Herstel vlonder verplicht, klacht deels gegrond

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Groen    Categorie: Tekortkoming in de nakoming    Jaartal: 2023
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ten dele gegrond   Referentiecode: 223312/227174

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument diende een klacht in over de aanleg van haar tuin en vlonder, omdat ze niet tevreden was over de kwaliteit van het werk. Ze vond dat het hout slordig was verwerkt en dat de vlonder scheef stond. Een deskundige heeft het werk beoordeeld en vastgesteld dat het in grote lijnen goed is uitgevoerd, maar dat er op enkele punten herstel nodig is. De ondernemer heeft aangeboden deze herstelpunten kosteloos uit te voeren. De commissie vindt dat de ondernemer daartoe de kans moet krijgen en dat de fouten niet ernstig genoeg zijn om het hele contract te stoppen. De klacht is daarom deels gegrond. De ondernemer moet het werk binnen twee maanden herstellen en het klachtengeld van € 52,50 aan de consument terugbetalen. Het eerder gestorte bedrag van € 5.044 wordt pas aan de ondernemer overgemaakt als het herstel goed is afgerond.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een op 29 november 2021 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het doen van diverse tuin- en steigerbouw-werkzaamheden.

De levering en de overeengekomen werkzaamheden vonden plaats in de periode van mei – oktober 2022.

De consument heeft een bedrag van € 5.044,– niet betaald en bij de commissie gedeponeerd.

De consument heeft op 24 juni 2022 de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Standpunt van de consument

Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.

Inmiddels al bijna 1,5 jaar geleden ben ik met de ondernemer in zee gegaan voor de aanleg van mijn tuin en vlonder. Helaas verschillen wij na veel correspondentie en verschillende herstelpogingen van mening over de kwaliteit van de geleverde vlonder.

De ondernemer verwijst naar het feit dat aan alles genoemd in de overeenkomst is voldaan; ik ben van mening dat het onacceptabele kwaliteit van materialen/verricht werk betreft.

Ter zitting heeft de consument verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

Ik blijf bij wat door mij is aangevoerd. Eigenlijk zou de hele toplaag van de vlonder verwijderd moeten worden. Mij is gebleken dat het moeilijk is om een derde-ondernemer bereid te vinden om herstelwerk aan deze vlonder uit te voeren. In herstel door de ondernemer heb ik eerlijk gezegd niet veel vertrouwen, “maar ik ben op dit punt niet onbeweegbaar”. Ik kan mij grotendeels goed vinden in het rapport van de deskundige, ik blijf echter mijn twijfels houden over de kwaliteit van (de fundering van) het steigerwerk. Ook heeft de deskundige geen acht geslagen op de planten die door de steiger komen en op het splinteren van het steigerhout. Ik blijf het eindresultaat onacceptabel vinden gelet op wat ik daarvoor heb betaald, maar besef dat ik daar waarschijnlijk mee moet leven. De buren hebben voor de helft van het geld een betere en mooiere steiger gekregen.

De consument verlangt het volgende:
De ondernemer heeft reeds aangeboden de top van de steiger te verwijderen, en het openstaande bedrag te “seponeren”. Echter heb ik geen andere partij bereid gevonden om werkzaamheden te hervatten (gezien de kwaliteit) vanaf de fundering. Voldoende mogelijkheden tot herstel zijn het afgelopen jaar gegeven, helaas zonder gewenst resultaat. Graag zou ik de gehele aankoop ongedaan willen maken, en de vlonder laten verwijderen.

Standpunt van de ondernemer

Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.

Hardhouten onderbouw
De hardhouten onderbouw is geheel volgens offerte opgebouwd, maar een paar hardhouten palen in de waterlijn van de vlonder onderbouw staan inderdaad niet geheel recht, dit werd door de opdrachtgever niet als een probleem beschouwd in de oplevering van 3 juni 2022, maar er is door ons aangegeven dat indien gewenst de verticale zijkant van de vlonder(onderbouw) afgedicht kan worden met gelijkwaardige vlonderplanken. Dit waren wij voornemens, zoals mede besproken en voorgesteld via Whatsapp op 21 september, totdat we op 22 september door de opdrachtgever gesommeerd werden het perceel te verlaten.

