Commissie: Advocatuur
Categorie: Kwaliteit dienstverlening
Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
289620/590976
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
In deze zaak klaagt een cliënt bij de Geschillencommissie Advocatuur over de manier waarop zijn advocaat zijn zaak heeft behandeld. De cliënt vindt dat de advocaat zijn dossier niet serieus nam, slecht bereikbaar was en te traag reageerde. Volgens de advocaat had hij tijd nodig om het dossier in te lezen en heeft hij daarna een eerste advies gegeven. De commissie oordeelt dat de advocaat niet ernstig tekort is geschoten in zijn dienstverlening. De vertraging van enkele dagen is niet onzorgvuldig en de verwarring over het contact met de wederpartij is ontstaan door miscommunicatie. De commissie vindt dat er geen sprake is van verwijtbaar handelen en verklaart de klacht ongegrond. Er wordt geen schadevergoeding toegekend, ook omdat de cliënt niet heeft aangetoond dat hij daadwerkelijk schade heeft geleden.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
Het geschil betreft de kwaliteit van dienstverlening van de advocaat.
Standpunt van de cliënt
Voor het standpunt van de cliënt verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De cliënt is ontevreden over de dienstverlening van de advocaat. De advocaat nam zijn zaak niet serieus en hield zich afzijdig. De cliënt heeft lang moeten wachten op een reactie. De advocaat gaf aan dat hij twee weken nodig had om de stukken in te lezen. Toen de cliënte hem nadien belde was hij verrast en gaf hij aan dat hij het druk had en het dossier nog niet had ingelezen. De cliënt heeft aangegeven dit heel vervelend te vinden en dat sprake is van een vertrouwensbreuk. De advocaat vroeg om nog twee dagen om de stukken te lezen. Daarna heeft hij gemaild, de cliënt heeft hem beantwoord en gevraagd om een gesprek. De mail is niet beantwoord en ook meerdere terugbelverzoeken zijn niet beantwoord. Op 8 maart 2024 heeft de cliënt de advocaat gesproken en aangegeven dat hij niet meer met hem verder wilde. De cliënt vindt het heel jammer, dat een advocaat zo afstandelijk en terughoudend is in zijn omgang met zijn cliënt. De cliënt verzoekt om compensatie voor geleden schade.
Standpunt van de advocaat
Voor het standpunt van de advocaat verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De advocaat bestrijdt dat hij de zaak niet serieus heeft genomen. Hij heeft de cliënt aangegeven tijd nodig te hebben om de vele documenten die hij had gekregen van de vorige advocaat van cliënt door te nemen. Hij heeft daarna aangegeven te hopen binnen twee weken terug te komen op de zaak. Precies twee weken later belde de cliënt op en vroeg om de stand van zaken. De advocaat heeft uitgelegd meer tijd nodig te hebben, waarop de cliënt boos werd en vond dat sprake was van een vertrouwensbreuk. De advocaat heeft aangegeven hem binnen twee dagen verder te kunnen informeren. Diezelfde dag mailde de cliënt dat als hij binnen de twee dagen niet van de advocaat zou horen, hij contact op zou nemen met de rechtsbijstandsverzekeraar, waarschijnlijk om een klacht in te dienen. Kort daarna heeft de advocaat de cliënt gemaild met een eerste advies en het aanbod om bij de wederpartij te informeren naar de status. De cliënt liet de advocaat per e-mail weten dat hij de wederpartij mocht benaderen om te vragen naar een geschikte oplossing, maar een aantal dagen later stuurde de cliënt zelf een mail naar de wederpartij met daarin verschillende vragen omtrent de stand van zaken en met een verzoek aan de wederpartij om daarop te reageren. Een aantal dagen later liet de cliënt weten op dat hij een klacht ging indienen bij de rechtsbijstandsverzekeraar. Dit was onverwacht voor de advocaat, aangezien hij in de veronderstelling verkeerde dat zij in afwachting waren van de reactie van de wederpartij. De advocaat heeft inderdaad een terugbelverzoek gehad van de receptie. Waarschijnlijk was hij toen met andere zaken bezig en heeft hij niet direct teruggebeld. De cliënt concludeerde hieruit dat hij geen aandacht had voor zijn zaak en verzocht hem het dossier te sluiten en de rechtsbijstand te berichten. Dat heeft de advocaat gedaan en hij heeft de cliënt per e-mail uitgelegd dat hij in de veronderstelling verkeerde dat de reactie van de wederpartij kon worden afgewacht en dat het hem speet als die veronderstelling onjuist was. De cliënt heeft daar niet op gereageerd. Twee dagen daarna heeft de cliënt de klachtenfunctionaris van kantoor benaderd. Nadien is wederom aangeboden in gesprek te gaan, maar dat wilde de cliënt niet. De advocaat stelt dat hij niet verwijtbaar heeft gehandeld en er om die reden geen grond bestaat om de cliënt een schadevergoeding toe te kennen. Los daarvan heeft de cliënt niet inzichtelijk gemaakt dat hij door het handelen van de advocaat schade heeft geleden en waar die schade dan uit bestaat.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
De commissie beslist naar redelijkheid en billijkheid, waarbij zij als maatstaf voor het handelen van de advocaat hanteert dat deze heeft gehandeld zoals verwacht mag worden van een redelijk bekwame en redelijk handelende advocaat.
De commissie stelt vast dat de cliënt de advocaat een aantal verwijten maakt omtrent zijn bereikbaarheid en de voortvarendheid waarmee het dossier van de cliënt ter hand is genomen. De commissie kan op grond van de overgelegde stukken en het verhandelde ter zitting niet vaststellen dat de uitvoering van de opdracht en de kwaliteit van de dienstverlening in het algemeen onvoldoende zijn geweest. Niet is komen vast te staan dat de advocaat is tekortgeschoten in zijn werkzaamheden. Hoewel de advocaat niet precies na twee weken zich had ingelezen in het dossier van de cliënt en een eerste advies had gegeven, zoals volgens de cliënt was afgesproken, is dit kort daarna wel gebeurd. Deze overschrijding van een paar dagen van de eerder overeengekomen termijn van twee weken acht de commissie niet dusdanig dat de advocaat hierdoor onzorgvuldig of nalatig heeft gehandeld.
De verwarring die hierna is ontstaan over het opnemen van contact met de wederpartij is ontstaan doordat de cliënt zelf een e-mail heeft gestuurd aan de wederpartij, terwijl hij kort daarvoor de advocaat juist had gevraagd om dat te doen. Dat de advocaat ervan uitging dat eerst een reactie van de wederpartij op de e-mail van de cliënt zou worden afgewacht alvorens hijzelf contact zou opnemen met de wederpartij, acht de commissie voorstelbaar. Er is sprake van miscommunicatie en niet van verwijtbaar handelen van de advocaat. De commissie kan zich de urgentie die de cliënt had bij de behandeling van zijn dossier goed voorstellen, maar niet kan worden vastgesteld dat de advocaat tekort is geschoten is zijn dienstverlening. Gelet hierop zal de klacht ongegrond worden verklaard.
Nu de klacht van de cliënt ongegrond wordt verklaard, is er geen grond tot toekenning van schadevergoeding. Los daarvan is door de cliënt niet aangetoond dat sprake is van geleden schade.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie:
– Verklaart de klacht ongegrond;
– Wijst af het door de cliënt verzochte.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Advocatuur, bestaande uit de heer mr. A.G.M. Zander, voorzitter, de heer mr. I.L. Haverkate, de heer H.W. Zuur, leden, in aanwezigheid van mevrouw mr. M. Gardenier, secretaris, op 6 december 2024.