Commissie: Tweewielers
Categorie: (non)conformiteit
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
444885/566623
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument kocht in november 2021 een brommobiel voor € 13.858. Vanaf het begin waren er problemen met de accu. In november 2023 viel de brommobiel volledig uit en was niet meer te gebruiken. De ondernemer reageerde lange tijd niet op klachten en bood pas laat een oplossing aan. De commissie oordeelde dat de brommobiel niet voldeed aan wat de consument mocht verwachten en dat sprake is van non-conformiteit. Omdat de ondernemer niet binnen redelijke tijd tot herstel kwam, mocht de consument de koop ontbinden. De ondernemer moet de brommobiel terugnemen en € 8.000 betalen aan de consument, plus € 127,50 klachtengeld.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een op 1 november 2021 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een nieuwe brommobiel van het merk N-Light, type M4, tegen een door de consument te betalen prijs van € 13.858,–.
De overeenkomst is op 8 november 2021 uitgevoerd.
De consument heeft de klacht op 19 februari 2022 voorgelegd aan de ondernemer.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De brommobiel is op 8 augustus 2021 aan de consument geleverd door de ondernemer. De importeur is [bedrijfsnaam]. De koop vond plaats bij de ondernemer omdat de brommobiel op voorraad had. Vanaf het begin zijn er problemen met de accu geweest. Daarover is met de ondernemer en de importeur gecommuniceerd. Binnen het jaar schoot opeens het slot van de achterklep open en vloog de achterklep open. Onmiddellijk meldde de consument dit aan de ondernemer die haar daarover nooit heeft teruggebeld. Op advies van [bedrijf], dat niet tevreden was over de samenwerking met de ondernemer, werd de consument voor de reparatie verwezen naar een andere dealer in [plaatsnaam]. De reparatie werd aldaar netjes uitgevoerd en vanaf die tijd is de brommobiel in onderhoud geweest in [plaatsnaam].
Op 1 november 2023 ontstond een levensgevaarlijke situatie omdat de brommobiel plotseling uitviel en het scherm zwart werd. In overleg met de importeur is de brommobiel door de pechhulp naar de dealer in [plaatsnaam] gebracht. De importeur heeft toen contact gehad met de ondernemer, als verkopende partij. De ondernemer liet niets van zich horen. Door de dealer in [plaatsnaam] werd geconstateerd dat sprake was van een accuprobleem dat zij niet konden oplossen omdat de juiste onderdelen niet beschikbaar waren.
Op 19 januari 2024 belde de consument met de ondernemer en meldde nogmaals de problemen. De ondernemer gaf aan te gaan onderzoeken wat hij zou kunnen doen. De consument hoorde niets meer van de ondernemer en stuurde hem op 27 mei 2024 een aangetekende brief waarin zij de ondernemer 2 weken de tijd gaf om tot een oplossing te komen. Daarop reageerde de ondernemer aanvankelijk niet. De ondernemer blijft ontkennen dat hij verplicht is te repareren of ontbinden en beroept zich daarvoor ten onrechte op de fabrieksgarantie die zou zijn verstreken. Dat betekent echter niet dat hij geen onderdelen meer hoeft te leveren. Ook kon de ondernemer niet voorzien in vervangend vervoer.
De consument is niet akkoord met het voorstel van de aanbieder van 11 november 2024 om de kosten van het vervangen van het accupakket te delen en wel aldus dat de consument, de ondernemer en de importeur elk een derde van de kosten draagt, oftewel ieder een bedrag van € 806,66. De accu is vanaf het begin van de accu niet betrouwbaar geweest. Door laksheid en traineren van de ondernemer heeft de brommobiel vanaf november 2023 stilgestaan. Dat doet het voertuig geen goed. Vanaf het moment, te weten op 1 november 2023, toen de brommobiel stilviel, is de grens voor de consument bereikt. Haar gevoel voor veiligheid en vertrouwen is vanaf dat moment geheel verdwenen. Zij heeft noodgedwongen een andere brommobiel moeten aanschaffen en vele dubbele kosten moeten maken. Zij blijft erbij de koop te ontbinden. Het heeft allemaal veel te lang geduurd en veel geld en tranen gekost.
