Commissie: Commissie
Categorie: Betaling
Jaartal: 2024
Soort uitspraak: bindend advies na tussen advies
Uitkomst: ten dele gegrond
Referentiecode:
274341/335655
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument kocht op 25 oktober 2023 twee koekenpannen voor €78,93. Bij eerste gebruik veroorzaakte één pan schade aan zijn inductiekookplaat, vermoedelijk door een loslatende lijmlaag. De ondernemer betwistte de oorzaak en stelde dat de schade door overkoken kwam. Een deskundige onderzocht de kookplaat en concludeerde dat de schade met voldoende zekerheid door de pan was veroorzaakt.
De Geschillencommissie Thuiswinkel oordeelde dat de klacht grotendeels gegrond is. De ondernemer moet maximaal €500 vergoeden voor vervanging van de kookplaat, op basis van een gespecificeerde rekening van de consument. De vergoeding voor de geretourneerde pan werd afgewezen, omdat al een vervangend exemplaar was geleverd. Daarnaast moet de ondernemer €52,50 klachtengeld vergoeden. Bij te late betaling is wettelijke rente verschuldigd.
De volledige uitspraak
BINDEND ADVIES NA TUSSENADVIES
Geschillencommissie Thuiswinkel
Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een op 25 oktober 2023 met de ondernemer tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van twee koekenpannen voor de som van €78,93.
De consument heeft de klacht eerst voorgelegd aan de ondernemer.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Deze commissie heeft bij tussenadvies d.d. 19 augustus 2024 de eindbeslissing aangehouden. De inhoud van dit tussenadvies moet als hier ingevoegd worden beschouwd.
Tussen partijen is in geschil of er sprake is van schade aan de inductiekookplaat van de consument en wat de oorzaak daarvan is. De consument stelt dat de beschadiging het gevolg is van het loslaten van een lijmlaag bij het eerste gebruik van een bij de ondernemer gekochte koekenpan. De ondernemer is van mening dat de beschadiging aan de kookplaat niet door de gekochte koekenpan kan zijn ontstaan en het gevolg is van ingebrande etensresten na overkoken.
De consument verlangt dat de ondernemer de aanschafprijs van € 37,99 van de geretourneerde pan waarvoor nog geen vergoeding is uitbetaald alsnog terugbetaalt en dat de ondernemer de kosten van de reparatie van de kookplaat of de economische waarde van een kookplaat van drie jaar oud vergoedt.
Op grond van het hiervoor genoemde tussenadvies is tot deskundige benoemd de heer J.W.A. Post. Hij heeft op 17 oktober 2024 de kookplaat bij de consument thuis onderzocht. De ondernemer was hoewel daarvan in kennis gesteld daarbij niet aanwezig. Op 21 oktober 2024 heeft de deskundige zijn deskundigenrapport met fotobijlagen opgesteld.
De deskundige heeft naar aanleiding van het door hem ingestelde onderzoek aangegeven dat op de kookplaat een gedeeltelijk ronde afdruk van een pan zichtbaar is. Die afdruk heeft de bovenlaag van de kookplaat aangetast en is niet te reinigen of te verwijderen. De oorzaak van deze beschadiging is een koekenpan. Deze heeft de consument naar de ondernemer terug moeten sturen, waarna zij van de ondernemer een nieuwe koekenpan hiervoor in de plaats heeft verkregen.
De consument heeft echter wel aan de deskundige een foto getoond van de onderkant van de opgestuurde pan. Hierop is een loslatende laag te zien, wat de veroorzaker is van de schade aan de kookplaat.
De deskundige acht herstel of reparatie technisch mogelijk. In dat geval dient de glasplaat vervangen te worden. De daarmee gemoeide kosten (inclusief BTW) worden door de deskundige geschat op ongeveer €500,–. Deze kosten bestaan voornamelijk uit de kosten verbonden aan een glasplaat KI160 ZT (artikelnummer 794804), zijnde € 346,41.
De ondernemer ontkent de schade aan de kookplaat niet, maar meent dat de schade waarschijnlijk het gevolg is van overkoken of verkeerd gebruik. Daarbij wordt erop gewezen dat een nieuwe pan is opgestuurd om te verifiëren of de schade inderdaad door deze pan is ontstaan, maar dat de deskundige geen test heeft uitgevoerd met de nieuwe pan en is uitgegaan van de eerdere foto’s die de consument heeft gemaakt. Omdat de nieuwe pan niet is getest, kan volgens de ondernemer niet met zekerheid worden vastgesteld dat de zichtbare lijmlaag aan de onderkant van de pan, zoals op de foto te zien en de schade aan de kookplaat het gevolg is van het gebruiken van de pan, die de consument destijds heeft ontvangen.
De commissie volgt de deskundige in het door hem uitgebrachte advies en is van oordeel dat de klacht grotendeels gegrond is.
De commissie is van oordeel dat de oorzaak van de schade aan de kookplaat weliswaar niet voor 100% kan worden vastgesteld als zijnde veroorzaakt door de betreffende koekenpan, maar wel met een voldoende mate van zekerheid.
Omdat de koekenpan die de schade veroorzaakt zou hebben niet beschikbaar was voor het door de onderzoek door de deskundige heeft deze zijn oordeel moeten vormen op basis van de wel beschikbare feiten en omstandigheden, met name de vervangende koekenpan en de door de consument indertijd gemaakte foto’s. Uit hetgeen de deskundige heeft opgemerkt, maakt de commissie op dat hij van mening is dat er sprake was van een kennelijke productiefout van de koekenpan welke tot gevolg had dat de lijmlaag heeft losgelaten waardoor de schade is veroorzaakt.
Omdat de consument kennelijk reeds een vervangende koekenpan heeft ontvangen, zal de commissie dat gedeelte van de vordering afwijzen. Het spreekt voor zich dat in dat geval de consument de kosten van die koekenpan dient te voldoen als dat nog niet was gebeurd.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De ondernemer betaalt aan de consument de kosten van de vervanging van de consuments inductiekookplaat met een maximum van € 500,–. Betaling dient plaats te vinden op grond van een door de consument opgestelde rekening waarbij de nota’s van de inductieglasplaat en de voor vervanging in rekening gebrachte arbeidskosten zijn gevoegd. Betaling moet plaatsvinden binnen een maand na de verzenddatum van de hiervoor bedoelde door de consument opgestelde rekening.
Indien betaling niet tijdig plaatsvindt, betaalt de ondernemer bovendien de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de verzenddatum van het bindend advies.
De commissie wijst het meer of anders verlangde af.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie een bijdrage in de behandelingskosten verschuldigd.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Thuiswinkel, bestaande uit de heer prof. mr. A.W. Jongbloed, voorzitter, de heer mr. S.L.R. van Nuijs, de heer mr. dr. S.O.H. Bakkerus, leden, op 6 november 2024.