Commissie: CommissieVoertuigen
Categorie: (non)conformiteit
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
539727/589428
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument kocht op 27 januari 2023 een Suzuki Baleno uit 2017 met 71.000 km op de teller. In juni 2024, na circa 25.000 km gebruik, viel de automatische versnellingsbak uit. De reparatie kostte €2.813,54. De consument stelde dat het defect niet te verwachten was en mogelijk veroorzaakt werd door verkeerde olie. Ze verzocht de ondernemer om een bijdrage van 30%, maar kreeg alleen een aanbod voor een gratis onderhoudsbeurt. De Geschillencommissie oordeelde dat het gebrek pas 18 maanden na levering optrad en dat de consument geen bewijs leverde dat het defect al bij aflevering aanwezig was. Gezien de leeftijd, kilometerstand en koopprijs van de auto, mocht de consument geen probleemloos gebruik verwachten. De klacht werd ongegrond verklaard en het verzoek tot vergoeding afgewezen.
De volledige uitspraak
BINDEND ADVIES
Geschillencommissie Voertuigen
Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een op 24 januari 2023 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een gebruikte auto van het merk Suzuki, type Baleno, tegen een door consument te betalen prijs van € 12.450,-.
De overeenkomst is op 27 januari 2023 uitgevoerd.
De consument heeft de klacht op 2 juli 2024 voorgelegd aan de ondernemer.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Bij de aankoop van de auto met bouwjaar 2017 bedroeg de kilometerstand 71.000 kilometer. In juni 2024 ontstonden problemen met de automatische versnellingsbak. Verder rijden bleek onmogelijk. De auto werd achtergelaten bij een merkdealer in [plaatsnaam]. De dealer gaf aan dat de herstelkosten ongeveer € 2.600,- bedroegen. Er werd gewacht met de reparatie om eerst overleg met de ondernemer te kunnen voeren. Volgens de ondernemer was sprake van domme pech. De ondernemer bleek niet bereid een bijdrage in de herstelkosten te leveren. Volgens de ondernemer was de offerte van de dealer scherp en zou hij de reparatie niet goedkoper kunnen uitvoeren. De consument verzocht om een bijdrage van 30% in de kosten, maar de ondernemer bleek slechts bereid kosteloos een grote onderhoudsbeurt uit te voeren.
Uiteindelijk gaf de consument op 5 juli 2024 opdracht voor de reparatie aan de dealer. De uiteindelijke kosten bedroegen € 2.813,54,-. Bij het ophalen van de auto meldde de dealer dat er verkeerde olie in de versnellingsbak was aangetroffen, bruine olie in plaats van groene olie. Ook bleek dat de condensor, die lekte, moest worden vervangen.
De consument is diep teleurgesteld over de opstelling van de ondernemer. Er is sprake van een relatief jonge auto met een tellerstand van 94.000 kilometer. Het aanbod van de ondernemer wees de consument af omdat dit niet is gerelateerd aan het defect. De consument hoopt op een eerlijk en objectief oordeel van de commissie.
Ter zitting heeft de consument voor zover van belang nog het volgende naar voren gebracht.
Het is de eerste keer dat de consument met een dergelijk defect wordt geconfronteerd. Het defect is mogelijk ingetreden door de verkeerde olie. De bak schakelde niet goed. Na de reparatie was sprake van een duidelijke verbetering. De auto is afkomstig uit [plaatsnaam]. De consument weet niet meer of haar dat ook bij de aankoop is verteld. Zij is via de RDW het kenteken nagegaan. Bij de aankoop was geen NAP pas aanwezig. Wel een onderhoudsboekje, maar de laatste beurt is niet voorzien van een stempel van de betreffende garage. De consument verwachtte een goede en betrouwbare auto. De ondernemer hoort de geschiedenis van de auto te kennen. Zij kocht de auto bij een BOVAG-garage voor de zekerheid. De ondernemer maakt dat niet waar.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
In juni 2024 liet de consument aan de ondernemer weten dat zij in [plaatsnaam] was gestrand met een defecte transmissie. De auto stond bij een merkdealer te [plaatsnaam]. De consument vroeg de ondernemer om advies naar aanleiding van een reparatievoorstel van de dealer. Daarop nam de ondernemer contact op met de dealer en deze bleek een scherpe offerte te hebben gedaan. De ondernemer zou wellicht de reparatie niet goedkoper kunnen uitvoeren, mede vanwege de transportkosten. Gelet daarop adviseerde de ondernemer de consument om de reparatie bij de dealer te laten uitvoeren. De ondernemer betreurde de pech en bood de consument aan om de volgende onderhoudsbeurt kosteloos uit te voeren.
Kort daarna werd de ondernemer door vermoedelijk de broer van de consument benaderd, die zijn ongenoegen over de gang van zaken liet blijken en verlangde dat de ondernemer 30% van de reparatiekosten zou voldoen. De ondernemer was daartoe niet bereid.
