Klacht over vaatwasser afgewezen

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Wonen    Categorie: Bewijs    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1316666/1325740

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument vond dat de vaatwasser verkeerd was geïnstalleerd, waardoor schade aan de deur was ontstaan. Volgens de consument kwam dit door een montagefout van de ondernemer. Uit onderzoek bleek echter dat de schade niet door de eerste installatie kan zijn ontstaan en dat de schade meer lijkt op geforceerde schade door gebruik. Ook waren er geen duidelijke aanwijzingen dat eerdere reparaties of servicebezoeken het probleem hebben veroorzaakt. Daarom oordeelt de commissie dat niet bewezen is dat de vaatwasser niet goed was geleverd of gemonteerd. De klacht wordt afgewezen.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

Dit geschil vloeit voort uit de op 26 oktober 2019 gesloten overeenkomst, waarbij de ondernemer tegen betaling door de consument onder meer een vaatwasser heeft verkocht en die begin 2020 ook heeft gemonteerd.

Deze zaak spitst zich toe op de (non)conformiteit van de door de ondernemer gemonteerde vaatwasser.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Zoals eerst bij de ondernemer is gemeld, is de vaatwasser defect geraakt en slechts provisorisch hersteld, omdat volledige reparatie niet mogelijk was. Het defect is waarschijnlijk veroorzaakt door een foutieve installatie: de voorste stelpoten waren niet uitgedraaid, waardoor de machine aan de voorkant alleen aan twee schroefplaatjes hing. Hoewel de fabrikant bevestigt dat dit het probleem kan veroorzaken, hield de ondernemer deze info bewust achter en schuift de schuld op ons.

De consument eist kosteloze vervanging van de vaatwasser of kosteloze reparatie met garantie.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De consument heeft al over meer apparatuur geklaagd en er zijn inmiddels meerdere huisbezoeken geweest vanwege een gemelde scheur in de glaskookplaat, kapotte koelkastplanken en dat de vaatwasser niet goed staat en scheef zit. Zoals ik al eerder tijdens een huisbezoek heb aangegeven, komt de schade aan de vaatwasser door gebruik. Hoewel haar partner destijds heeft aangegeven dat het huis verhuurd is geweest, heeft de consument die verhuur ontkend. Meer dan een jaar later kwam de consument nogmaals met de klacht naar de winkel. Indien de vaatwasser niet goed gemonteerd was geweest en de voorste pootjes niet waren uitgedraaid, dan was de vaatwasser al in de eerste week naar voren geklapt en niet na meer dan een jaar gebruik. De druk van bovenaf is een reden voor het ontzetten van de deur.

Deskundigenrapport

De deskundige heeft in hoofdlijn het volgende gerapporteerd.

Geef uw vaktechnisch oordeel over de klacht(en):
De veren van de scharnieren van de vaatwasser zijn op dit moment net (bijna niet) afdoende om de vaatwasserdeur af te remmen bij het opengaan, met dien verstande dat de deur na het programma geheel opengaat en niet een klein stukje. Het probleem speelt al een hele poos. De schade die aan de deur ontstaan is, kan niet uit zichzelf zijn ontstaan, dat ziet eruit als geforceerde schade. Het is niet aannemelijk dat het probleem door de eerste keukenmontage is gekomen, daar stond de keuken er al te lang voor. Wat er na de eerste keukenmontage, bijvoorbeeld tijdens de diverse service verlening/montage ingrepen, is gedaan heeft niet tot een oplossing geleid.

De omvang van de klacht(en):
– Ernstig
– Opvallend

Is herstel of reparatie technisch mogelijk?
Ja.
Mogelijkheid 1: Nieuwe vaatwasserdeur monteren.
Mogelijkheid 2: Nieuwe vaatwasser installeren.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

Met de in het vragenformulier geformuleerde klacht en eis beperkt deze zaak zich tot de door de ondernemer gemonteerde vaatwasser. De consument klaagt in de kern dat de vaatwasser niet aan de koopovereenkomst beantwoordt, althans door de ondernemer niet goed is geïnstalleerd. Nu de ondernemer dat betwist, draagt de consument het bewijsrisico daarvan.

Voor zover de ondernemer bij de uitvoering van verplichtingen uit de overeenkomst de (servicedienst van de) fabrikant heeft ingeschakeld, heeft de ondernemer dat kunnen en mogen doen maar blijft de ondernemer tegenover de consument aansprakelijk voor de geïnstalleerde vaatwasser.

Dat de ondernemer het geschil buiten rechte met een (coulance)voorstel in der minne heeft willen regelen of tot een praktische oplossing heeft willen brengen, mag nog niet worden opgevat als haar erkenning van de klacht of aansprakelijkheid. Dat eerder door de ondernemer gedane aanbod is inmiddels vervallen doordat de consument het heeft verworpen, althans niet tijdig heeft aanvaard.

De consument heeft ter zitting verklaard dat zij niet hoefde te verwachten dat de afwijking al na zo’n vier jaren zou optreden. De deskundige heeft evenwel gerapporteerd dat de schade niet door de eerste keukenmontage is gekomen en dat de schade aan de deur niet uit zichzelf kan zijn ontstaan, maar dat de afwijking een geforceerde schade lijkt. Ook voor zover de consument ter zitting heeft aangegeven dat de vaatwasser bij een reparatie misschien niet goed werd gemonteerd, ontbreken concrete aanwijzingen dat uitgevoerde service- of montage-ingrepen tot de afwijking hebben bijgedragen. Het deskundigenrapport bevat hiervoor in ieder geval geen aanwijzingen. Omdat niet aannemelijk is dat de op de foto’s zichtbare vervorming door een montagefout kan zijn ontstaan, blijkt onvoldoende dat de vaatwasser niet aan de koopovereenkomst beantwoordt.

Op grond van het voorgaande komt de commissie tot de slotsom dat de eis van de consument moet worden afgewezen en dat de klacht van de consument ongegrond is. Wat verder nog is aangevoerd, doet niet anders beslissen.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De commissie verklaart de klacht ongegrond en wijst het door de consument verlangde af.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Wonen, bestaande uit de heer mr. M.G.W.M. Stienissen, voorzitter, de heer A.H.A. van de Meulenreek, de heer D. van der Wal, leden, op 12 mei 2026.

Opslaan als PDF