Vergoeding kosten voor verwijderen planken niet gerechtvaardigd; wel ontbinding overeenkomst.

  • Home >>
  • Wonen >>
De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Wonen    Categorie: Ontbinding    Jaartal: 2013
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: 55655-2

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een op 28 april 2009 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een partij composietplanken ten behoeve van de aanleg van een terras bij de woning van de consument tegen de daarvoor door de consument te betalen prijs van € 2.242,–. De levering vond plaats in juni 2009.   De consument heeft op 9 juli 2009 en op 2 oktober 2010 klachten voorgelegd aan de ondernemer.   Standpunt van de consument   Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.   Ik heb het terras zelf aangelegd. Tijdens het leggen merkte ik dat de door de ondernemer geleverde planken niet recht waren afgezaagd. Hierover heb ik per e-mail d.d. 9 juli 2009 geklaagd. De ondernemer stelde zich op het standpunt dat dit type planken nooit geheel recht zijn afgezaagd. In oktober 2010 constateerde ik dat de planken begonnen krom te trekken. Naar aanleiding van mijn klacht hierover liet de ondernemer mij, zonder de situatie ter plaatse te hebben bekeken, weten dat de oorzaak van het kromtrekken niet in de planken zat, maar in de wijze waarop deze door mij waren gelegd. Ik bestrijd dit ten stelligste. Ik heb de legvoorschriften nauwkeurig opgevolgd en er is geen sprake van een onjuiste legwijze. De oorzaak ligt in het materiaal, daar ben ik van overtuigd. Bij brief van mijn gemachtigde d.d. 17 januari 2011 is de ondernemer in gebreke gesteld en is hij gesommeerd tot kosteloze vervanging van de kromgetrokken delen over te gaan. De ondernemer heeft op deze ingebrekestelling gereageerd in die zin dat hij zich niet aansprakelijk acht, omdat het terras niet juist zou zijn aangelegd. Ik wens thans ontbinding van de overeenkomst, terugbetaling van de koopprijs met wettelijke rente en vergoeding van de kosten van verwijdering van de geleverde planken en het leggen van een nieuw terras.   De consument heeft ter zitting een kromgetrokken plank getoond en documentatie overgelegd.   Standpunt van de ondernemer   Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.   Zoals aan de consument meegedeeld is het probleem te wijten aan het feit dat het terras niet goed is gelegd en gemonteerd. Het materiaal waaruit de planken bestaan kan uit zichzelf niet vervormen. Indien de ondergrond niet volledig vlak is, waardoor er hoogteverschil aanwezig is in de balken, kunnen de planken vervormen. Een deskundige van de commissie heeft dit in een soortgelijk geval bevestigd. Aangezien de consument zelf heeft zorg gedragen voor de montage, kunnen wij niet voldoen aan zijn eis tot levering van nieuwe planken.   Deskundigenrapport   De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport, voor zover thans van belang, het volgende vastgesteld.   Uit het uitvoerige rapport, toegelicht met foto’s, waarnaar de commissie verwijst, blijkt dat het aan de consument geleverde materiaal, anders dan de informatie die de ondernemer op zijn website verstrekt, door inwerking van vocht kan kromtrekken. De deskundige is van oordeel dat dit normaal is voor materiaal als het onderhavige en dat dus geen sprake is van een gebrek in het materiaal. De deskundige noemt verschillende methoden die bij het leggen van de planken kunnen worden toegepast om kromtrekken door inwerking van vocht te voorkomen, bijvoorbeeld door het aanbrengen van verstevigingen. De consument heeft dergelijke methoden niet toegepast, maar heeft het terras op conventionele wijze gelegd. De deskundige heeft vastgesteld dat dit netjes is gebeurd. De ondernemer heeft laten weten dat hij het deskundigenrapport niet accepteert, omdat hij de uitnodiging tot bijwoning van het onderzoek slechts twee werkdagen tevoren heeft ontvangen en daardoor niet aanwezig kon zijn. In verband hiermee heeft de ondernemer geweigerd om antwoord te geven op enkele door de deskundige gestelde vragen. De ondernemer heeft de commissie verzocht een nieuwe onderzoek te laten uitvoeren door een andere deskundige. De consument heeft voor zover de commissie heeft kunnen nagaan geen reactie gegeven op het deskundigenrapport.   