Commissie: Voertuigen
Categorie: (non)conformiteit
Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
1168312/1322203
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument stelt dat na het vervangen van de startaccu door de ondernemer direct een ernstige storing ontstond en dat door onzorgvuldig handelen de EME‑computer van zijn BMW X5 is beschadigd, waardoor een hoge factuur ontstond die hij heeft betwist en in depot heeft gestort. De ondernemer voert aan dat de auto al met een hybride‑systeemstoring werd aangeboden, dat de EME‑unit een bekend probleem is bij dit model en dat de reparatie in overleg en naar tevredenheid van de consument is uitgevoerd. De commissie oordeelt dat de consument niet heeft bewezen dat de ondernemer de EME‑unit heeft beschadigd, mede omdat de auto inmiddels is verkocht en onderzoek niet meer mogelijk is. De klacht wordt ongegrond verklaard en het depotbedrag wordt aan de ondernemer uitgekeerd.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft klachten over de reparatie van een accu van een BMW X5.
De consument heeft een bedrag van € 4.755,77 niet betaald en bij de commissie gedeponeerd.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De BMW X5 verkeerde in goede staat; enkel de startaccu diende door de ondernemer vervangen te worden. Na deze eenvoudige ingreep bij de ondernemer trad direct een ernstige storing op. Door onzorgvuldig handelen en gebrek aan hybridekennis is de EME-computer beschadigd. De ondernemer weigert aansprakelijkheid en presenteert een onterechte factuur. De consument betwist deze en verzoekt om juridische beoordeling en compensatie. De auto is inmiddels verkocht.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De BMW is ter reparatie aangeboden met een door [hulpdienst] vastgestelde storing aan de accu. Na een door de ondernemer uitgevoerde test bleek dit inderdaad het geval te zijn. De accu is vervangen. De kapotte zekering is vervangen om te kijken of dit o.a. de storing op de Joystick zou kunnen zijn. Het vervangen van de accu blijkt achteraf een gevolg te zijn van een defect in het regelapparaat van het Hybride systeem EME, hierdoor creëerde het MMS systeem diverse foutmeldingen. Na dieper onderzoek blijkt de regeleenheid van het Hybride systeem een veel voorkomende fout te zijn in dit type auto. Een nieuwe unit kost bij BMW (ongeveer) € 9.000,-, dus de ondernemer heeft gezocht naar een beter passende oplossing. Een reparatie van de EME-unit bleek mogelijk tegen een veel betere prijs. In overleg met de consument heeft de ondernemer het regelapparaat opgestuurd en laten repareren. De tijdslijnen hiervoor zijn duidelijk met de consument gecommuniceerd. De reparatie van de unit is netto doorbelast om de consument enigszins tegemoet te komen. De BMW heeft inderdaad drie weken op de brug gehangen en zorgde voor veel hinder in het werkplaats proces maar het was niet anders. Naast de reparatie aan de EME is ook op verzoek van de consument een draagarm vervangen. Ook dit is in goed overleg besloten. Op 12 maart heeft de consument de auto opgehaald en is uitgebreid gesproken over de reparatie en de kosten. De consument was dik tevreden.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
De ondernemer heeft gemotiveerd betwist dat hij de reparatie van de accu op onjuiste wijze heeft uitgevoerd en dat door toedoen van de ondernemer de EME-computer is beschadigd. Daarom is de enkele stelling van de consument dat uit de volgtijdelijkheid van de opgetreden gebreken blijkt dat zulks wel het geval moet zijn geweest, onvoldoende. Het is aan de consument als eisende partij om voldoende aannemelijk te maken dat de door de ondernemer gevolgde werkwijze ondeugdelijk is geweest en tot schade aan de EME regelunit heeft geleid met alle kosten van dien. Het dossier geeft de commissie voor een dergelijk verstrekkende conclusie onvoldoende houvast. Daar komt bij dat het benodigde bewijs ook niet meer geleverd kan worden. Omdat de auto inmiddels is verkocht, kan er immers geen onderzoek gedaan meer worden naar de oorzaak van de storing.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag aan de ondernemer overgemaakt ter voldoening van de openstaande factuur.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. B.J. Tideman, voorzitter, de heer R. Romijn en de heer mr. A. van Aldijk, leden, op 2 april 2026.