Klacht over versnellingsbak en turbo ongegrond: geen bewijs van non-conformiteit bij aankoop

  • Home >>
  • Commissie >>
De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: CommissieVoertuigen    Categorie: (non)conformiteit    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 883884/958365

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument klaagde over een defecte versnellingsbak en turbo, kort na aankoop van een auto. Uit deskundig onderzoek bleek dat de schade aan de versnellingsbak veroorzaakt was door ernstig oliegebrek, zonder aanwijzingen voor lekkage of verbruik. Omdat de auto ruim 9.000 km probleemloos had gereden, achtte de Geschillencommissie Voertuigen het uitgesloten dat het gebrek al bij aflevering aanwezig was. Ook de klacht over de turbo werd afgewezen: deze functioneert nog steeds en vertoont normale slijtage bij een kilometerstand van ruim 200.000. De commissie verklaarde de klacht ongegrond.

De volledige uitspraak

BINDENDADVIES NA TUSSENADVIES
Geschillencommissie Voertuigen
Zaaknummer 883884/958365

Het aanvullende deskundigenrapport

Door de deskundige Ing J.A. Dijkstra is desgevraagd als volgt aanvullend gerapporteerd (met 1 bijlage):

Naar aanleiding van het tussenadvies d.d.15 mei 2025 werd aan de deskundige gevraagd dat er een beperkt nader onderzoek dient plaats te vinden ter beantwoording van een groot aantal vragen. Deze vragen gaan met name over de uitlezing van de foutcodes van de DSG Mechatronic. In het tussenadvies wordt gesteld dat [externe partij] die in opdracht van de ondernemer een onderzoek heeft uitgevoerd en ondergetekende de mechatronic niet hebben uitgelezen.

Alvorens in te gaan op de vragen wil de deskundige het volgende meedelen:

De deskundige heeft geen uitlezing gedaan, om de volgende redenen:

• Het onderzoek van de deskundige vond plaats op 31 maart 2025. Op 27 december 2024 is de auto stilgevallen en gerepatrieerd naar de ondernemer. Op 31 maart 2025 constateerde de deskundige dat de accu geen spanning meer had en dat de mechatronic gedemonteerd was;
• Gelet op het feit dat de accu geen spanning meer had en de mechatronic gedemonteerd was, was uitlezing niet mogelijk;
• Ook bij het plaatsen van een startaccu zijn er foutcodes uitleesbaar die niet van toepassing zijn omreden dat de spanning van de accu onvoldoende was;
• Het schadebeeld aan de versnellingsbak gaf ook geen enkele aanleiding voor de deskundige om het geheugen uit te lezen;
• De versnellingsbak is niet voorzien van een sensor voor het oliepeil.

De klant kocht het voertuig op 4 juni 2024. Het voertuig had toen 209.661 kilometer gepresteerd. Op 12 december 2024 bij kilometerstand 218.924 is bij een ander bedrijf de motor gespoeld en geflused. Vervolgens is op 27 december 2024 bij kilometerstand 219.734 de auto stilgevallen.

Tussen 4 juni 2024 en 12 december 2024 is er 9.263 kilometer met de auto gereden. De deskundige is stellig van mening dat het onmogelijk is dat de versnellingsbak ruim 9.000 kilometer heeft gefunctioneerd met de hoeveelheid olie zoals getoond op foto 4.

Op 24 januari 2025 werd de olie van de versnellingsbak afgetapt door expert Oldenhuis en werd geconstateerd dat er nagenoeg geen olie meer in de versnellingsbak zat (foto 4).

Na het flussen van de motor is er 810 kilometer met de auto gereden waarna de auto stilviel in verband met problemen met de versnellingsbak. Na gedaan onderzoek is de deskundige van mening dat er geen enkele twijfel bestaat dan dat de versnellingsbak door een smeertekort defect is geraakt.

De deskundige heeft het voertuig aan de onderzijde en de achterzijde geïnspecteerd waaruit met zekerheid kan worden vastgesteld dat geen sprake is geweest van olielekkage van de versnellingsbak. Zou er sprake geweest zijn van een uitwendige lekkage dan zou de gehele onderzijde inclusief de achterzijde volledig onder de olie zitten. Dit is niet het geval.

De kardinale vraag in deze zaak is hoe het mogelijk is dat vrijwel alle olie, circa 5 liter, verdwenen is uit de versnellingsbak en wanneer dit is ontstaan.

