaderd en ik niet haar. De klacht heeft het over een – ongefundeerd – vermoeden. Daar kan ik mij natuurlijk niet tegen wapenen. Ook de overige punten van kritiek worden betwist. Ik heb een uitstekende makelaarsdienst verricht die geresulteerd heeft in een verkoop met een mooie opbrengst.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

De commissie stelt vast dat de woning met instemming van de consument is verkocht en dat de makelaar daarmee zijn opdracht heeft vervuld. De verschuldigdheid van de courtage volgt in beginsel dus uit de opdracht. Omstandigheden die ertoe zouden leiden dat de makelaar in redelijkheid geen aanspraak zou mogen maken op de contractueel overeengekomen courtage of dat die courtage zou moeten worden gematigd zijn niet gesteld of gebleken. De consument heeft het vermoeden dat de makelaar twee heren zou hebben gediend niet hard kunnen maken. De makelaar heeft dat vermoeden, met data onderbouwd, weerlegd. Ook de overige door de consument gestelde grieven zijn door de makelaar gemotiveerd betwist. Voor een kwijtschelding of matiging van de courtage is mitsdien geen plaats.

De voorstelde klacht is ongegrond en daarom wordt als volgt beslist.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag van € 5.084, — uitgekeerd aan de makelaar.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Makelaardij, bestaande uit de heer mr. D. van den Brink, voorzitter, de heer J.B. Boerman, mevrouw drs. P.C. Hoogeveen-de Klerk, leden, op 1 maart 2024.

Opslaan als PDF