Commissie: Voertuigen
Categorie: Schade
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
626913/694266
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument heeft een Renault Traffic gekocht en klaagt dat de auto niet voldoet aan de garantievoorwaarden van BOVAG. Hij vindt dat eerdere schade aan de rechter voorzijde slecht is hersteld, de schuifdeur niet goed werkt, de distributieketting vervangen had moeten worden en de remmen versleten waren. De ondernemer wil de klachten volgens de BOVAG-regels herstellen, maar de consument heeft inmiddels zelf reparaties laten uitvoeren en wil de kosten vergoed krijgen. Een deskundige heeft vastgesteld dat de schade aan de rechter voorzijde inderdaad niet goed is hersteld, maar dat de koplamp niet vervangen hoeft te worden en de schuifdeur goed werkt. De deskundige kon niet vaststellen of de distributieketting en remmen echt vervangen moesten worden. De commissie oordeelt dat de consument de ondernemer niet schriftelijk heeft aangemaand om de gebreken te herstellen, zoals wettelijk vereist. Daarom hoeft de ondernemer de kosten van de zelf uitgevoerde reparaties niet te vergoeden. Wel moet de ondernemer de schade aan de rechter voorzijde kosteloos herstellen als de consument hem daartoe de kans geeft. De klacht van de consument is ongegrond en zijn verzoek wordt afgewezen.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Onderwerp van het geschil betreft in de kern de vraag of de ondernemer gehouden is tot het vergoeden van herstelkosten die de consument aan zijn auto heeft gemaakt of nog wenst te maken.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
“Ik heb een geschil met de ondernemer over de conformiteit van de Renault Traffic die de ondernemer aan mij heeft verkocht en geleverd.
De klachten zijn nu dat;
1. De aflevering van de auto aan consument niet heeft plaats gevonden volgens de verstrekte mondelinge (onder getuige) en schriftelijke garantievoorwaarden van de BOVAG.
2. Reparaties aan de oude verhulde schade niet zijn uitgevoerd volgens de mij verstrekte schriftelijke garantievoorwaarden van de BOVAG bij verkoop en herstel;
3. De schuifdeurenreparatie niet zijn uitgevoerd volgens garantievoorwaarden van aankoop van de BOVAG; dat deze nog steeds haperen na aflevering en nu op dit moment wederom scheeflopen en niet goed sluiten;
4. De bumperreparatie technisch goed verhuld was bij aflevering na aankoop en nu ook bij aflevering na reparatie voor garantie wederom optisch goed weggewerkt was.
Na iedere reparatie onder garantie wordt er geen of summier informatie verstrekt over de reparatie. Er worden ook geen nota’s verstrekt van de reparatie. Het logboek voor de auto is voor de consument niet inzichtelijk en wordt ook niet overlegd. Het onderhoudsboekje wordt niet ingevuld. Het is dus voor de consument ondoorzichtig wat er aan zijn eigendom is hersteld op basis van vastgestelde feiten en klachten en of de gestelde normen worden gevolgd bij herstel.”
De consument verlangt dat de commissie bepaalt dat hij het voertuig door een derde op kosten van de ondernemer mag laten herstellen om te kunnen voldoen aan de koopovereenkomst en dat de werkzaamheden die hij reeds door een derde heeft laten uitvoeren door de ondernemer worden vergoed.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
“Wij zijn bereid om de noodzakelijke reparaties zoals aangegeven in het door u aangeleverde dossier aan de auto uit te voeren, conform de BOVAG-voorwaarden. Om dit te kunnen realiseren, willen wij graag een afspraak maken met de consument om de auto te repareren. Het is echter essentieel dat de kasten uit de auto zijn verwijderd voordat wij de schuifdeurrails kunnen monteren.
Uiteraard staat het de consument vrij om na de reparatie van de geconstateerde schade een second opinion te laten doen bij een ander bedrijf. Echter zal deze second opinion volledig voor rekening zijn van de consument. Mocht er uit deze second opinion aandachtspunten komen, dan zullen wij deze uiteraard volgens de BOVAG-normen verhelpen.”
Deskundigenrapport
De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport, voorzover thans van belang, het volgende vastgesteld.
