Klacht ongegrond: saldering gebeurt per jaarnota, niet per contractperiode

  • Home >>
  • Energie >>
De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: salderingsregeling    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1309804/1316050

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument vindt dat zijn teruggeleverde stroom moet worden gesaldeerd per contractjaar, omdat hij jaarcontracten had. De ondernemer heeft echter gesaldeerd per jaarnota.
De commissie legt uit dat verbruik altijd via een jaarnota wordt afgerekend. Alleen wanneer een contract tussentijds eindigt, wordt over een kortere periode afgerekend en binnen die periode gesaldeerd. Er is niet afgesproken dat saldering per contractperiode zou gebeuren.
De consument had ook opmerkingen over het gebruikte kWh‑tarief, maar de ondernemer heeft uitgelegd hoe dat tarief is opgebouwd. De commissie vindt die uitleg logisch en juist.
Daarom wordt de klacht afgewezen.

De volledige uitspraak

Samenvatting

De consument wenst dat gesaldeerd wordt per contractperiode en niet, zoals de ondernemer doet, in de betreffende jaarnota. De commissie wijst de klacht af.

Beoordeling

Tussen partijen is per factuur van 15 april 2025 afgerekend over de periode 2 april 2024 tot en met 15 maart 2025. Per slotfactuur van 5 juli 2025 is afgerekend over de periode 16 maart 2025 tot en met 30 juni 2025. De consument voert aan dat hij jaarcontracten met de ondernemer heeft gesloten, eerst over de periode 1 juli 2023 tot en met 30 juni 2024 en vervolgens over de periode 1 juli 2024 tot en met 30 juni 2025. De consument betoogt dat de saldering van verbruik en teruggeleverde stroom dient plaats te vinden per contractperiode. De ondernemer heeft gesaldeerd in zijn jaarnota, respectievelijk zijn slotnota.

De commissie is van oordeel dat verbruik afgerekend behoort te worden via een jaarnota. Dat betekent dat ook gesaldeerd wordt in de periode van de jaarnota. Er is alleen sprake van een kortere periode dan een jaar indien de overeenkomst wordt beëindigd, hetgeen zich in deze casus heeft voorgedaan.
Dan wordt over die kortere periode afgerekend en ook binnen die periode gesaldeerd. Er is niet overeengekomen dat saldering plaatsvindt per contractperiode. In zoverre wordt de vordering afgewezen.

De consument heeft nog een opmerking gemaakt over het in de jaarnota toegepaste tarief van € 0,280373 per kWh. De ondernemer rekent het niet-gesaldeerde verbruik in die jaarnota af tegen het daltarief, hetgeen voor de consument het meest voordelig is. Voorts houdt hij rekening met de belasting in de betreffende periode. Op basis daarvan komt hij tot het vermelde gemiddelde tarief. In zijn verweer heeft hij een en ander uitgelegd. De berekening is overigens ook terug te vinden in de app. De commissie komt die berekening juist voor. De consument heeft op die berekening niet meer gereageerd. De commissie gaat dan ook verder aan deze opmerking voorbij.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. R.J. Paris, voorzitter, de heer drs. G.J. Visser en de heer drs. E.J.M. Polman, leden, op 8 december 2025.

Opslaan als PDF