Klacht over hoge netbeheerskosten bij leegstandscontract ongegrond verklaard

  • Home >>
  • Energie >>
De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: kosten/ overeenkomst    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 873852/929424

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument sloot telefonisch een leegstandscontract af en ging uit van jaarlijkse kosten van € 185,53. In de jaarnota van januari 2025 bleken de netbeheerskosten bijna € 4.000 te bedragen. De consument stelde verkeerd te zijn geïnformeerd en vroeg om herziening. De Geschillencommissie Energie oordeelde dat de ondernemer had gewaarschuwd voor de zware aansluiting (3x 63 Ampère) en dat de consument zelf contact had moeten opnemen met de netbeheerder. De klacht werd ongegrond verklaard en het depotbedrag van € 3.952,06 werd aan de ondernemer uitgekeerd.

De volledige uitspraak

Samenvatting
De consument heeft telefonisch een leegstandscontract afgesloten met de ondernemer. Een medewerker van de ondernemer heeft de consument dat aangeraden en gezegd dat de geschatte jaarlijkse kosten
€ 185,53 zou bedragen. Dat zou zijn inclusief leveringskosten, netbeheerskosten en energiebelasting.

In de jaarnota van 4 januari 2025 staat echter dat de netbeheerderskosten bijna € 4.000,– bedragen. De consument meent dat zij verkeerd is geadviseerd door de medewerker van de ondernemer en vraagt om herziening van de jaarnota en correctie van de ten onrechte in rekening gebrachte kosten.

De commissie wijst het verzoek af.

Beoordeling
Uit de stukken blijkt het volgende.

De consument had vanaf 3 januari 2024 tot 7 januari een leveringscontract met de ondernemer. Op basis van de informatie van de consument heeft de ondernemer de consument aangeraden om voor het betreffende leegstaande pand een leegstandscontract af te sluiten. De consument is daarmee akkoord gegaan.

Bij een dergelijk contract moeten naast eventuele verbruikskosten ook vaste kosten als vastrecht, netbeheerskosten en overheidsheffingen worden betaald. De ondernemer heeft op de hoogte van die kosten geen invloed. Hij factureert de kosten en draagt de betalingen van die kosten af aan de desbetreffende instantie.

Uit het overzicht dat de ondernemer heeft gegeven, blijkt het grootste deel van de jaarnota van 4 januari 2025 te bestaan uit netbeheerskosten. Verder blijkt uit het contract dat bij de stukken is gevoegd dat daarin staat opgenomen dat de jaarlijkse netbeheerskosten € 3454,59 bedragen.

De ondernemer heeft aangegeven dat hij de consument kort na het afsluiten van het contract de consument erop heeft gewezen dat de netbeheerskosten zijn gebaseerd op de capaciteit van de aansluiting in het pand van 3x 63 Ampère. De ondernemer heeft daarbij gewezen op het feit dat een dergelijke aansluiting groter is dan nodig voor een gemiddeld woonhuis. De ondernemer heeft ook nog aandacht gevraagd van de consument om na te gaan of die aansluiting echt nodig was, bijvoorbeeld in verband met een tandartspraktijk of professioneel gasgestookte apparatuur.

De consument is er daarbij ook nog op gewezen dat als een dergelijke aansluiting niet nodig zou zijn, dat de consument dan contact moest opnemen met de netbeheerder.

De consument zegt weliswaar daarvan niet op de hoogte te zijn geweest, maar de commissie heeft geen reden gevonden om te twijfelen aan het door de ondernemer gestelde. Een kopie van dat bericht is bij de stukken gevoegd.

De commissie wil aannemen dat de consument dat bericht van de ondernemer over het hoofd heeft gezien, maar dat kan de ondernemer niet worden verweten. De consument had op de hoogte kunnen zijn.
De consument had de hoge kosten kunnen voorkomen door na de waarschuwing van de ondernemer contact te zoeken met de netbeheerder. De commissie begrijpt dat er eerder in het pand een restaurant gevestigd is geweest.

De commissie is van oordeel dat niet is vast komen te staan dat de consument onjuist is geadviseerd bij het aangaan van het leegstandscontract. Veel eerder is er sprake van een misverstand.

De consument is er kennelijk van uit gegaan dat in de berekening van de geschatte energiekosten zoals die blijkt uit de pagina 5 van het contract ook alle vaste kosten zaten verwerkt. Op grond waarvan de consument dat heeft voorondersteld, weet de commissie niet.

In het contract op pagina 2 wordt uitdrukkelijk aangegeven dat het maandelijks termijn bedrag dat is genoemd, gebaseerd is op het verwachte verbruik van gas en stroom zoals de consument dat heeft opgegeven. Daarin is niet te lezen dat alle vaste kosten waaronder de netbeheerskosten daarin begrepen zijn.

De commissie is van oordeel dat de ondernemer niet verantwoordelijk is voor het ontstaan van dat misverstand.

Zoals eerder overwogen, is de ondernemer met betrekking tot die vaste kosten niet meer en niet minder dan een doorgeefluik en op bladzijde 1 van het contract staan de kosten bestaande uit energiebelasting, vaste leveringskosten en netbeheerkosten ook uitdrukkelijk vermeld. Door de consument erop te wijzen dat in het leegstaande pand een opmerkelijk zware aansluiting aanwezig was, heeft de ondernemer naar het oordeel van de commissie aan zijn verplichtingen voldaan.
Uiteindelijk is het de consument die moet beslissen of een bepaalde aansluiting wenselijk is voor het gebruik van een pand. Een ondernemer heeft daarover niets te zeggen.

Al met al is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Het door de consument in depot gestorte bedrag moet worden uitbetaald aan de ondernemer.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag als volgt verrekend.

Depotverrekening, bedrag aan ondernemer € 3952,06

Depotverrekening, bedrag aan consument € 0

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mevrouw mr. I.E. de Vries, voorzitter, de heer J.H.P.T. den Ouden, mevrouw E. Steenbergen – Amoraal, leden, op 14 mei 2025.

Opslaan als PDF