De consument kocht op 12 februari 2024 bovenomschreven voertuig bij de ondernemer. De auto had toen 60.874 kilometer gepresteerd.
De consument heeft de volgende klachten:
1. Een schade aan de rechter voorzijde is niet goed hersteld;
2. De reparaties aan de schuifdeur is niet goed uitgevoerd;
3. De distributie had vervangen moeten worden;
4. De voorremmen zijn versleten.
Onderzoek
Het onderzoek vond plaats op 12 december 2024 bij de ondernemer in het bijzijn van de ondernemer, de klant en ondergetekende. Na een inleidend gesprek werden de klachten besproken.
Tijdens het maken van een afspraak met de consument deelde de consument de deskundige mee dat er nog twee klachten bij komen namelijk punt 3 en 4.
Hierbij wil de deskundige opmerken dat de punten 3 en 4 niet vermeld zijn in het klachtenformulier.
De deskundige heeft deze klachten geheel vrijblijvend opgenomen in de rapportage, in overleg met de consument en de ondernemer.
Tijdens het inleidend gesprek gaf de ondernemer aan dat hij graag de klachten wil oplossen en alsnog de reparatie wil uitvoeren.
De consument deelde mee dat hij geen vertrouwen meer heeft in de ondernemer en de werkzaamheden op kosten van de ondernemer bij een door hem te kiezen bedrijf laat uitvoeren.
Hierna inspecteerde de deskundige het voertuig, waarbij het voertuig op een hefbrug werd geplaatst zodat de deskundige ook de onderzijde van het voertuig kon inspecteren.
1. Een schade aan de rechter voorzijde is niet goed hersteld
Na aankoop is het voertuig van de consument stilgevallen, doordat er een slang was doorgesleten.
De reparatie werd uitgevoerd door een bedrijf in Alblasserdam en daar werd geconstateerd dat de auto een rechter voorschade heeft gehad die slecht gerepareerd was.
Na die reparatie werd de auto aangeboden bij de ondernemer die reparaties aan de rechtervoorzijde heeft uitgevoerd, echter niet naar tevredenheid van de consument.
De deskundige constateerde dat de schade rechts voor niet goed gerepareerd is.
De voorbumper sluit niet goed aan op het rechter voorscherm.
Ook is de onderbeplating gescheurd.
De deskundige heeft tijdens het onderzoek geen delen gedemonteerd.
Op de door de consument aangeleverde foto’s is zichtbaar dat de bumperbalk is gedeformeerd en het reservoir van de ruitensproeier vloeistof vervormd is.
De consument eist van de ondernemer een nieuwe rechter koplamp.
Een van de bevestigingsoren van de koplamp is afgebroken en is gerepareerd met kit.
De consument is van mening dat een dergelijke reparatie niet is toegestaan door de RDW.
2. De reparaties aan de schuifdeur is niet goed uitgevoerd
De ondernemer heeft de rollen van de schuifdeur vervangen.
In principe moet dan ook de rail vervangen worden, dit is niet gebeurd.
De consument heeft het voertuig ingericht als camper en betimmering aangebracht.
Voor het vervangen van de rails moet de betimmering verwijderd worden.
3. De distributie had vervangen moeten worden
De consument deelde de deskundige mee dat hij tijdens het verkoopgesprek gevraagd heeft of de distributie vervangen was. Hij hoefde hier zich geen zorgen over te maken.
Tijdens onderhoud bij een ander bedrijf werd de consument geïnformeerd dat de distributieketting rammelde en vervangen moest worden. Het bedrijf adviseerde de consument geen kilometer meer met de auto te rijden. Vervolgens heeft de consument het bedrijf opdracht gegeven de distributie te vervangen.
De ondernemer is hier niet over geïnformeerd.
4. De voorremmen zijn versleten
Tijdens het onderhoud bij een ander bedrijf heeft de consument de remschijven en remblokken laten vervangen.
Vaktechnisch oordeel
1. De reparatie aan de rechter voorzijde zal opnieuw uitgevoerd moeten worden.
Na demontage van de voorbumper kan worden vastgesteld welke onderdelen vervangen moeten worden.
De ondernemer deelde de deskundige mee dat hij deze reparatie wil en kan uitvoeren.
