Het is niet de taak van de makelaar om de juridische vorm van het huwelijk te verifiëren

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Makelaardij Consumentenmarkt    Categorie: (On)Zorgvuldig handelen    Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 407279/487356

De uitspraak:

Waar gaat het over?

De consument verwijt de makelaar dat deze niet heeft aangegeven dat alleen hij de eigenaar van de woning was en dat zijn (ex)partner geen mede-eigenaar was. Hierdoor dacht de consument ten onrechte dat hij zijn ex-partner moest uitkopen en besloot hij de woning te verkopen. Ook werd de naam van zijn ex-partner foutief in de koopovereenkomst vermeld. De consument is van mening dat hij geen courtage verschuldigd is.

De makelaar betwist dit en stelt dat hij geen verantwoordelijkheid heeft om de eigendomsverhoudingen te controleren, aangezien hij vertrouwde op de door de consument verstrekte informatie. Hij benadrukt dat de ex-partner op basis van het BW verplicht was de overeenkomst mede te ondertekenen en dat er geen reden is om de courtage niet te betalen.

De commissie oordeelt dat de makelaar zijn zorgplicht niet heeft geschonden. Het is niet de taak van de makelaar om de juridische vorm van het huwelijk te verifiëren, wat eerder de verantwoordelijkheid van de advocaat of notaris is. Hoewel de vermelding van de ex-partner in de koopovereenkomst onjuist was, heeft dit geen financieel nadeel veroorzaakt. Daarom wordt de klacht ongegrond verklaard en is de consument verplicht de courtage te betalen. De kostenverdeling wordt niet toegewezen.

Volledige uitspraak

Behandeling van het geschil

Partijen zijn tijdig en behoorlijk opgeroepen ter zitting te verschijnen.

Partijen zijn overeengekomen dit geschil bij bindend advies door de Geschillencommissie Makelaardij (verder te noemen: de commissie) te laten beslechten.

De commissie heeft kennisgenomen van de overgelegde stukken.

De behandeling heeft plaatsgevonden op 22 november 2024 te Den Haag.

Partijen zijn, vergezeld van hun gemachtigden, digitaal gehoord door een zogenaamde Zoom verbinding.

Onderwerp van het geschil

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de makelaar.

Het geschil betreft de kwaliteit van de door de makelaar verrichte dienstverlening.

De consument heeft de in rekening gebrachte courtage onbetaald gelaten en het bedrag van bij de commissie in depot gestort.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer. De consument verwijt de makelaar dat hij heeft nagelaten de consument er op te wijzen dat hij alleen de eigenaar van de te verkopen woning was en zijn (ex)partner geen mede-eigenaar. De makelaar heeft aldus zijn zorgplicht geschonden. Het behoort immers tot zijn taak na te gaan wie de eigenaar van een woning is. Door toedoen van de makelaar is de consument er ten onrechte vanuit gegaan dat zijn (ex)partner mede-eigenaar van de woning was, waardoor hij in de veronderstelling was dat hij haar moest uitkopen en zich genoodzaakt zag de woning te verkopen. Zo is  door toedoen van de makelaar ook  foutief de naam van zijn (ex) partner in de koopovereenkomst vermeld. Onder deze omstandigheden is hij van mening dat hij geen courtage verschuldigd is.

Standpunt van de makelaar

Voor het standpunt van de makelaar verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De makelaar stelt dat hem geen enkel verwijt kan worden gemaakt. De verschuldigdheid van de courtage blijkt uit de opdracht; de woning is verkocht. De makelaar betwist dat hij behoort na te gaan wie de eigenaar van de woning is. Hij is van de juistheid van de door de consument verstrekte gegevens uit gegaan. Hij wist niet dat de ex partner geen mede eigenaar van de woning was en was er evenmin van op de hoogte dat de consument de woning moest verkopen om zo zijn ex uit te kunnen kopen. Hij is dus niet te kort geschoten in zijn zorgplicht. Daar komt nog bij dat de ex van de  consument op grond van 1:88 BW sowieso verplicht was mede te ondertekenen, nu het hier gaat om de verkoop van voormalige echtelijke woning. Er is geen enkele grond om de courtage niet te hoeven voldoen.

De makelaar verzoekt de commissie de consument naast betaling van de courtage te veroordelen in de behandeling van het geschil en de kosten van de advocaat-gemachtigde, in ieder geval van een bedrag van vijfmaal het verschuldigde klachtengeld.

Beoordeling van het geschil

De commissie overweegt het volgende.

Vaststaat dat de woning is verkocht. De verschuldigdheid van de courtage volgt in beginsel dus uit de opdracht. Omstandigheden die er toe zouden moeten leiden dat de makelaar in redelijkheid geen aanspraak zou mogen maken op de contractueel overeengekomen courtage zijn onvoldoende gesteld of gebleken, mede in het licht bezien van de gemotiveerde betwisting daarvan.

In deze zaak draait het vooral om de vraag of het de makelaar te verwijten valt dat de consument achteraf bezien de woning niet had hoeven te verkopen. De commissie is van oordeel dat dat niet het geval is.

Partijen worden geacht zelf te weten in welke juridische vorm men gehuwd is. Van een makelaar hoeft en kan niet worden verwacht dat hij daartoe het huwelijksgoederenregister raadpleegt. Dat is een taak voor de notaris. Het had in deze zaak ook veel meer op de weg van de advocaat die de partijen tijdens de scheidingsprocedure bijstond gelegen om hen adequaat te informeren omtrent de juridische vorm van het huwelijk en een mogelijke uitkoop van een van de partijen.

Achteraf bezien is de vermelding in de koopovereenkomst van de ex-partner als medeverkoopster onjuist.

Vermeld had moeten worden dat de ex-partner ingevolge artikel 1:88 BW verplicht was mede te ondertekenen omdat het hier ging om de verkoop van de voormalige echtelijke woning. Echter valt niet in te zien dat dit tot enig financieel nadeel heeft geleid.

Onder deze omstandigheden wordt de klacht ongegrond geacht en wordt als volgt beslist.

Voor de door de gemachtigde verzochte kostenverdeling is geen plaats omdat geen sprake is van bijzondere omstandigheden die daartoe zouden nopen.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depot bedrag binnen 14 dagen na verzending van dit advies aan de makelaar uitgekeerd.

Wijst tevens af het in deze zaak meer of anders verzochte.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Makelaardij, bestaande uit de heer mr. D. van den Brink, voorzitter, mevrouw J.P.J. De Kleermaeker , mevrouw mr. B.J. van Gent , leden, op 22 november 2024.

Opslaan als PDF