Voor wat betreft het uitlezen van de mechatronic het volgende: De deskundige beschikt over een Snap-on diagnose tool waar alle foutcodes kunnen worden uitgelezen en diverse zaken kunnen worden gereset en ingeregeld, doch er kunnen geen kilometerstanden worden uitgelezen wanneer de storing is geregistreerd.

Daarom heeft de deskundige het geheugen uitlaten lezen met een VAG/VAS diagnose tool(zie bijlage). Er zijn slechts drie opgeslagen storingen en dit betreffen storingen van het bakschakelmechanismes.

Overigens kan ook met de uitlezing met een VAG/VAS diagnose tool niet worden vastgesteld waardoor er circa 5 liter olie verdwenen is.

Slotconclusie:

Vast staat dat er geen uitwendige lekkage is geweest waardoor de olie is verdwenen. Wel kan de deskundige vaststellen dat in de periode van 4 juni 2024 tot 12 december 2024 er voldoende olie in de versnellingsbak heeft gezeten gelet op het feit dat er in die periode ruim 9.000 kilometer met de auto is gereden

Reacties van partijen op het nieuwe deskundigenrapport

Partijen persisteren bij de door hen ingenomen standpunten (zie daarvoor het tussenadvies) en hebben in hun reacties in vervolg op het tweede deskundigenbericht hun standpunten (nader) verduidelijkt.

Door de consument is daarbij het volgende aangevoerd:

In het aanvullende rapport wordt bevestigd dat de versnellingsbak van mijn auto defect is geraakt door een tekort aan smering, veroorzaakt door een gebrek aan olie. Tegelijkertijd wordt duidelijk dat deze versnellingsbak geen aparte sensor bevat die het olieniveau logt. Er wordt dus géén precieze hoeveelheid olie bijgehouden of opgeslagen. Wat de Mechatronic wél registreert, is de hydraulische druk in het systeem. Als die druk wegvalt — bijvoorbeeld door een tekort aan olie — worden er foutcodes opgeslagen zoals P1895 (VAG-code 18303: “hydraulische druk te laag”) of P0868, P1740 (drukverlies/slip/oververhitting). Zulke codes gaan gepaard met zichtbare signalen op het dashboard en activering van de noodloopstand.

Deze foutcodes zijn in dit geval niet aangetroffen. Dat betekent dat de auto, in ieder geval tot het moment dat de versnellingsbak definitief uitviel, géén hydraulisch drukverlies heeft gehad. Dit sluit goed aan op mijn eigen ervaring: ik was op weg naar mijn skivakantie in Oostenrijk en heb op die dag al meer dan drie uur probleemloos gereden zonder enige melding, waarschuwing of noodloop. De auto hield er plotseling mee op. Gezien het feit dat ernstige symptomen al bij een tekort van 2–3 liter optreden, kan ik dan ook met zekerheid stellen dat de olie tijdens mijn rit nog in voldoende mate aanwezig was.

Op 24 januari — dus nadat de auto al geruime tijd bij de verkoper stond — heeft een door de verkoper zelf ingeschakeld bureau een zeer kleine hoeveelheid olie afgetapt. Dit onderzoek vond plaats zonder toezicht van een onafhankelijke partij, en zonder volledige transparantie. Vervolgens is op 31 maart de door de Geschillencommissie aangestelde deskundige langs geweest. Bij diens bezoek stond de auto zonder elektrische spanning en was de Mechatronic gedemonteerd, waardoor een volledige foutcode-uitlezing niet meer mogelijk was. Dit roept serieuze vragen op over de handelwijze van de verkoper: waarom verkeerde de auto bij aankomst van de deskundige in deze staat, en waarom is potentieel bewijsmateriaal op deze manier verstoord?

Al het bovenstaande bevestigt voor mij nogmaals dat de olie pas ná mijn rit verdwenen is en dat het meest logische scenario blijft dat dit gebeurde in de periode dat de auto bij de verkoper stond — tussen 8 januari (aankomst bij [ondernemer]) en 24 januari (aftapmoment). Zowel mijn garage in [locatie] als de Audi-dealer in Duitsland, waar de auto na de pech terechtkwam, hebben schriftelijk verklaard dat zij de olie niet hebben verwijderd. Ook voor mij geldt dat er geen enkele reden of motief is geweest om zomaar olie uit de versnellingsbak te halen. En dus geldt hier het wettelijk vermoeden van nonconformiteit (art. 7:18 lid 2 BW): bij een gebrek binnen twaalf maanden moet de verkoper aantonen dat dit níet al bij aflevering aanwezig was — en dat is in dit geval niet gelukt.

