Commissie: Makelaardij
Categorie: (non)conformiteit
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
1063008/1146663
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
Een consument klaagde over de dienstverlening van een makelaar die had bemiddeld bij zowel de aankoop van een nieuwe woning als de verkoop van de oude woning. Volgens de consument waren de financiële belangen onvoldoende behartigd, was voor de nieuwe woning te veel betaald en had de makelaar zich onvoldoende ingespannen om de eigen woning voor de gewenste prijs te verkopen. Ook vond de consument dat klachten niet serieus werden genomen en dat de communicatie onduidelijk en tegenstrijdig was. De consument stelde dat de makelaar vooral uit eigen financieel belang handelde en verzocht om een financiële compensatie. De makelaar diende geen tijdig verweer in bij de Geschillencommissie. De commissie oordeelde dat de klachtbehandeling door de makelaar beter had gekund, maar stelde vast dat de opdracht wel was uitgevoerd en dat de verschuldigdheid van de courtage uit de overeenkomst volgde. Daarnaast zag de commissie geen aanwijzingen dat de makelaar verwijtbaar had gehandeld bij de aankoop of verkoop van de woningen. De consument had bovendien zelf kunnen beslissen of hij akkoord ging met de behaalde resultaten. Omdat niet was aangetoond dat de makelaar schade had veroorzaakt of zijn werkzaamheden onvoldoende had uitgevoerd, werd de klacht ongegrond verklaard en het verzoek om een financiële tegemoetkoming afgewezen.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft de kwaliteit van de verrichte dienstverlening. De consument stelt door toedoen van de makelaar schade te hebben geleden en wenst naast een financiële compensatie door de commissie vastgesteld te zien dat de makelaar het niet goed heeft gedaan.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Wij vinden dat onze aan- en verkoop makelaar niet voldoende onze (financiële) belangen heeft behartigd en wij hebben het gevoel dat hun eigen belang in alle adviezen heeft meegewogen waardoor wij financiële schade hebben geleden.
Ook voelen wij ons niet serieus genomen door de makelaar, al helemaal niet in de afhandeling van de klacht. Deze werd in eerste instantie door de desbetreffende makelaar zelf met een kort antwoord afgedaan, daarna heeft het heel lang geduurd voordat er een (aanvullende en inhoudelijke) reactie kwam, is er niet diepgaand op onze klachten ingegaan en werd en ook nog eens aangegeven dat ze niet snapten waarom we de klacht hebben ingediend.
We hebben meerdere persoonlijke gesprekken gehad en een uitgebreide mailcorrespondentie. In deze communicatiemomenten werden keer op keer tegenstrijdige verhalen verteld (allemaal in het “voordeel” van de makelaar). De makelaar daarmee confronteren heeft alleen maar geleid tot ontwijkende antwoorden of überhaupt geen inhoudelijke reactie hierop.
Kort gezegd zijn wij van mening dat:
– wij door bemiddeling van de makelaar voor onze nieuwe woning te veel hebben betaald
– de makelaar niet voldoende inspanning heeft gedaan om onze woning voor minimaal de door hen gestelde vraagprijs te verkopen.
Voor ons gevoel komt e.e.a. voort uit eigen financieel gewin van de makelaar: voor hen maakt het niet uit dat wij teveel hebben betaald. Doordat wij een woning hebben aangekocht, konden zij onze woning in de verkoop nemen. Ook maakt het voor de makelaar financieel qua courtage zo goed als niks uit dat onze woning voor een lagere prijs is verkocht; zij zijn er van af en ontvangen hun courtage.
Standpunt van de ondernemer
De makelaar heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om tijdig op de klacht te reageren. Nadat de behandeling van de zaak op 24 juli 2025 heeft plaatsgevonden en werd gesloten, is ’s avonds bij de geschillencommissie een verweerschrift binnengekomen. Van dit verweer heeft de commissie geen kennisgenomen omdat dat tardief werd ingediend en de consument daar niet op heeft kunnen reageren.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
De commissie stelt vast dat de reactie van de makelaar op de klachten van de consument adequater had gemogen. Niettemin is de opdracht door de makelaar vervuld. De verschuldigdheid van courtage volgt uit de opdracht. Het verschil in biedingspercentages van 3 % bij de aankoop van een woning en 1.6% bij de verkoop van een woning geeft geen enkele aanleiding om reden te hebben dat de makelaar in dat opzicht iets te verwijten valt. Daarnaast was de consument ook in de gelegenheid niet akkoord te gaan met de resultaten van de aankoop en de verkoop. Ook anderszins is niet gesteld of gebleken dat er sprake is geweest van verwijtbaar handelen van de makelaar dat zou rechtvaardigen dat er plaats is voor een financiële tegemoetkoming.
De klacht mist dus grond en wordt afgewezen.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Makelaardij, bestaande uit de heer mr. D. van den Brink, voorzitter, mevrouw J.P.J. de Kleermaeker, de heer mr. P. P. van der Neut, leden, op 24 juli 2025.