Commissie: Afbouw
Categorie: Herstel / Schadevergoeding
Jaartal: 2022
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ten dele gegrond
Referentiecode:
163233/170500
De uitspraak:
Waar gaat het over?
Het geschil tussen een consument en een ondernemer betreft stuc- en schilderwerkzaamheden uitgevoerd tussen december 2021 en januari 2022 tegen een prijs van € 10.454,40. De consument klaagt over ongelijk en bobbelig stucwerk en vraagt om terugbetaling of herstel door een ander bedrijf op kosten van de ondernemer. De ondernemer betwist de klachten en wijst op toegestane marges en onjuiste beoordeling met strijklicht.
Een onafhankelijke deskundige constateert beperkte afwijkingen, vooral bij de verticale neggekanten van raamopeningen en enkele wanden. De omvang van de problemen wordt als “onopvallend” beoordeeld en herstel is technisch mogelijk. De commissie oordeelt dat de klacht deels gegrond is, maar niet zo ernstig als de consument stelt. De beoordeling met strijklicht is onterecht.
De ondernemer moet € 769,15 betalen voor herstelwerkzaamheden door een derde partij, plus € 63,75 klachtengeld.
Volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een op 9 januari 2021 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het verrichten van stuukwerkzaamheden en schilderswerkzaamheden tegen de daarvoor door de consument te betalen prijs van € 10.454,40.
De werkzaamheden zijn uitgevoerd tussen of omstreeks de periode van 20 december 2021 en 8 januari 2022.
Het geschil betreft de vraag of met name het stuukwerk voldoet aan de eisen van goed en deugdelijk werk.
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De consument heeft zijn nieuwbouwwoning geheel laten stuken en spuiten. In meerdere ruimtes is het stuukwerk niet glad en strak afgewerkt. Er zitten bobbels en ongelijkheden in/op de muren. Dit is niet het resultaat wat de consument had mogen verwachten.
De ondernemer heeft het stuukwerk enigszins bijgewerkt, maar het resultaat is nog steeds niet naar tevredenheid.
De consument verlangt terugbetaling van het in rekening gebrachte bedrag, dan wel herstel door een ander bedrijf, voor rekening van de ondernemer.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De ondernemer betwijfelt dat er bobbels in het stukadoorswerk zitten. Hij ziet dat ook niet terug op de foto’s. De wanden zijn gestukadoord met reilatten en handmessen afgewerkt met een topfinish. Er kunnen wel wat afwijkingen zijn, maar die vallen dan binnen de toegestane marge.
Een beoordeling met strijklicht is niet zoals het dient te gebeuren. De consument is het daar niet mee eens en daarom keurt hij het gehele werk af.
De ondernemer is het niet met al zijn punten eens die in het deskundigenrapport staan. Het betreft met name de verticale neggekanten die niet in de normen vallen. De neggekanten worden met het stukadoren voorzien van nieuwe hoekprofielen en die worden direct op de door de aannemer geplaatste wanden geplaatst. Als er dan oneffenheden zitten in de neggekanten dan komt dat volgens de ondernemer eerder door de aannemer.
Als de ondernemer wanden verfklaar stuukt zitten er wel eens zodanige afwijkingen in wanden of plafonds dat de stukadoor er maar probeert iets netjes van te maken, soms valt dat dan niet binnen de normen.
De begroting van de herstelkosten is voor wat betreft de ondernemer nogal aan de hoge kant. De reparaties kunnen ook met een dunpleister worden gerepareerd.
Deskundigenrapport
De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport, voorzover thans van belang, het volgende vastgesteld.
Zolder
Op basis van het uitvoeren van vlakheidsmetingen en visuele beoordeling van het wandoppervlak blijkt hier op de zolderwanden geen overschrijdingen van de maximale vlakheidstolerantie voor te komen. De vlakheidsmetingen zijn uitgevoerd met inachtneming van oppervlaktegroep 1 voor stukadoorswerk binnen. De wand aan de zijde van de trapopgang loopt wel iets weg aan de linkerzijde, zijde lepe verticale hoek. Dit is echter niet opvallend en geen reden om deze hele wand af te keuren of plaatselijk herstel uit te voeren.
Eerste verdieping kantoor
Op basis van het uitvoeren van vlakheidsmetingen en visuele beoordeling van het wandoppervlak blijkt hier op de kantoorwanden vrijwel geen overschrijdingen van de maximale vlakheidstolerantie voor te komen. Dit gebaseerd op vlakheidsmetingen en met inachtneming van oppervlaktegroep 1 voor stukadoorswerk binnen. Het oppervlak van de behangen tussenwand aan de zijde van de ouderslaapkamer loopt wel iets weg aan de linkerzijde. Dit is echter niet opvallend en geen reden om deze hele wand af te keuren of plaatselijk herstel uit te voeren.
Aan het oppervlak van de verticale neggekanten van de raamopening zijn op basis van de uitgevoerde vlakheidsmetingen onvlakheden groter dan 1 mm op een meetafstand van 0,40 m en/of 2 mm op een meetafstand van 1 meter aangetroffen. Deze onvlakheden vallen visueel op en overschrijden de maximale vlakheidstolerantie van oppervlaktegroep 1 voor stukadoorswerk binnen.
Eerste verdieping ouderslaapkamer
Op basis van het uitvoeren van vlakheidsmetingen en visuele beoordeling van het wandoppervlak blijken hier op de wanden geen overschrijdingen van de maximale vlakheidstolerantie voor te komen. De vlakheidsmetingen zijn uitgevoerd met inachtneming van oppervlaktegroep 1 voor stukadoorswerk binnen.