Ter zitting heeft de consument voor zover van belang nog het volgende naar voren gebracht.
De ondernemer heeft vanaf 1 november 2024 stilgezeten. De brommobiel staat nog steeds bij de dealer te Dodewaard. Ze blijft erbij de koop te willen ontbinden. Vanaf het begin was het rijden vol spanning. De consument wil na al hetgeen er gebeurd is niet meer in de brommobiel rijden. Om mobiel te blijven heeft ze aan andere brommobiel moeten kopen.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De ondernemer is de leverancier van de brommobiel en aanvaardt de verantwoordelijkheid daarvoor. De ondernemer betreurt het dat de consument zo weinig plezier van haar aankoop heeft gehad.
Het is juist dat de ondernemer de consument niet heeft teruggebeld na haar klacht over het defecte slot van de achterklep. Die nalatigheid werd pas in het telefoongesprek van 19 februari 2024 duidelijk en daarvoor heeft de ondernemer excuses aangeboden. De ondernemer heeft er begrip voor dat de consument om die reden naar een andere dealer is uitgeweken. Het probleem is door die dealer onder garantie opgelost. De tweede keer dat de ondernemer contact had met de consument was op 19 februari 2024 over het uitvallen van de brommobiel. Op dat moment was de garantie al meer dan drie maanden verstreken waardoor geen kosteloze reparatie meer kon plaatsvinden. De ondernemer informeerde bij de importeur, maar die gaf ook aan dat er geen sprake meer was van garantie. Van terugkopen kon geen sprake zijn. Eerst moest worden uitgezocht wat de oorzaak van het probleem was. In een telefoongesprek met de consument bevestigde de ondernemer nogmaals dat van een gratis reparatie geen sprake kon zijn.
Op 27 mei 2024 ontving de ondernemer een brief waarin kosteloos herstel werd geëist en bij gebreke daarvan ontbinding. Van non-conformiteit is geen sprake en evenmin van commerciële garantie. Het voertuig is niet onherstelbaar defect. De ondernemer is nooit in staat gesteld een diagnose te stellen. De garantie is verstreken en het leveren van onderdelen is niet de verantwoordelijkheid van de ondernemer, maar van de importeur. Het is de ondernemer niet bekend waarom het voertuig door de dealer in Dodewaard niet is hersteld. De brommobiel is door de dealer gedemonteerd om een diagnose te kunnen stellen. Een string van het accupakket is defect. De ondernemer accepteert geen voertuig dat door een andere dealer is gedemonteerd. De monteur die met de klus is begonnen moet deze afmaken.
Van de BOVAG heeft de ondernemer begrepen dat sprake is van 2 jaar garantie. Vanaf het 2e jaar moet de consument bewijzen dat sprake is van een ondeugdelijk product dat buiten de schuld van de consument kapot is gegaan. Aangezien het defect 2 jaar na de koop is opgetreden kan op deze garantie geen beroep worden gedaan. De importeur heeft aangegeven dat coulance wellicht mogelijk is, maar dan moet eerst de diagnose en het kostenplaatje duidelijk zijn.
Naar aanleiding van het onderzoek van de door de commissie ingeschakelde deskundige eist de ondernemer dat deze op korte termijn in ieder geval voor 28 oktober 2024 met een oplossing voor het herstel van de accu komt. Indien de importeur niet tijdig met een oplossing komt die door alle partijen wordt geaccepteerd, dan treedt het “non-conformiteitsbeginsel” in werking en zal de ondernemer de consument schadeloos stellen volgens de regel van de conformiteit en verhaal halen bij de importeur.
