Ondernemer heeft bijna volledig voldaan aan eerder bindend advies; alleen online registratie moet nog worden uitgevoerd

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Installerende bedrijven    Categorie: Overig    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: vervolg bindend advies   Uitkomst: ten dele gegrond   Referentiecode: 251304/396936

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De commissie beoordeelde of de ondernemer het eerdere Vervolg Bindend Advies van 17 januari 2025 heeft uitgevoerd. De consument vindt van niet en noemt verschillende punten: een storing waarbij de badkamerthermostaat is afgekoppeld, een online servicesysteem dat nooit heeft gewerkt, een deel van de vloerverwarming dat volgens hem niet warm wordt en het ontbreken van een ondertekend opleveringsprotocol. De ondernemer stelt dat de installatie goed werkt, dat het binnendeel opnieuw is ingeregeld en dat eventuele resterende punten geen gebreken zijn of buiten de overeenkomst vallen. De commissie kijkt alleen naar de vraag of het eerdere advies is nagekomen en niet opnieuw naar oude geschilpunten. Zij stelt vast dat de installatie functioneert en dat er een ingevulde checklist van de leverancier aanwezig is. De badkamer als bufferzone is toegestaan volgens de handleiding en vormt geen gebrek. Voor de vloerverwarming is onvoldoende bewijs dat er een fout is. Ook is er al eerder een oplevermoment geweest, waardoor een nieuw opleveringsprotocol niet nodig is. Wel moet de ondernemer nog zorgen dat de wifi‑module bij de leverancier wordt geregistreerd, omdat dit onderdeel is van de installatie. Voor het overige heeft de ondernemer aan het eerdere bindend advies voldaan.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft de vraag of de ondernemer heeft voldaan aan een eerder Vervolg Bindend Advies, dat in deze zaak op 17 januari 2025 is afgegeven door de Geschillencommissie.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De afgelopen maanden heb ik verschillende keren schriftelijk en telefonisch aandacht van de Commissie gevraagd voor het feit dat de ondernemer, het “Vervolg Bindend Advies” van de Geschillencommissie Installerende Bedrijven (Zaaknummer 251304/396936) niet uitvoerde.

In deze zaak heeft de Commissie op 3 maart 2025 onder andere het volgende besloten: “De ondernemer dient zonder bijkomende kosten voor de consument binnen twee maanden na de verzenddatum van dit Vervolg Bindend Advies zorg te dragen voor het inregelen en opleveren van het binnendeel van de warmtepomp inclusief de regeldelen zoals de thermostaat.”

Uiterlijk 3 mei 2025 zou een en ander dus uitgevoerd moeten zijn, maar het is helemaal niet gebeurd.

Uiteindelijk heb ik op 8 december 2025 een verzoek om een vervolgadvies ingediend met als resultaat een zitting van de Commissie op 5 maart 2026.

De feitelijke situatie ter plaatse is nu als volgt: de installatie functioneert maar er is toch sprake van de volgende tekortkomingen.

1. er is in het verleden een storing verholpen op een wijze waarbij grote vraagtekens zijn geplaats. Er was sprake van een overproductie van warmte. Als symptoombestrijding is de thermostaat van de badkamer afgekoppeld. In de afgelopen periode is geen nadere analyse van de oorzaak van de storing uitgevoerd. De thermostaat in de badkamer is nog steeds niet aangesloten.
2. conform de offerte is voor de levensduur van de pomp betaald voor een werkend onlinesysteem voor service op afstand. Dit systeem heeft nooit gefunctioneerd en functioneert ook momenteel niet.
3. een deel van de vloerverwarming in de woonkamer functioneert niet. Een inregeling daarvan is niet uitgevoerd.
4. het systeem zou volgens de voorschriften van de leverancier opgeleverd worden. Er is geen door de leverancier medeondertekend opleveringsprotocol opgemaakt. Oplevering heeft dus nog niet plaatsgevonden.

Ter toelichting geldt het volgende:

Op 24 oktober 2025 ontving ik van de directeur van de ondernemer een e-mail met de volgende tekst: “Gemakshalve verwijs ik u naar de bijlage. Wij zijn klaar met onze werkzaamheden.”

De bijlage waar in deze mail naar verwezen wordt – een checklist van service opgemaakt door een monteur van de leverancier uitgevoerd op 1 juli 2025 – was als bijlage bij dit document gevoegd. Bij deze checklist kunnen onder andere de volgende opmerkingen worden gemaakt:
– Op blz. 5 van de checklist wordt opgemerkt dat wifi niet is aangesloten op de warmtepomp en dat de pomp niet is aangemeld voor monitoring. Anders gezegd, het onlinesysteem voor service op afstand werkt niet.
– Op blz. 5 wordt verder opgemerkt dat er geen logboek is ingevuld en achtergelaten. Van enige controle van de door de ondernemer uitgevoerde werkzaamheden achteraf kan dus geen sprake zijn.
– Aan het eind van de checklist wordt onder “Opmerkingen” aangegeven dat de naregeling van de vloerverwarming in de hal nog moet worden aangebracht. Hier functioneert de vloerverwarming dus helemaal niet.

Een checklist van een monteur van [leverancier] is geen ondertekend opleveringsprotocol. Op basis van de bovenstaande beschrijving van de situatie ter plaatse en de door installateur zelf aangeleverde informatie kan niet anders dan worden geconcludeerd dat de firma de ondernemer de uitspraak van de Geschillencommissie van 3 maart 2024 op de hoofdpunten van het geschil niet heeft uitgevoerd.

