Verkeerde kleur vloerdelen geleverd: consument krijgt gedeeltelijke vergoeding

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Doe het zelf    Categorie: Non conformiteit    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ten dele gegrond   Referentiecode: 1328140/1332474

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De zaak gaat over een consument die een vloer had gekocht, maar waarbij per ongeluk enkele pakken vloerdelen in een andere kleur werden geleverd. Hierdoor ontstond na het leggen van de vloer een duidelijk zichtbaar kleurverschil. De ondernemer erkende de fout, maar stelde dat de consument het probleem tijdens het leggen had kunnen opmerken en de werkzaamheden had moeten laten stoppen. De commissie oordeelde dat zowel de ondernemer als de consument een fout hebben gemaakt: de ondernemer door de verkeerde kleur te leveren en de consument door de vloer ondanks het zichtbare kleurverschil volledig te laten leggen. Daarom hoeft de ondernemer niet alle vervangingskosten te betalen, maar moet hij wel een vergoeding van € 1.800,- aan de consument betalen.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Het geschil betreft een koopovereenkomst van 14 september 2025 met betrekking tot 38 pakken vloerdelen.

Standpunt van de consument

De klacht van de consument luidt als volgt:

“Hierbij dien ik een klacht in tegen de ondernemer wegens het leveren van een niet-conforme vloer.

Op 14/09/2025 heb ik een vloer gekocht. Op de factuur staat duidelijk vermeld welk type en welke kleur vloer is besteld. Bij levering is echter een vloer met een andere kleur geleverd dan overeengekomen.

Het kleurverschil was bij levering niet met het blote oog zichtbaar. De vloer is pas na volledige plaatsing duidelijk afwijkend gebleken. De vloer bestaat zichtbaar uit twee verschillende kleurtinten, wat niet overeenkomt met de bestelling en leidt tot een onacceptabel eindresultaat.

De vloer is inmiddels volledig geplaatst. De kosten voor montage bedroegen €1.700,-. Het verwijderen en opnieuw plaatsen van een correcte vloer brengt totale kosten met zich mee van circa €3.670,-.

Ik heb de verkoper meerdere malen in de gelegenheid gesteld om het probleem op te lossen. Tijdens telefonische gesprekken heeft de bouwmarktmanager een compensatie of vervanging van de vloer voorgesteld. Deze voorstellen zijn echter nooit schriftelijk bevestigd. Bovendien is een vergoeding niet in verhouding tot de daadwerkelijke schade.

De ondernemer is naar mijn mening tekortgeschoten in haar wettelijke verplichting tot levering van een conform product zoals bedoeld in artikel 7:17 Burgerlijk Wetboek.

Mijn verzoek aan de Geschillencommissie:

• Verplichting voor de ondernemer tot volledige vergoeding van de kosten voor vervanging van de vloer inclusief demontage en montage
of
• Volledige vervanging van de vloer door de ondernemer, inclusief alle bijkomende kosten.”

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De ondernemer erkent dat per abuis door een medewerker twee verschillende kleurvarianten van de vloerdelen aan de consument zijn meegegeven, te weten ongeveer 7 van de 38 pakken in de afwijkende kleur Natural Oak in plaats van Grand Oak die een grijsbruine kleur heeft.

De consument had deze fout kunnen ontdekken toen de vloerenlegger met de montage begon. Het kleurverschil is zeer goed te zien. Op dat moment had zij de verkeerde pakken in de winkel kunnen omwisselen voor de juiste, zodat haar schade zeer beperkt zou zijn geweest. In plaats daarvan heeft zij de vloerenlegger laten doorwerken totdat de gehele vloer gelegd was. Daarmee heeft zij haar schadebeperkingsplicht geschonden. De ondernemer acht zich dan ook niet tot de gevraagde schadevergoeding gehouden.

Uit coulance heeft de ondernemer diverse schikkingsvoorstellen gedaan die de consument heeft afgewezen, waaronder een vergoeding van € 1.800,-.

Het deskundigenonderzoek

De deskundige heeft de klacht onderzocht en op 11 april 2026 rapport uitgebracht van zijn bevindingen, die als volgt luiden:

“De vloer die is geleverd, en door de consument of door derden in opdracht van de consument is gelegd, bestaat uit twee kleuren. De geleverde kleuren zijn natural oak en grijsbruin oak. De kleur die de consument wenste is de grijsbruin oak. Naar schatting zijn er 7 pakken in de kleur natural oak en 31 pakken in de kleur grijsbruin oak geleverd. De pakken met de verkeerde kleur zijn over het algemeen in het eerste gedeelte van de vloer dat is gelegd verwerkt. In dit gedeelte kwam ook naar voren dat er verschillende kleuren waren geleverd. De consument heeft ervoor gekozen om toch door te gaan met het leggen.

Nu de vloer geheel is gelegd, zal voor herstel de gehele vloer dienen te worden gedemonteerd en herlegd. Dat de vloer en/of de verbinding tussen de panelen hierdoor beschadigd raakt is onvermijdelijk. Tevens zal bij gedeeltelijk nieuw leveren er onvermijdelijk kleur- of glansverschil optreden, omdat er van een andere productiebatch zal worden geleverd. Om deze redenen is geheel vervangen van de vloer de enige oplossing. De consument heeft aangegeven dat het verschil tussen de panelen bij het leggen aanvankelijk niet opviel doordat het buiten bewolkt was. Het kleurverschil is echter zeer duidelijk zichtbaar.”

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

Uit de bevindingen van de deskundige volgt dat de pakken met de verkeerde kleur vloerdelen hoofdzakelijk in het eerste deel van de montage zijn gelegd en dat het kleurverschil zeer duidelijk zichtbaar is.

Ter zitting heeft de consument daarover verklaard dat zij door persoonlijke omstandigheden na het ontdekken van de foutieve levering op dat moment niet in de gelegenheid was om de vloerenlegger opdracht te geven om de montage te staken in afwachting van het omruilen van de verkeerde pakken. Daarom heeft zij de vloerenlegger de gehele vloer laten leggen, inclusief de delen met de verkeerde kleur. Die persoonlijke omstandigheden kunnen haar evenwel niet ontslaan van haar schadebeperkingsplicht, waarbij zij zich ook de gerechtvaardigde belangen van de ondernemer had dienen aan te trekken. Daarin is zij dan ook tekortgeschoten en heeft zij aldus haar schade nodeloos vergroot.

Aldus hebben beide partijen in deze zaak een fout begaan die het redelijk doet zijn dat de schade tussen hen verdeeld wordt. Het eerder door de ondernemer gedane voorstel om de consument een vergoeding toe te kennen van € 1.800,- doet daaraan naar het oordeel van de commissie voldoende recht. De consument heeft dat voorstel ten onrechte afgewezen. De commissie zal de ondernemer alsnog tot betaling van dat bedrag verplichten.

Daarom wordt als volgt beslist.

Beslissing

De ondernemer dient binnen 14 dagen na verzending van deze uitspraak aan de consument een vergoeding te betalen van € 1.800,-.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Doe Het Zelfbedrijven, bestaande uit de heer mr. R.J. van Boven, voorzitter, de heer W. van Dijk, mevrouw mr. W. van den Berg, leden, op 4 juni 2026.

Opslaan als PDF