Beoordeling van het geschil   De commissie heeft het volgende overwogen.   De commissie wijst het verzoek van de ondernemer om een nieuw onderzoek te laten uitvoeren door een andere deskundige af. Dat de ondernemer het onderzoek naar hij stelt niet heeft kunnen bijwonen of doen bijwonen door een medewerker, ligt in zijn risicosfeer. Daarnaast valt niet in te zien dat een andere deskundige tot een ander oordeel zal komen met betrekking tot de klacht. De deskundige zegt immers niets ten nadele van het geleverde materiaal en bovendien had de ondernemer door antwoord te geven op de door de deskundige gestelde vragen ervoor kunnen zorgen dat de deskundige optimaal zou worden geïnformeerd. De ondernemer heeft er dus naar het oordeel van de commissie geen enkel nadeel van ondervonden dat hij niet bij het onderzoek door de deskundige aanwezig is geweest.   Het geschil spitst zich toe op de vraag of de consument erop bedacht had moeten zijn dat de planken door inwerking van vocht kunnen kromtrekken en dat speciale maatregelen, zoals door de deskundige beschreven, nodig waren om het kromtrekken te voorkomen. In de productinformatie die de ondernemer op zijn website verstrekt staat onder meer dat het composiet nauwelijks enig vocht opneemt en daardoor niet onderhevig is aan rot, versplintering, kromtrekken of barsten. Die informatie is blijkens het deskundigenrapport onjuist. Op zichzelf is dat niet erg, mits er van de zijde van de ondernemer zodanige leginstructies zijn vertrekt dat daarmee kromtrekken van de planken wordt voorkomen. De commissie heeft dergelijke instructies niet kunnen vinden, noch op de website van de ondernemer, noch in de door partijen in dit geschil verstrekte informatie. Op de website van de ondernemer is wel een installatievoorschrift te zien, maar daarin worden geen methoden beschreven ter voorkoming van kromtrekken. Dat betekent dat het aan de consument geleverde product wegens onjuiste informatie over de eigenschappen daarvan niet beantwoordt aan de overeenkomst. Dat leidt tot het oordeel dat de ondernemer de geleverde composiet planken dient terug te nemen en aan de consument de koopprijs dient terug te betalen. De consument verlangt daarnaast vergoeding van de kosten van het verwijderen van de planken en de aanleg van een nieuw terras. Dit gaat de commissie in zijn totaliteit echter te ver, omdat dergelijke kosten voor de ondernemer niet voorzienbaar zijn. Wel acht de commissie een redelijke vergoeding toewijsbaar voor de kosten die de consument moet maken om het bestaande terras te verwijderen en af te (laten) voeren. De commissie stelt het bedrag van die vergoeding, rekening houdend met alle haar bekende omstandigheden, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid vast op € 300,–. Wettelijke rente is eerst verschuldigd vanaf de datum waartegen de ondernemer in gebreke is gesteld ter zake van de terugbetaling van de koopsom. Een dergelijke ingebrekestelling is de commissie niet bekend. Derhalve kan de commissie geen wettelijke rente met terugwerkende kracht toewijzen.   Op grond van het bovenstaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.   Derhalve wordt als volgt beslist.   Beslissing   De overeenkomst tussen partijen d.d. 28 april 2009 wordt ontbonden verklaard. Dat betekent dat de ondernemer de geleverde composiet planken met bevestigingsmateriaal terugneemt (indien hij deze nog wil hebben) en aan de consument de koopsom van € 2.242,– terugbetaalt. Daarnaast is de ondernemer aan de consument een vergoeding verschuldigd van € 300,–. Betaling dient te geschieden binnen een maand na de verzenddatum van dit bindend advies. Indien de betaling niet tijdig geschiedt, betaalt de ondernemer de wettelijke rente over het verschuldigde totaalbedrag vanaf de verzenddatum van dit bindend advies.   De commissie wijst het meer of anders verlangde af.   Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 125,– aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.   Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie als bijdrage in de behandelingskosten van het geschil een bedrag verschuldigd van € 600,–.   Aldus beslist door de Geschillencommissie Wonen op 8 september 2011.