De consument lijkt van mening te zijn dat sprake is van non-conformiteit omdat zij stelt dat zij het mankement van de versnellingsbak niet behoefde te verwachten. Van non-conformiteit of wanprestatie is echter geen sprake. De ondernemer wijst op het bepaalde in de leden 1 en 2 van artikel 7:17 BW en wijst op een uitspraak van rechtbank Noord-Holland van 28 augustus 2024, (ecli: RBNHO:2024:8488). De koper van een gebruikte auto zal afhankelijk van de leeftijd, het aantal gereden kilometers en de koopprijs tot op zekere hoogte rekening moeten houden met het bestaan of ontstaan van mankementen. Een auto is bij gewoon gebruik aan slijtage onderhevig en de kans daarop wordt groter naarmate de auto ouder is.
Mankementen liggen in de lijn der verwachting. Het optreden van een mankement na verloop van tijd maakt nog niet dat de auto non-conform is. De consument heeft na de aflevering circa 25.000 kilometer met de auto gereden zodat het vaststaand is dat de auto ten tijde van de aflevering geen transmissieprobleem had. De bewijslast dat het gebrek reeds bij de aflevering latent aanwezig was rust op de consument. Daarvan heeft de consument geen bewijs geleverd. De consument heeft evenmin bewijs geleverd van haar stelling dat het gebrek mogelijk het gevolg is van verkeerde olie in de transmissie.
De klacht van de consument dient te worden afgewezen.
Ter zitting heeft de ondernemer voor zover van belang nog het volgende naar voren gebracht.
De ondernemer is bereid het aanbod van de gratis onderhoudsbeurt gestand te doen, hoewel dat aanbod eerder is verworpen door de consument. De ondernemer blijft erbij dat de auto bij de aflevering in orde was.
De consument heeft geen bewijs geleverd van het bestaan van het mankement ten tijde van de aflevering. De import van de auto staat niet in causaal verband met het opgetreden euvel.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
In deze zaak klaagt de consument over een opgetreden mankement aan de automatische transmissie van de door haar bij de ondernemer gekochte auto. Zij stelt dat zij gelet op de leeftijd, het aantal gereden kilometers en de door haar betaalde koopprijs, een dergelijk gebrek niet behoefde te verwachten. De consument vermoedt dat de schade is ontstaan doordat in de transmissie verkeerd olie werd aangetroffen.
De ondernemer voert gemotiveerd verweer.
De commissie stelt voorop dat nu het gebrek eerst na ongeveer 18 maanden na de aflevering is opgetreden op de consument de stelplicht en de bewijslast rust van het beroep op non-conformiteit, zie artikel 7: 17 BW. Anders gezegd: het gebrek in de prestatie moet door de consument worden bewezen.
De omstandigheid dat sprake is van een auto van 2017 staat in beginsel aan een beroep op het bepaalde in artikel 7: 17 BW, het zogenaamde conformiteitsbeginsel, niet in de weg. De wet kent geen termijn waarbinnen een beroep op het niet conform zijn van de auto kan worden gedaan.
Conformiteit kent een tweetal aspecten.
In de eerste plaats is sprake van een min of meer objectief element: de auto moet de eigenschappen bezitten die voor een normaal gebruik daarvan nodig zijn. Het is evident dat een defecte transmissie aan het (normale) gebruik van het voertuig in de wet staat. Echter de oorzaak van het opgetreden gebrek is in dit geschil niet komen vast te staan, dus kan niet worden aangenomen dat het gebrek reeds – latent – bij de aflevering aanwezig was. De feiten pleiten eerder voor het tegenovergestelde nu het gebrek 1,5 jaar na de aflevering en na 25.000 kilometer is opgetreden.
Voorts is sprake van een meer subjectief element dat bij de beoordeling van de conformiteit een rol speelt: de auto moet aan de koopovereenkomst beantwoorden. De auto moet de eigenschappen bezitten die de koper/consument op grond van de koopovereenkomst mocht verwachten. Met name de leeftijd van de auto, de aard en type, de kilometerstand en de koopprijs van de auto zijn van belang voor de verwachtingen die de consument van de auto mag hebben.
De consument stelt weliswaar dat zij verwachtte dat zij jarenlang zonder (ingrijpende) reparaties te kunnen rijden, maar die verwachting gaat naar het oordeel van de commissie niet op nu sprake is van een qua leeftijd wat oudere auto met een kilometerstand van meer dan 90.000 kilometer. De consument die een gebruikte auto koopt tegen een prijs die beduidend lager is dan de nieuwprijs moet verwachten dat in die lagere aankoopprijs het risico op reparaties en kosten is verdisconteerd en dat bepaalde gebreken zich na verloop van tijd kunnen voordoen.
Kortom, de commissie acht de consument, mede gelet op het gemotiveerde verweer van de zijde van de ondernemer, niet geslaagd in het op haar rustende bewijs van de non-conformiteit van de auto.
Op grond van het bovenstaande is de klacht van de consument ongegrond.
Derhalve wordt beslist als volgt.
Beslissing
De commissie wijst het door de consument verlangde af.
Aldus beslist en vastgelegd door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, mr. C.R.J.M. den Hartog-Kaaij en C.J. Bosboom, leden, op 16 januari 2025.