Het is juist dat het schikkingsvoorstel na 1 november 2024 is gedaan. Dat was een streefdatum. Het werd pas op 11 november 2024 duidelijk wat er aan de brommobiel mankeerde. De consument heeft 5000 kilometer met de brommobiel gereden. De ondernemer heeft de reparatie niet geweigerd, maar wel een kosteloze reparatie omdat de garantietermijn was verstreken. De ondernemer betreurt het dat een oplossing niet mogelijk is gebleken.
Ter zitting heeft de ondernemer voor zover van belang nog het volgende naar voren gebracht.
Pas in februari 2024 wist de ondernemer dat de brommobiel was uitgevallen. Van de BOVAG kreeg de ondernemer te horen dat hij niet kosteloos behoefde te herstellen. Inmiddels verkoopt de ondernemer geen brommobielen meer, maar alleen auto’s. Met de reparatie werd niet begonnen vanwege het kostenverhaal.
DESKUNDIGENRAPPORT
De door de commissie heeft blijkens zijn rapport het volgende vastgesteld.
Vaktechnisch oordeel
Het gebrek betreft een defect accupakket. Van deze accu zijn één of twee strings defect. Deze strings zijn niet leverbaar waardoor reparatie van onderhavig voertuig niet mogelijk is. De oorzaak hiervan betreft een eigen gebrek van de accu.
Omvang van de klacht
Ernstig
Technische oplossingen
In eerste instantie waren er geen onderdelen beschikbaar om het onderhavige voertuig weer rijbaar te maken. Na het gesprek op donderdag 10 oktober 2024 te Dodewaard is door de aanbieder contact opgenomen met de importeur. Hieruit is het volgende gebleken: door importeur Greenworldmobility is in november 2024 kenbaar gemaakt dat de accu hersteld kan worden, waarbij op deze reparatie een garantie van 12 maanden wordt gegeven.
Herstelkosten
De herstelkosten voor deze reparatie bedragen € 2.420,– inclusief BTW. Aanbieder heeft schriftelijk voorgesteld in een mail van 11 november 2024 om deze kosten te delen door drie. Dat wil zeggen dat de importeur, aanbieder, en klager ieder een derde bijdragen; ter grootte van € 806,66
Toelichting
Onderhavig voertuig is in november 2023 defect geraakt en is sinds die tijd niet meer rij baar. Nu 1 jaar later wordt er een voorstel gedaan om de accu te gaan herstellen. Voordat dit voorstel (november 2024) werd gedaan was het een feit dat er geen onderdelen beschikbaar waren en dat er geen deugdelijke reparatie kon worden uitgevoerd.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
In deze zaak klaagt de consument over een gebrek van haar bij de ondernemer gekochte brommobiel waardoor zij vanaf begin november 2023 geen gebruik meer van het voertuig heeft kunnen maken.
De consument heeft om reparatie verzocht, maar de ondernemer bleek niet bereid tot kosteloos herstel en heeft verder geen pogingen ondernomen om tot herstel te komen. Eerst nadat de consument een zaak bij de commissie aanhangig had gemaakt is de ondernemer zich actief met de zaak gaan bemoeien. De consument verlangt ontbinding van de koopovereenkomst.
De ondernemer voert verweer.
De commissie stelt voorop dat nu geen van de partijen de bevindingen van de door haar ingeschakelde deskundigen (gemotiveerd) betwist, zij diens bevindingen zal overnemen.
De commissie is niet bevoegd in het geval het geschil betrekking heeft op de aankoop van een nieuwe brommobiel en de consument zich baseert op de door de importeur/fabrikant verstrekte fabrieksgarantie. De commissie komt dan ook niet toe aan de vraag of ten tijde van het ontstaan van het gebrek nog sprake was van fabrieksgarantie.
Wel komt de consument, zoals de ondernemer uiteindelijk ook erkent, een beroep toe op de wettelijke garantie ook wel het conformiteitsbeginsel genoemd, dat is vervat in artikel 7:17 en volgende van het Burgerlijk Wetboek.