Vlonder planken
Veel foto’s hebben kleine haarschuurtjes of imperfecties in de plank, dit mede door de ligging op het zuiden, dit is helaas niet te voorkomen en erger geworden dan na de afronding/oplevering in juni/juli 2022, maar daarover is het volgende omschreven in de geaccordeerde offerte onder de vermelding van Materiaaleigenschappen hardhouten vlonderplanken:

Hout dat vocht opneemt zet uit en hout dat droger wordt zal krimpen. Men noemt dit het “werken van het hout”. Houten vlonderplanken zullen ook na montage bij wisselende omstandigheden breder en smaller worden. Om deze werking mogelijk te maken worden houten vlonderplanken gewoonlijk op een onderlinge afstand van circa ±7 mm gemonteerd. Het werken van het hout is geen reden tot vervanging van de houtproducten. Eventuele spleten of scheuren in het hout zullen van geen enkele invloed zijn op zijn kracht of structurele integriteit. Eventuele spleten of scheuren is geen reden tot vervanging van de houtproducten.

Daarbij is wel aan de opdrachtgever kenbaar gemaakt dat wij voornemens waren/zijn om vlonder-planken met ruwere plekken door de schroeven nogmaals te schuren.

Hardhouten vlonder bank
– Op 31 mei 2022 hebben wij de vaste vlonder bank gemonteerd, en deze viel mede door de naast gelegen trap/aansluiting op het openbare pad iets hoger uit dan de offerte (Hoogte in de offerte omschreven als ± 45cm (3 planken), maar dit werd door de opdrachtgever in de avond van 31 mei opgemerkt als te hoog. Op 2 juni is de bank verlaagd naar en door de opdrachtgever als goed bevonden middels de app;
– In de tuinbezichtiging van vrijdag 3 juni zijn een aantal afwerkingspunten benoemd, waaronder de plank overgang van de bank en de trap, en daarin hebben wij de opdrachtgever gelijk bevonden dat dit beter kon en hebben wij dit op 21 juli aangepast.
– In de tuinbezichtiging van 29 juli waren de aanpassing werkzaamheden in de bank/trap gecontroleerd door ondergetekende, en dit als afgehandeld beschouwd.

Hardhouten keerwand
– De kleine hardhouten keerwand aan de waterkant van west-zuidzijde is ongelukkig geweest in de afwerking, er is terecht ervoor gekozen om de planken vanuit de zichtzijde door te laten lopen waardoor je aan de achterzijde de kopse kant van de planken ziet en alsmede door de zuid positie dit meer werkt en kieren zichtbaar worden in de damwand planken. Dit stuk is niet tot nauwelijks zichtbaar vanuit de tuin/vlonder, maar er is voorgesteld om hierop de hoekprofielen te monteren voor afdichting. Dit is niet beantwoord door de opdrachtgever.

Spoelgaten openbaar pad
– De spoelgaten in het openbare pad tussen de aangelegde achtertuin en vlonder hebben geen deel uitgemaakt van de geaccordeerde offerte/werkzaamheden en zijn pas veel later dan oplevering ontstaan, in gelijkwaardige verzakking op meerdere plekken in het pad/in de wijk. Daarbij staat vermeld in de geaccordeerde offerte 325-21, van 22 april 2022 op pagina 6 bij Garantie verhardingen het volgende:

De ondergrond van het tuinperceel is gelegen op veengrond en daarom zijn eventuele verzakkingen in de toekomst onvermijdbaar. Van garantie zijn uitgesloten verzakkingen op klei- en veengronden, en schades als gevolg van verzakkingen, grondverschuivingen en ongunstige grondwaterstand

Specifieke verzakkingen tegen fundaties van woningen en buitenverblijven, ook wel spoelgaten genoemd zijn kleine verzakkingen door onder spoeling van water en helaas niet te voorkomen ongeacht de preparaties van het zandbed. Dit is dan ook uitgesloten als garantie, vaak is dit wel gemakkelijk te verhelpen;

Voorstel van de ondernemer voor afronding van klacht/tuinproject:
– het aanbrengen van hoekprofielen over de twee hoeken van de houten keerwand aan de korte zijde aan de waterkant;
– het aanpassen/vernieuwen van de planken in de vlondertrap;
– het schuren/nalopen van herstelbare imperfecties van diverse schroefpunten;
– het nalopen van de vlonderplanken en de mogelijke planken opnieuw schroeven door
tordering als gevolg van weersinvloeden;
– het indien gewenst afdichten van de zijkant van de vlonder aan de waterzijde t.b.v. wegwerken aangezicht palen hardhouten onderbouw;
– aanvullen tuingrond in de plantenbak tussen de vlonder en openbaar pad.