Het lukt ons niet een onderhoudspartij voor de installatie te vinden. Alle geraadpleegde aanbieders haken af als zij van deze problematiek kennisnemen.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Wij hebben aan het Vervolg Bindend Advies voldaan. Dat geldt ook voor een later opgetreden storing die wij onverplicht hebben verholpen.

In reactie op de stellingen van de consument merken wij allereerst op dat wij het volledige binnendeel opnieuw hebben ingeregeld na de uitspraak.

Ten aanzien van de specifieke klachten merken wij op:

Ad 1: (thermostaat badkamer). Het gaat hier niet om een gebrek. Het EVA-systeem werkt naar behoren, dit is ook getest en er is geen ongewenste warmte. Het EVA-systeem gebruikt de installatie als buffer. Dit is de werking van dit systeem wat bij de consument is geïnstalleerd. Indien deze dit niet wenst kan zij een buffervat laten installeren. Dit valt buiten de overeenkomst.

Ad 2: (online systeem). Het gaat hier enkel om de registratie bij [leverancier]. Dit kan via iedere installateur worden geregeld.

Ad 3: (vloerverwarming). Dit probleem is ons niet bekend. Het verbaast ons omdat de consument immers ook stelt dat de installatie goed werkt.

Ad 4: (oplevering) De controle is door [leverancier] uitgevoerd die in de ingevulde [wifi module] checklist haar constateringen heeft vastgelegd. Hierin staat ook dat de IBS is goedgekeurd. Dit sluit aan op de stelling van de consument dat de installatie zelf goed functioneert. Wij zien dit als de oplevering, een handtekening van de consument is niet vereist.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.
Het gaat op dit moment uitsluitend om het beoordelen van de vraag of de ondernemer aan het Vervolg Bindend Advies van 17 januari 2025 heeft voldaan.

De commissie meent dat dit – op een punt na – het geval is. Tevens geldt dat de commissie het Vervolg Bindend Advies als uitgangspunt stelt en dit niet kan en mag her beoordelen. Alles dat voordien is aangevoerd en door het vervolg Bindend Advies is afgedaan, staat dus niet opnieuw ter discussie.

Allereerst stelt de commissie vast dat beide partijen stellen dat de installatie werkt. Daarnaast constateert de commissie dat er een ingevulde [wifi module] checklist aanwezig is.

Ten aanzien van de gebreken die er nu nog zouden zijn overweegt de commissie het volgende:

Ad 1: (thermostaat badkamer). Uit de offerte voor de levering van de installatie blijkt dat gekozen is voor een [model]. In de installateurshandleiding staat op blz. 14:

“In Figuur 6-2 is schema van een standaard installatie te vinden aan cv-zijde, inclusief appendages en expansievoorziening. Het buffervat en de bijbehorende onderdelen zijn afhankelijk van de installatie optioneel. “

De handleiding geeft aan dat warmte ook in een ruimte in de woning kan worden gebufferd.

In dit geval is ervoor gekozen de badkamer te gebruikten als bufferzone voor warmte. Gesteld nog gebleken is dat een buffervat onderdeel vormde van de overeenkomst tussen partijen. Deze oplossing is – anders dan de consument stelt – dus geen gebrek.

Ad 2: (online systeem). Onderdeel van de overeenkomst vormt “Leveren en monteren van een [wifi module]”. Niet weersproken is dat deze module is geplaatst. Klaarblijkelijk is deze echter nog niet geregistreerd bij [leverancier]. De ondernemer heeft gesteld dat iedere installateur deze bij [leverancier] kan aanmelden. De commissie ziet die aanmelding als verlengstuk van de installatie van de warmtepomp. De ondernemer dient die registratie daarom alsnog te verzorgen.

Ad 3: (vloerverwarming). Uit het dossier is de commissie gebleken dat de stelling over dit gebrek is gebaseerd op de meting met een warmtebeeldcamera, waarmee zou zijn vastgesteld dat een deel van de vloerverwarming niet wordt verwarmd. Nu de consument in het algemeen heeft gesteld dat de installatie goed functioneert, kan de feitelijke situatie in een woning zijn dat een deel van de slangen in de vloer door het systeem niet wordt verwarmd (omdat de kamer al de juiste temperatuur heeft bereikt). Dit betekent dat de meting met een warmtecamera niet per se betekent dat het systeem niet goed is ingeregeld. Concretere informatie heeft de consument niet aangeleverd, waardoor dit gebrek niet kan worden vastgesteld door de commissie.

Ad 4: (oplevering) In een e-mail van de consument van 27 december 2021 wordt het volgende aan de ondernemer bericht:

Hieruit blijkt dat de consument zelf is uitgegaan van een oplevering op 19 oktober 2020 en (enkel) in afwachting was van een door de ondernemer ‘ondertekend opleverprotocol’. Toezending daarvan was volgens de consument immers tijdens een gesprek op 19 oktober 2020 toegezegd.

Het bovenstaande betekent dat eventuele gebreken geen opleveringsgebreken zijn maar eventuele garantiekwesties. Een nieuw protocol van oplevering is in dat verband niet aan de orde. De ingevulde [wifi module] checklist volstond in dit geval.

Dit betekent dat de klacht grotendeels ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De ondernemer dient ervoor te zorgen dat [wifi module] bij [leverancier] wordt aangemeld.
Voor het overige heeft de ondernemer aan het Vervolg Bindend Advies van 17 januari 2025 voldaan.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Installerende Bedrijven, bestaande uit de heer mr. W.F.R. Rinzema, voorzitter, de heer P.A. Frank, mevrouw mr. W. van den Berg, leden, op 5 maart 2026.

 

 

Opslaan als PDF