Commissie: Energie
Categorie: Factuur
Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
232785/237661
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument had een klacht over een hoge gasrekening voor de periode van februari 2021 tot februari 2023. Hij vond dat het bedrag te hoog was en dat een deel van het verbruik verjaard zou zijn. Omdat hij jarenlang geen meterstanden had doorgegeven, waren de jaarrekeningen gebaseerd op schattingen. In totaal was er 7494 m³ gas verbruikt, maar na overleg met de netbeheerder heeft het energiebedrijf slechts 1853,68 m³ in rekening gebracht over twee jaren. De commissie oordeelt dat het bedrijf de verjaring juist heeft toegepast en dat het bedrag van € 9.210 niet meer is gefactureerd. De consument gaf aan dat hij weinig in het appartement heeft gewoond, maar omdat hij zelf geen meterstanden heeft doorgegeven, kan het werkelijke verbruik niet worden vastgesteld. De commissie vindt dat dit voor risico van de consument komt. Ook wordt het bedrag niet verhoogd vanwege late betaling, omdat het geschil bij de commissie lag. Daarom verklaart de commissie de klacht ongegrond. Het eerder gestorte bedrag van € 970,52 wordt aan het energiebedrijf uitgekeerd. De consument krijgt niets terug.
De volledige uitspraak
Samenvatting
Partijen verschillen van mening over de eindafrekening over de periode 6 februari 2021 tot en met 18 februari 2023.
Beoordeling
De consument geeft aan dat hij tot en met 2021 jaarlijks wisselde van energieleverancier. Vanaf 6 februari 2021 is hij aangesloten bij de ondernemer. Omdat hij het appartement waar het om gaat wilde verhuren of verkopen, heeft hij per februari 2023 de meterstanden doorgegeven. Hij is het niet eens met de hoge naheffing aan verbruikte m3 gas. Daarnaast is hij van mening dat sprake van is verjaring.
Tussen partijen staat niet ter discussie dat de meterstanden van 2014 tot 2023 nooit zijn doorgegeven door de consument zodat de jaarrekeningen steeds zijn gebaseerd op geschat gebruik. In die periode van negen jaar is sprake geweest van daadwerkelijk verbruik aan gas van 7494m3. Het bedrijf geeft aan dat zij in eerste instantie het gehele verbruik in rekening heeft gebracht maar na overleg met netbeheerder alleen maar 1853,68m3 over twee leverjaren. Dat past bij de berekening van de verbruikscorrectie door de netbeheerder die stelt dat op basis van het verbruik over de periode 18 februari 2023 tot 3 oktober 2023 het Standaardjaarverbruik (SJV) is vastgesteld op 1033 m3 en dat op basis van het SJV het verbruik voor de periode 6 februari 2021 tot 18 februari 2023 is berekend op 1902 m3. De ondernemer heeft over de twee jaren een lager bedrag in rekening gebracht.
Uit het voorgaande volgt dat de ondernemer rekening heeft gehouden met de verjaringstermijn, hetgeen ertoe heeft geleid dat een bedrag van €9.210,– hem niet meer in rekening is gebracht. Het standpunt van de consument op dit punt wordt dan ook verworpen.
Tegen de wijze van berekening heeft de consument alleen maar ingebracht dat hij er sinds 2017 amper heeft gewoond en er sinds 2021 ook niet meer staat ingeschreven. Er zou daarom moeten worden uitgegaan van een veel lager verbruik in de onderhavige periode. Dit zijn echter omstandigheden die de commissie niet betrekt bij haar beoordeling. Als gevolg van het niet doorgeven van de meterstanden gedurende al die jaren kan het feitelijk gebruik gedurende de in rekening gebrachte periode immers niet worden vastgesteld en dat heeft de consument geheel aan zichzelf te wijten.
De commissie ziet geen aanleiding het door de consument te betalen bedrag te verhogen wegens te late betaling, zoals de ondernemer stelt. Het geschil is immers in handen gesteld van de commissie zodat incasso activiteiten of andere verhogingen van het verschuldigde bedrag niet aan de orde zijn.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag als volgt verrekend.
Depotverrekening, bedrag aan ondernemer € 970,52
Depotverrekening, bedrag aan consument € 0
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Deze behandelingskosten worden geheel betaald.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mevrouw mr. E.A.G.M. van Rens, voorzitter, de heer R.A. Timmer, mevrouw mr. J.M. Hoekstra, leden, op 19 februari 2024.