Ter zitting heeft de ondernemer verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

De ondernemer blijft bij wat door hem is aangevoerd. Het rapport van de deskundige is correct. De ondernemer is bereid en in staat om al het door de deskundige noodzakelijk geoordeelde herstel uit te voeren zonder dat daarvoor extra kosten in rekening worden gebracht. De ondernemer moet de kans krijgen het werk te vervolmaken en dat is ook het verzoek van de ondernemer aan de commissie. De door de deskundige geduide tekortkomingen zijn in totaliteit gering, maar wel opvallend, dat moet de consument worden toegegeven. Die tekortkomingen rechtvaardigen geen integrale ontbinding van het door partijen overeengekomene; dat zou veel te ver gaan.

Deskundigenrapport

De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport, voor zover thans van belang, het volgende vastgesteld.

Partijen waren aanwezig bij mijn onderzoek ter plaatse.

Consument en ondernemer verschillen van mening over de kwaliteit van het uitgevoerde werk ten aanzien van de vlonder, bank en bloembak. Consument vraagt daarom om een kwaliteitsbeoordeling in zijn algemeenheid.

In zijn algemeenheid is de vlonder met bank en bloembak volgens de gangbare kwaliteitsnorm gebouwd van normaal gangbare hardhoutsoorten.

Een aantal details voldoen niet aan die norm en moeten aangepast worden:

1. De bloembak rechts naast de trap is niet van gelijke breedte, waardoor deze scheef op de vlonder staat. Om dit de herstellen/verbeteren, dient de trap gedemonteerd te worden (wat om andere hiernavolgende redenen toch al (deels) zou moeten). De korte zijkant van de bloembak zal hierdoor van iets langere delen gemaakt moeten worden. Om daarbij te kunnen dient de trap gedemonteerd te worden.

2. De trap is op een aantal details rommelig uitgevoerd:

a. Zo is de kopse kant van de bovenste trede niet verdekt gemonteerd, maar in het zicht.
Om deze terug te laten springen dienen de twee aangrenzende planken van de bank, ook langer geleverd te worden. De eerste plank moest er toch al uit omdat deze te weinig ruimte heeft om uit te zetten; deze staat nu dan ook bol en is losgekomen van de onder-regel.
b. In de tweede trede zit een te grote kier tussen de planken. De ondernemer heeft al aangegeven dat dit beter kan, door de twee planken vanaf de bank door te laten lopen in de trap.
c. Door deze ingrepen moet de plank met de lampjes boven de tweede trede ook vervangen worden (kan gemaakt worden uit vrijkomende planken). Daarbij dient de horizontale aantrede gelijkmatig aan te sluiten op de verticale optrede (dit varieert en wijkt nu).

3. De afdekplank grenzend aan de tegelverharding helt zeer sterk af naar het water. Deze demonteren en recht stellen.

4. De afdekplank op de kopse kant van de bloembak bij het water sluit niet helemaal mooi aan op de aangrenzende plank. Met een stelringetje onder de aangrenzende plank is dit eenvoudig op te lossen.

5. De laatste vlonderplank grenzend aan het water is op een kopse kant losgeraakt en kan eenvoudig met een paar nieuwe schroeven weer vastgezet worden.

De consument stelt daarnaast:

– Dat de vlonder scherpe delen heeft (splinters); deze heb ik niet kunnen vaststellen. De ondernemer heeft al in een eerder stadium ruwe delen geschuurd;
– Dat er slordig geschroefd is en de kopse kanten van de planken te scheef op elkaar aansluiten. De afwijkingen hierin zijn niet dusdanig, dat dit werk hierop kan worden afgekeurd.
– Dat de schroeven niet voorgeboord zijn. De gebruikte schroeven kunnen en worden echter standaard zonder voorboren toegepast;
– Dat het worteldoek niet goed gelegd is en dat hierdoor nu riet door de vlonder groeit. Ik heb niet vast kunnen stellen of die redenering klopt, of dat dit veroorzaakt wordt door het riet wat een paar meter verder in de buurtuin welig groeit. Advies is het riet naast de tuin blijvend op afstand te houden en de eerste circa 50 centimeter steeds schoon te houden. Alternatief is het ingraven van een degelijke wortelkering langs die kant;
– Dat scheve palen (staanders) onder de vlonder ten koste gaan van de kwaliteit van de vlonder. De mate waarin dit zo is (afgaande op de geleverde foto’s van consument) heeft echter geen invloed op de draagkracht en/of constructie van de vlonder;
– Dat de korte kant van de bank omhoogloopt. Dit is formeel correct (hij staat net niet waterpas), maar dit wordt vooral optisch versterkt. Deze afwijking is niet dusdanig dat er herstel geëist kan worden.
– Dat de regelmatige verzakkingen in het tegelpad te wijten zijn aan het werk van de ondernemer. Gezien de verticale damwand van minimaal 80 centimeter langs dit pad, lijkt mij dit niet aan de orde, zeker omdat de verzakkingen ook zichtbaar zijn bij de buren in hetzelfde pad. Het pad valt overigens buiten de werkzaamheden van de ondernemer, hoewel hij wel een paar keer de verzakkingen heeft hersteld voor consument.

