Makelaar in gegeven omstandigheden niet aansprakelijk voor de door de huurder opgebouwde huurachterstand.

  • Home >>
  • Makelaardij >>
De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Makelaardij    Categorie: Overig    Jaartal: 2010
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: MAK09-0185

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft de vraag of de ondernemer aansprakelijk kan worden gesteld voor de door de huurder opgebouwde huurachterstand.   De consument heeft op 29 juni 2009 de klacht voorgelegd aan de ondernemer.   Standpunt van de consument   Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.   De consument heeft op 14 augustus 2008 aan de ondernemer de opdracht verstrekt tot het verlenen van diensten bij verhuur van zijn appartement. Hij is daartoe overgegaan omdat het niet wilde lukken om het appartement te verkopen en hij had het geld nodig omdat hij dubbele woonlasten had.   Op 12 maart 2009 is een huurovereenkomst aangegaan met de heer [naam huurder]. Gebleken is dat deze huurder vanaf de eerste maand zijn betalingsverplichtingen niet is nagekomen waardoor de consument voor hem noodzakelijke inkomsten is misgelopen en bovendien kosten heeft moeten maken ter incasso van zijn huurpenningen.   Volgens de consument kan de ondernemer verweten worden dat hij is geconfronteerd met een niet betalende huurder. De ondernemer had voorafgaand aan het sluiten van de huurovereenkomst moeten controleren of de huurder wel aan zijn betalingsverplichting zou kunnen voldoen. Door dit na te laten, althans onvoldoende te onderzoeken is de ondernemer jegens de consument toerekenbaar tekortgeschoten in zijn verplichtingen.   Ten gevolge hiervan heeft de consument schade geleden, welke schade wordt begroot op een bedrag dat gelijk is aan het bedrag dat de huurder nog verschuldigd is. De consument verlangt betaling van dit bedrag door de ondernemer.   Standpunt van de ondernemer   Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.   De ondernemer heeft de stellingen van de consument uitdrukkelijk weersproken. Anders dan door de consument gesteld heeft zij voor het aangaan van de huurovereenkomst alle financiële en NAW gegevens van de huurder ontvangen en doorgegeven aan de consument. De consument was dan ook op de hoogte van het feit dat de huurder een WW uitkering genoot van € 1.044,37 netto per maand en dat de huurder de waarborgsom van € 600,– niet in een keer kon betalen. De ondernemer heeft de consument gewaarschuwd voor de risico’s die verhuur met zich brengt. De consument heeft evenwel ingestemd met het sluiten van de huurovereenkomst, omdat hij de huurinkomsten nodig had om aan zijn eigen hypotheeklasten te kunnen voldoen.   Dat nadien problemen zijn gerezen omdat de huurder niet aan zijn betalingsverplichtingen voldeed, kan niet aan de ondernemer worden tegengeworpen. De consument dient zich daarvoor te richten tot de huurder en hem aan te spreken tot betaling van huur. Overigens is dit ook gebeurd en heeft de kantonrechter een veroordeling uitgesproken waarbij de huurder is verplicht tot betaling van de achterstallige huurpenningen. Het appartement is op 7 januari 2010 door de deurwaarder ontruimd en er is loonbeslag gelegd op het inkomen van de huurder. Overigens heeft de ondernemer de consument begeleid in de procedure tot incasso van zijn huurpenningen.   Beoordeling van het geschil   De commissie heeft het volgende overwogen.   Op de tussen partijen gesloten overeenkomst tot het verlenen van diensten bij verhuur van het appartement van de consument zijn de Algemene Consumentenvoorwaarden NVM van toepassing. Op grond van deze voorwaarden is de ondernemer onder meer verplicht om de door hem aanvaarde opdracht naar beste weten en kunnen uit te voeren en met inachtneming van de belangen van de consument. Als onbetwist is komen vast te staan dat de ondernemer de financiële en NAW gegevens van de huurder heeft opgevraagd en beoordeeld voorafgaand aan het sluiten van de overeenkomst. Deze gegevens bieden op zichzelf geen grond om af te zien van het sluiten van een huurovereenkomst met deze huurder. Nu bovendien de consument te kennen had gegeven dat hij de huurpenningen hard nodig had om zijn hypotheeklasten te kunnen betalen is de huurovereenkomst gesloten. Niet valt in te zien dat de ondernemer dit onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijs niet had mogen doen. Dat na het sluiten van de overeenkomst is gebleken dat de huurder zijn betalingsverplichting niet na kwam, is een risico dat verhuur in zijn algemeenheid met zich brengt en kan niet aan de ondernemer worden tegengeworpen. Te meer niet nu de ondernemer de consument heeft gewezen op die risico’s en de consument bij afweging van zijn belangen meer gewicht heeft toegekend aan het genereren van huurinkomsten om zijn hypotheeklasten te kunnen voldoen.   Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.   Derhalve wordt als volgt beslist.   Beslissing   Het door de consument verlangde wordt afgewezen.   Aldus beslist door de Geschillencommissie Makelaardij, op 22 januari 2010.