Mijn uitgangspunt mag duidelijk zijn: ik wil niet met deze auto en niet met deze garage verder. Er is voor mij geen enkel vertrouwen meer over. Wat mij betreft hoeft er geen tweede zitting plaats te vinden. Ik verzoek de commissie om tot een einduitspraak te komen.

Door de ondernemer is als volgt gereageerd op het aanvullende rapport van de deskundige:

Mechatronic
In de eerste twee alinea’s verwijst [consument] naar de mechatronic. Deze component staat echter los van het feitelijke probleem. De versnellingsbak (oftwel tandwielenkast) en de mechatronic vormen twee gescheiden compartimenten, ieder met een eigen oliecircuit. De opmerkingen van [consument] m.b.t. de mechatronic zijn om die reden naar mening van cliënte irrelevant voor de kern van de technische problematiek.

De oorzaak van het defect betreft namelijk de versnellingsbak, die schade heeft opgelopen als gevolg van een ernstig oliegebrek.

Demontage accu en mechatronic
In de derde alinea stelt [consument] vragen over de demontage van de accu en de mechatronic. Die vragen zijn eenvoudig te beantwoorden: op verzoek van [consument] is een diagnose uitgevoerd met als doel het voertuig te repareren. Nadat werd vermoed dat de versnellingsbak defect was, is de mechatronic gedemonteerd om toegang te krijgen tot de tandwielenkast voor nadere inspectie. Voor deze demontage dient zowel de accu te worden verwijderd als de olie te worden afgetapt. Van het verstoren van bewijsmateriaal is dan ook geen sprake; alle handelingen zijn verricht binnen de grenzen van de verstrekte opdracht. Nadat [consument] ons op enig moment nadrukkelijk heeft verzocht het voertuig niet langer aan te raken, zijn verdere werkzaamheden uiteraard gestaakt – met uitzondering van het naar buiten verplaatsen van het voertuig. De eerder verwijderde onderdelen zijn toen niet teruggeplaatst.

 

Versnellingsbakolie
In de vierde alinea suggereert [consument] dat de versnellingsbakolie mogelijk is verdwenen tijdens de periode dat het voertuig bij cliëntegestald stond. Dit is onjuist. Vóór demontage van de mechatronic dient de versnellingsbakolie standaard te worden afgetapt. Daarbij is vastgesteld dat de bak reeds droog stond. Na demontage bleek uit visuele inspectie dat de tandwielen blauw waren aangelopen (een gevolg van oververhitting) en dat er metaaldeeltjes aanwezig waren in het systeem – beide duidelijke indicaties van ernstige olieschaarste. Er is géén sprake van lekkage, en gezien het gesloten systeem is, niet is oliegebrek door verbruik mogelijk. De schade is dan ook een direct gevolg van oliegebrek, waarvoor cliënte op geen enkele wijze verantwoordelijk is.

Eerder was door de consument nog het volgende bericht naar aanleiding van de zitting:

Tijdens de zitting merkte de commissie op dat het uitvoeren van een motorflush door [externe partij] niet per se gebruikelijk is. Op dat moment kon ik mij niet precies herinneren waarom de garage dit had voorgesteld. Inmiddels weet ik dat weer: ik had aangegeven dat ik vond dat de auto opvallend veel motorolie verbruikte. Naar aanleiding daarvan stelde de garage voor om een motorflush uit te voeren, om het motorsysteem intern te reinigen.

Zoals zij ook schriftelijk hebben verklaard, zijn zij daarbij niet in de buurt van de versnellingsbak geweest. Een motorflush (ook wel ‘engine flush’) wordt namelijk uitsluitend toegevoegd aan de motorolie, en heeft geen invloed op de transmissieolie. Het spoelt enkel de interne delen van de verbrandingsmotor, niet die van de versnellingsbak. Er is daarom geen directe technische koppeling tussen beide systemen.

De verdere beoordeling van het geschil

Ook hier moet eerst worden verwezen naar het in deze zaak tussen partijen gewezen tussenadvies, en wel in het bijzonder naar wat daarin is weergegeven (de standpunten van partijen en de eerste rapportage van de deskundige) en is overwogen en beslist. De commissie volhardt daarbij en in vervolg daarop moet als volgt worden overwogen en beslist.