Aan het oppervlak van de verticale neggekanten van de raamopening zijn op basis van de uitgevoerde vlakheidsmetingen onvlakheden groter dan 1 mm op een meetafstand van 0,40 m en/of 2 mm op een meetafstand van 1 meter aangetroffen. Deze onvlakheden vallen visueel op en overschrijden de maximale vlakheidstolerantie van oppervlaktegroep 1 voor stukadoorswerk binnen.
Eerste verdieping kinderslaapkamer
Op basis van het uitvoeren van vlakheidsmetingen en visuele beoordeling van het wandoppervlak blijken hier op de wanden vrijwel geen overschrijdingen van de maximale vlakheidstolerantie voor te komen. Dit met uitzondering van het wandje rechts naast de deuropening. De vlakheidsmetingen zijn uitgevoerd met inachtneming van oppervlaktegroep 1 voor stukadoorswerk binnen.
Aan het oppervlak van de verticale neggekanten van de raamopening zijn op basis van de uitgevoerde vlakheidsmetingen onvlakheden groter dan 1 mm op een meetafstand van 0,40 m en/of 2 mm op een meetafstand van 1 meter aangetroffen. Deze onvlakheden vallen visueel op en overschrijden de maximale vlakheidstolerantie van oppervlaktegroep 1 voor stukadoorswerk binnen.
Begane grond hal
Aan het oppervlak van de smalle zijwand van de meterkast zijn op basis van de uitgevoerde vlakheidsmetingen onvlakheden groter dan 1 mm op een meetafstand van 0,40 m aangetroffen. Deze onvlakheden vallen visueel op en overschrijden de maximale vlakheidstolerantie van oppervlaktegroep 1 voor stukadoorswerk binnen.
Begane grond woonkamer annex keuken
Op basis van het uitvoeren van vlakheidsmetingen en visuele beoordeling van het wandoppervlak blijken hier op de wanden vrijwel geen overschrijdingen van de maximale vlakheidstolerantie voor te komen. Dit met uitzondering van het kopse wandje, zijde keukenblok en deuropening naar de hal, en de achterwand van het aanrechtblad. Hier zijn op basis van de uitgevoerde vlakheidsmetingen onvlakheden groter dan 1 mm op een meetafstand van 0,40 m en/of 2 mm op een meetafstand van 1 meter aangetroffen. Deze onvlakheden vallen visueel op en overschrijden de maximale vlakheidstolerantie van oppervlaktegroep 1 voor stukadoorswerk binnen.
Aan het oppervlak van de verticale neggekanten van de raamopening, zijde voor-, rechterzij-, en achtergevel zijn op basis van de uitgevoerde vlakheidsmetingen onvlakheden groter dan 1 mm op een meetafstand van 0,40 m en/of 2 mm op een meetafstand van 1 meter aangetroffen. Deze onvlakheden vallen visueel op en overschrijden de maximale vlakheidstolerantie van oppervlaktegroep 1 voor stukadoorswerk binnen.
Naar het vaktechnisch oordeel van de deskundige is de omvang van de problemen onopvallend.
Herstel is technisch mogelijk.
Het volgende dient te gebeuren.
Maskeren en nadien reinigen omgeving rondom te repareren wand- en neggekantenvlakken.
Licht opschuren wand- en neggekantvlakken, stofvrij maken, indien nodig primeren, en overpleisteren oppervlakken (oppervlaktegroep 1).
Aanbrengen schilderwerk (rol- of spuitapplicatie verfsysteem)
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Uit het rapport van de door de commissie ingeschakelde deskundige blijkt dat er ten aanzien van het door de ondernemer uitgevoerde werk wel iets op te merken is, maar dat de omvang van de gebreken zeker niet zo ernstig zijn als de consument gesteld heeft.
Daarbij merkt de commissie op dat een werk niet beoordeeld mag worden aan de hand van het beeld dat onder invloed van strijklicht ontstaat. Dat is ook bepaald in de Oppervlaktebeoordelingscriteria Stukadoorswerk Binnen van NOA. Daarin is uitdrukkelijk bepaald:
Visuele beoordeling stukadoorswerk Binnen: Tijdens een beoordeling mag er geen strijklicht op het te beoordelen oppervlak vallen. Zie ook Bijlage A van NEN 13914-2.
Dat neemt niet weg dat volgens de deskundige nog werkzaamheden verricht moeten worden om goed en deugdelijk werk te verkrijgen.
Tegen die achtergrond is de commissie van oordeel dat de klacht ten dele gegrond is.
De commissie acht het niet verstandig als partijen nog verder met elkaar doorgaan. De commissie zal daarom een bedrag bepalen, waarmee de consument in de gelegenheid is om het werk waarvan de omvang door de deskundige is bepaald door een derde uit te laten voeren.
De hoogte van het aan de consument toekomend bedrag wordt door de commissie, met inachtneming van hetgeen de deskundige gerapporteerd heeft, in redelijkheid en billijkheid vastgesteld op € 769,15.
De ondernemer dient de helft van het door de consument bepaalde klachtengeld te vergoeden.
De hoogte van de door de ondernemer te betalen bijdrage in de kosten van behandeling wordt gematigd met 50%.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De ondernemer betaalt aan de consument een vergoeding van € 769,15. Betaling dient plaats te vinden binnen een maand na de verzenddatum van dit bindend advies.
Indien betaling niet tijdig plaatsvindt, betaalt de ondernemer bovendien de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de verzenddatum van het bindend advies.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 63,75 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd. De behandelingskosten worden gematigd met 50%.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Afbouw, bestaande uit mr. F.H.C.M. van Schaijk, voorzitter,
mr. B.C. Westenbroek en mr. C.R.J.M. den Hartog-Kaaij, leden, op 24 november 2022.