De deskundige is van mening dat de koplamp niet vervangen hoeft te worden.
De koplamp voldoet volledig aan de eisen van de apk.
De apk eisen worden opgesteld door de RDW.
2. De deskundige heeft diverse keren de schuifdeur geopend, laten schuiven door de rail en de schuifdeur gesloten.
De deur schuif, opent en sluit goed.
De rail vertoont nagenoeg geen slijtagesporen.
De deskundige acht het vervangen van de rail niet nodig.
3. De deskundige heeft niet uit eigen waarneming kunnen vaststellen dat de distributieketting rammelde.
Renault schrijft voor dat de ketting vervangen moet worden na zes jaar of 120.000 kilometer.
Aan de hand van de afgekomen delen kan de deskundige niet vaststellen of de ketting is versleten.
4. De deskundige heeft niet kunnen constateren wat de reden is dat de remschijven en remblokken vervangen zijn.
Volgens de consument zouden de voorremmen getrild hebben.
De oude remschijven zijn nu verroest doch hebben voldoende dikte.
De oude remblokken zijn niet zodanig versleten dat vervanging noodzakelijk was.
Herstel is mogelijk.
In dit stadium kan de deskundige de kosten niet exact vaststellen.
De kosten kunnen pas worden vastgesteld na demontage van de voorbumper, het PVC binnenscherm en de onderbeplating.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Naar de commissie begrijpt, legt de consument non-conformiteit ten grondslag aan zijn vorderingen. In het geval van non-conformiteit is de koper bevoegd het herstel door een derde te doen plaatsvinden en de kosten daarvan op de verkoper te verhalen indien bij een consumentenkoop de verkoper niet binnen een redelijke tijd nadat hij daartoe door de koper schriftelijk is aangemaand, aan zijn verplichting tot herstel van de afgeleverde zaak heeft voldaan (art. 7:21 lid 6 BW).
De commissie vindt geen steun in het dossier voor de stelling dat de consument de ondernemer in voornoemde zin schriftelijk heeft aangemaand. Gelet daarop komen de door de consument gevorderde kosten van werkzaamheden die de consument reeds door een derde heeft laten uitvoeren (de remmen en distributie) niet voor rekening van de ondernemer.
Naar de commissie begrijpt verlangt de consument ook dat de commissie bepaalt dat hij de schade aan de rechtervoorzijde van zijn auto door een derde kan laten herstellen op kosten van de ondernemer. Dit omdat de ondernemer deze reparatie volgens de consument niet goed heeft hersteld. Gelet op het oordeel van de door de commissie ingeschakelde deskundige is deze reparatie inderdaad niet goed uitgevoerd. De ondernemer heeft echter aangegeven bereid te zijn tot kosteloos herstel over te gaan, en zoals gezegd is niet gebleken dat de ondernemer gelet op artikel 7:21 lid 6 BW thans gehouden is de herstelkosten aan de consument te vergoeden indien deze ervoor kiest dit herstel door een derde te laten uitvoeren. De commissie acht de ondernemer wel gehouden zijn toezegging om tot kosteloos herstel van de schade aan de rechtervoorzijde over te gaan na te komen indien de consument hem daartoe in de gelegenheid stelt. Gelet op de opmerking van de door de commissie ingeschakelde deskundige is de ondernemer daarbij echter niet gehouden de koplamp te vervangen.
Gelet op de opmerking van de door de commissie ingeschakelde deskundige dat hij het vervangen van de rail niet nodig acht omdat deze goed schuift, opent en sluit en de rail nagenoeg geen slijtagesporen vertoont, is de ondernemer naar het oordeel van de commissie niet gehouden tot kosteloze vervanging van de rail over te gaan. Ook is de ondernemer niet gehouden de kosten van het vervangen van de rail aan de consument te vergoeden, indien de consument ervoor kiest die werkzaamheden door een derde te laten uitvoeren.
Naar het oordeel van de commissie is niet komen vast te staan dat de ondernemer anderszins toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de overeenkomst en de ondernemer daaromtrent in verzuim verkeert.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. D.P.C.M. Hellegers, voorzitter, de heer R. Vlasveld, mevrouw mr. R. Jelicic, leden, op 21 februari 2025.