De bevindingen en conclusies van de deskundige in zowel diens eerste als in diens tweede (aanvullende) deskundigenbericht oordeelt de commissie als juist en zij maakt die tot de hare. Dit ook nu daartegen als zodanig geen bedenkingen zijn ingebracht door partijen.

Mede op basis van deze rapportages is de commissie in staat een beslissing te geven in het geschil van partijen.

Kern van het geschil van partijen betreft de vraag of de ondernemer juridisch verantwoordelijk kan worden gehouden voor het feit dat de versnellingsbak in kwestie defect is (geraakt).

Nu de auto het gebrek is gaan vertonen binnen één jaar na de aankoop geldt in beginsel het wettelijk vermoeden dat de aankoop al bij aflevering niet aan de overeenkomst beantwoordde (non-conformiteit). Het is vervolgens aan de verkoper om dat bewijsvermoeden te ontkrachten door aannemelijk te maken dat het gebrek niet ligt aan het geleverde voertuig, maar dat er een andere oorzaak moet zijn. Ook kan “de aard van de afwijking” zich verzetten tegen aanname van non-conformiteit (aldus zie artikel 7:18a lid 2 Burgerlijk Wetboek).

De ondernemer heeft zich daarbij gebaseerd op het feit dat met de versnellingsbak in kwestie na de levering van de auto meer dan 9000 kilometer is gereden, en dat het dus niet zo kan zijn dat het smeerolietekort in die versnellingsbak (of de oorzaak daarvan) reeds aanwezig moet zijn geweest ten tijde van de aflevering van deze auto of wat later bij de meergenoemde controle van de auto door de ondernemer. In dat geval zou veel eerder sprake zijn geweest van oververhitting en/of ernstige slijtage en/of uitval van de versnellingsbak.

Dit standpunt wordt door de deskundige op juistheid onderschreven, wat door hem wordt herhaald in diens conclusie bij het aanvullende rapport.

Andere oorzaken van het euvel zijn niet aannemelijk geworden. In het bijzonder is niet komen vast te staan dat olie is gelekt uit de versnellingsbak; er is geen lekkageoorzaak vastgesteld en er zijn ook geen lekkagesporen aangetroffen. Ook heeft te gelden dat een gesloten versnellingsbak nu eenmaal geen olie verbruikt. Ook laten zich geen versnellingsbak-storingen vaststellen van voor de datum waarop deze auto is gestrand.

De commissie trekt voor wat betreft de klacht over de versnellingsbak de conclusie dat “de aard van de afwijking” zich verzet tegen het kunnen aannemen van non-conformiteit ten tijde van de aankoop van deze auto. De consument wordt daarom dus niet geholpen door het meergenoemde bewijsvermoeden.

Voor wat betreft de bijkomende klacht over de turbo moet als volgt worden overwogen en beslist. Daarvoor geldt dat die ruim 9000 kilometer goed heeft gefunctioneerd en nog steeds goed functioneert. De deskundige constateerde slechts een speling op de turbo, wat niet vreemd is te noemen bij een kilometerstand van meer dan 2 ton. Aldus beschouwd laat zich ook hier geen voor risico van de ondernemer komende nonconformiteit vaststellen die dus reeds bestond ten tijde van de aanschaf van deze auto.

Dit betekent dat de klachten van de consument ongegrond zijn en dat in na te melden zin moet worden beslist.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. M.L.J. Koopmans, voorzitter, de heer B.H. Oving, mevrouw mr. M.T. Buiting, leden, op 18 juli 2025.

De uitspraak die de commissie heeft gedaan, is bindend voor beide partijen en vormt het sluitstuk van de procedure. De commissie kent geen mogelijkheid om tegen de uitspraak in beroep te gaan of deze te herzien. Ook niet in het geval van nieuwe feiten of argumenten. U kunt wel binnen 2 maanden na de verzenddatum van de uitspraak aan de burgerlijke rechter vragen de uitspraak te vernietigen. De andere partij heeft die mogelijkheid ook.
De rechter kan de uitspraak vernietigen als hij vindt dat de uitspraak onaanvaardbaar is; inhoudelijk of door de wijze van totstandkoming. Wanneer de uitspraak niet binnen 2 maanden door een van de partijen aan de burgerlijke rechter is voorgelegd door dagvaarding van de andere partij, kan de uitspraak niet meer ongedaan gemaakt worden.

 

Opslaan als PDF