Geen vergoeding voor misgelopen subsidie bij aankoop elektrische auto

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Voertuigen    Categorie: (On)zorgvuldigheid    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 773763/867846

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument heeft een elektrische auto gekocht en dacht recht te hebben op € 2.000 subsidie van de overheid. Volgens hem had de ondernemer hem niet gewaarschuwd dat de subsidiepot bijna leeg was, waardoor hij erop vertrouwde dat hij de subsidie zou krijgen. Toen hij de subsidie later aanvroeg, bleek het geld op te zijn. De ondernemer zegt dat hij niet wist dat de subsidie op 22 november 2023 uitgeput zou raken en dat hij de koopovereenkomst correct heeft uitgevoerd. De commissie vindt dat de consument zelf had moeten controleren of hij recht had op subsidie en of er nog geld beschikbaar was. Er is geen bewijs dat de ondernemer de consument heeft misleid. Daarom oordeelt de commissie dat de klacht ongegrond is en dat de consument geen recht heeft op vergoeding.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Het geschil betreft subsidie voor de aankoop van een elektrische auto.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De consument stelt € 2.000, – subsidie te zijn misgelopen voor de aankoop van een elektrische auto vanwege een verkeerde voorstelling van zaken door de ondernemer. Deze heeft geen enkel voorbehoud gemaakt ten aanzien van het verkrijgen van de subsidie waardoor de consument erop mocht vertrouwen de subsidie te krijgen. Hij heeft gevraagd zijn nadeel te vergoeden maar de ondernemer is van mening naar behoren te hebben gehandeld.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De koopovereenkomst is correct uitgevoerd en de consument is niet opzettelijk misleid. Zoals de consument zelf aangeeft, is het mogelijk om subsidie aan te vragen na het sluiten van de koopovereenkomst, zoals bepaald in artikel 2.2.2 sub c van de ‘Subsidieregeling elektrische personenauto’s particulieren’. De subsidiepot was op 22 november 2023 “uitgeput”. De ondernemer heeft op 21 november om 17:28 uur de koopovereenkomst getekend, terwijl de consument de koopovereenkomst op 22 november om 07:56 uur heeft ondertekend en pas veertien dagen na het sluiten van de koopovereenkomst op 6 december 2023 de subsidie heeft aangevraagd.

Doordat deze subsidie een overheidsmaatregel betreft kan de ondernemer geen rechten daaraan ontlenen. Dit is te vergelijken met de bpm-maatregel welke ook overheidsmatig gestuurd is en ook altijd leidend is. De ondernemer kon niet weten dat de subsidiepot op 22 november 2023 uitgeput was. Toen de ondernemer hiervan op de hoogte raakte heeft deze onmiddellijk de advertenties aangepast en de layers laten verwijderen. Het is van belang te vermelden dat het voor de aankoop de verantwoordelijkheid is voor de consument om te onderzoeken of hij in aanmerking komt voor dergelijke subsidies.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

Voor het sluiten van een koopovereenkomst betreffende een auto heeft de consument een
onderzoeks plicht. Van de consument mag in redelijkheid worden verwacht dat hij zich op de hoogte stelt of hij in aanmerking komst voor een subsidie bij aanschaf van een elektrische auto en of de subsidiepot van de overheid op dat moment nog toereikend is. Dat de ondernemer de consument zou hebben misleid is niet gebleken. De omstandigheid dat de consument niet meer in aanmerking kwam voor genoemde subsidie komt in redelijkheid dan ook voor rekening van de consument.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De commissie verklaart de klacht ongegrond en wijst het door de consument verlangde af.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. N. Schaar, voorzitter, de heer R. Vlasveld, mevrouw mr. E.J.P.J.M. Kneepkens, leden, op 18 maart 2025.

Opslaan als PDF