De omvang van de klachten is gering.

De oplossingen zijn hiervoor reeds benoemd.

De herstelkosten zijn als volgt te begroten:

Herstelwerk geschil:
– Afdekplank vlak stellen naast verharding en bij hoek bloembak
– trap verwijderen en herstellen /verbeteren
2 nw vlonderplanken 2,5 x 410 centimeter € 108,–
2 nw vlonderplanken 2,5 x 300 centimeter € 72,–
reststukken gebruiken voor zijkanten trap
– bloembak Rechts naast trap recht plaatsen
3 m1 nieuwe afdekplank 21 millimeter € 30,–
4 m1 nw planken kopse kant; damwand 3 centimeter € 50,–
– losse plank waterzijde vastzetten
– schroefmateriaal € 25,–
– Materiaalkosten: € 285,–
– Arbeidskosten: € 1.560,–
Totaal inclusief BTW: € 1.845,–

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

De bevindingen en conclusies van de deskundige worden door de commissie op juistheid onderschreven en zij maakt die tot de hare. Dit ook nu daartegen als zodanig door partijen geen inhoudelijke bedenkingen meer zijn geuit.

Aldus is genoegzaam komen vast te staan dat de ondernemer op de door de deskundige aangeduide punten toerekenbaar is tekortgeschoten in een juiste nakoming van het door partijen overeengekomene.

Door de ondernemer is verzocht om hem toe te laten tot nakoming/herstel zoals dat door de deskundige noodzakelijk is geoordeeld.

De commissie treedt in dat verzoek nu de ondernemer daartoe nog niet c.q. onvoldoende in de gelegenheid is gesteld en de ondernemer bereid is en in staat moet worden geacht die herstelwerkzaamheden tot een goed einde te brengen.

Het standpunt van de consument dat geen vertrouwen meer bestaat c.q. kan bestaan in een goede afloop, wordt niet door de commissie gedeeld.

De commissie zal dan ook niet beslissen tot integrale ontbinding van het door partijen overeengekomene, zoals dat (eerst) door de consument is verzocht. De geringe ernst van het totaal van de tekortkomingen rechtvaardigt ook niet een integrale ontbinding.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ten dele gegrond is.

Nu (deels) terecht is geklaagd is de ondernemer op basis van het reglement gehouden om het klachtengeld aan de consument te voldoen en om de bijdrage in de behandelingskosten te betalen aan het secretariaat van de commissie. Die bijdrage wordt de ondernemer separaat bij factuur in rekening gebracht.

Daarom wordt als volgt beslist.

Beslissing

De ondernemer voert al de door de deskundige in diens rapport noodzakelijk bevonden herstel-/nakomingswerkzaamheden uit, zonder dat de consument daarvoor extra kosten in rekening mogen worden gebracht.

Partijen dienen elkaar over en weer in de gelegenheid te stellen aan hun verplichtingen uit dit bindend advies te voldoen.

Een en ander dient te geschieden binnen een termijn van twee maanden na de verzenddatum van dit bindend advies.

Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van
€ 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan het secretariaat van de commissie de bijdrage in de behandelingskosten van het geschil verschuldigd.

Zodra de commissie bericht heeft ontvangen van beide partijen dat een en ander overeenkomstig de beslissing is geschied, wordt het depotbedrag ad € 5.044,– overgemaakt aan de ondernemer.

Wijst af hetgeen meer of anders is verzocht.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Groen, bestaande uit mr. M.L.J. Koopmans, voorzitter, de heer B. van Swigchem en mr. W. van den Berg leden, op 20 december 2023.

 

Opslaan als PDF