Restitutie contributie bij tijdelijke sluiting sportschool

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Sport en Beweging    Categorie: Overeenkomst    Jaartal: 2022
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: ten dele gegrond   Referentiecode: 138056/159658

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over

De consument heeft een jaarlijks sportabonnement bij de ondernemer. Na opzegging van het abonnement ontving de consument een bericht waarin werd aangegeven dat eventuele tegoeden automatisch toegekend zullen worden. De consument wenst terugbetaling van negen maanden aan contributies nu zij geen gebruik heeft kunnen maken van de sportschool. De ondernemer heeft in de procedure geen verweer gevoerd. De commissie oordeelt dat de ondernemer tekort is geschoten in het nakomen van haar verplichtingen. De klacht is gegrond.

De uitspraak

Onderwerp van het geschil 
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft terugbetaling van contributiegeld.
Standpunt van de consument 
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De consument had bij de ondernemer tussen 2018 en oktober 2021 een jaarlijks sportschoolabonnement voor Fitness & Lessen. De laatste betaling voor een jaarabonnement ad € 339,75 heeft de consument gedaan op 2 juli 2021.
In september 2021 kreeg de consument geen toegang meer tot de lessen. De consument heeft vergeefs diverse pogingen ondernomen om in contact te komen met de ondernemer en hierover uitleg te krijgen, maar kreeg geen opmerkingen.
De consument heeft haar abonnement op 15 oktober 2021 opgezegd. Naar aanleiding hiervan ontving de consument op die datum een e-mail van de ondernemer met de tekst: ‘Eventuele tegoeden krijg je automatisch van ons terug’. De consument heeft op 15 oktober 2021 ook een e-mail naar de ondernemer gestuurd met het verzoek om terugbetaling en dit verzoek meermaals herhaald. Dit is niet gedaan.
De consument wil terugbetaling van het contributiegeld ad € 254.81. Dit bedrag is gebaseerd op het
9 maanden geen gebruik kunnen maken van het betaalde jaarabonnement (€ 339,75/12= € 28,31 per maand x 9 maanden).
Standpunt van de ondernemer 
De ondernemer heeft bij de commissie geen verweer gevoerd, zodat zijn standpunt niet bekend is.
Beoordeling van het geschil 
De commissie heeft het volgende overwogen.
De kern van het geschil betreft terugbetaling contributiegeld.
De consument stelt dat de ondernemer haar in september 2021 geen toegang meer heeft gegeven tot de lessen, terwijl het volgen van lessen onder haar abonnement viel en zij per 15 oktober 2021 haar jaarabonnement heeft opgezegd. De ondernemer heeft die stellingen niet weersproken nu hij, ondanks hiertoe behoorlijk in de gelegenheid te zijn gesteld, geen verweer bij de commissie heeft gevoerd. Blijkens de door de consument overgelegde stukken, waaronder Whatsapp-bericht aan de consument d.d. 10 januari 2022, heeft de ondernemer de consument bericht dat zij inderdaad geen gebruik heeft kunnen maken van de lessen per 27 september 2021 en het abonnement per die datum wordt beëindigd. De consument heeft die datum niet weersproken.
Gelet hierop gaat de commissie ervan uit dat de ondernemer de consument per 27 september 2021 geen toegang meer heeft gegeven tot de overeengekomen lessen. Dit betekent dat de ondernemer in zoverre tekort is geschoten in de uitvoering van de verplichtingen die voor hem voortvloeiden uit de overeenkomst.
De consument heeft in het vragenformulier aangegeven dat zij wil dat de ondernemer de door haar op 2 juli 2021 vooraf betaalde jaarcontributie over de resterende 9 maanden ad € 254,81 (9/12 x € 339,75) terugbetaalt. Bij gebreke aan andersluidende gegevens gaat de commissie uit van de juistheid van de door de consument opgegeven jaarcontributie ad € 339,75. De consument kan daarom worden gevolgd in haar berekening dat uitgaande van 9 maanden de ondernemer haar een bedrag van € 254,81 zou moeten  terugbetalen. In voormeld Whatsapp-bericht van 10 januari 2022 geeft de ondernemer ook aan dat hij een bedrag zal crediteren.
Op 25 december 2021 heeft de consument De Geschillencommissie bericht, onder overlegging van een rekeningafschrift, dat zij op 20 december 2021 € 228,49 heeft ontvangen van de ondernemer. De ondernemer heeft dit niet weersproken, zodat hiervan wordt uitgegaan.
De consument stelt in dit bericht echter ook dat zij 10 maanden contributiegeld ad € 283,10 terugbetaald wil krijgen en de ondernemer haar nog € 54,61 verschuldigd is. Dit betreft echter een wijziging van de klacht dat zij terugbetaling van 9 maanden contributiegeld ad € 254,81 wil. Daarnaast heeft de consument niet onderbouwd waarom de ondernemer 10 maanden contributiegeld dient terug te betalen, hetgeen wel op haar weg lag. De consument heeft immers van 2 juli 2021 tot 27 september 2021 gebruik kunnen maken van het abonnement (bijna 3 maanden), terwijl de ondernemer geen opzegtermijn heeft gehanteerd. De commissie acht het daarom redelijk dat uitgegaan wordt van 9 maanden waarover contributiegeld moet worden terugbetaald. Nu de ondernemer slechts € 228,49 heeft betaald in plaats van €254,81 dient de ondernemer, voor zover hij hiertoe nog niet is overgegaan, nog een bedrag van € 26,32 aan de consument te voldoen. Voor een hoger bedrag bestaat aldus geen aanleiding.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gedeeltelijk gegrond is.
Nu de klacht van de consument deels gegrond is, is de ondernemer tevens gehouden om het klachtengeld te voldoen aan de consument.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie ook een bijdrage in de behandelingskosten verschuldigd.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing 
Verklaart de klacht deels gegrond;
Wijst het verzochte toe in navolgende zin:
Bepaalt dat de ondernemer, voor zover dit nog niet is gedaan, een bedrag van € 26,32 aan de consument dient terug te storten. Betaling van dit bedrag dient plaats te vinden binnen één maand na de verzenddatum van dit bindend advies.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Wijst af het overige verzochte.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Sport en Beweging, bestaande uit mevrouw mr. I.K. Rapmund, voorzitter, de heer J.G. Boelens MSm, de heer mr. P.B. Vos, leden, op 2 mei 2022.