Deze bepaling houdt in dat het gekochte aan de koopovereenkomst moet beantwoorden en de eigenschappen dient te hebben die de koper mocht verwachten en die voor een normaal gebruik noodzakelijk zijn.
Vaststaat dat sprake is van een gebrek waardoor de brommobiel niet meer geschikt is voor een normaal gebruik. Ook staat vast dat sprake is van een eigen gebrek en niet een gebrek of defect dat als gevolg van het gebruik door de consument is opgetreden.
De commissie beantwoordt de vraag of sprake is van een gebrek dat non-conformiteit van het gekochte oplevert, bevestigend. Naar het oordeel van de commissie behoefde de consument gelet op de aard van de zaak, de koopprijs, de leeftijd van de brommobiel en het aantal met het voertuig gereden kilometers niet te verwachten dat een dergelijk gebrek optrad.
In geval van non-conformiteit kan de consument met recht aanspraak maken op – in beginsel – kosteloos herstel of vervanging. De consument kan eerst dan aanspraak maken op ontbinding van de overeenkomst, indien de ondernemer na in gebreke te zijn gesteld niet binnen de gestelde termijn aan zijn verplichtingen voldoet. Daarvan is in deze zaak sprake. De ondernemer heeft bij herhaling niet gereageerd op klachten van de consument en deze met een defecte brommobiel in de steek gelaten. Toen de ondernemer eindelijk in beweging kwam bleek het niet mogelijk om te voldoen aan een zelf gestelde fatale termijn om tot een oplossing te komen en werd deze termijn later als een streeftermijn aangemerkt. Daarbij komt dat de ondernemer in geval van overschrijding van die termijn, de toezegging deed om de consument kosteloos te stellen overeenkomstig de regels van de conformiteit. Om daarop later weer terug te komen. De consument mocht dan ook met recht teleurgesteld zijn in de ondernemer en een daaruit voortvloeiende actie instellen.
Gelet op alle omstandigheden en nu is voldaan aan de vereisten die aan een ontbinding van de overeenkomst worden gesteld, zie artikel 6: 265 lid 1 BW en het arrest van de Hoge Raad van 28 september 2018, ecli:HR:2018:1810, zal de commissie dan ook de door de consument verlangde ontbinding uitspreken.
Daarbij zal de commissie bepalen dat de ondernemer bij de (terug) levering gehouden is daarvoor een naar billijkheid begroot bedrag van € 8.000,– te voldoen. Naar het oordeel van de commissie is het redelijk om voor de gebruiksduur en het aantal gereden kilometers een gebruiksvergoeding ten laste van de consument te bepalen. Ook houdt de commissie rekening met de omstandigheid dat de consument vanaf begin november 2023 geen gebruik meer van de brommobiel heeft kunnen maken.
Op grond van het bovenstaande is de klacht van de consument gegrond.
Derhalve wordt beslist als volgt.
Beslissing
De commissie ontbindt de koopovereenkomst van 1 november 2021.
Dit betekent dat de consument de brommobiel met alle daarbij behorende papieren en accessoires aan de ondernemer, teruglevert, die de consument vrijwaart voor de brommobiel en daarvoor een bedrag van € 8.000,– aan de consument betaalt.
De aflevering van de brommobiel dient plaats te vinden op de plaats waar deze zich bevindt. De kosten van de aflevering komen ten laste van de ondernemer.
Een en ander dient uiterlijk binnen 4 weken na de verzenddatum van dit bindend advies plaats te vinden. Partijen dienen elkaar over en weer in staat te stellen hun verplichtingen uit dit bindend advies te kunnen voldoen.
De commissie wijst het meer of anders verlangde af.
Bovendien is de ondernemer gehouden het door de consument betaalde klachtengeld van € 127,50 aan consument te voldoen en zal overeenkomstig het reglement van de commissie aan de ondernemer een bijdrage in de behandelingskosten in rekening worden gebracht.
Aldus beslist en vastgelegd door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, mr. C.R.J.M. den Hartog-Kaaij en C.J. Bosboom, leden, op 11 februari 2025.